Om onze reisbelevenissen enigszins te ordenen hebben we van elk land de Highlights (samenvatting), Belevenissen (reisverhaal met foto's) en Route (kaart met daarbij waypoints van bijzonderheden) beschreven. Hieronder volgen onze reisbelevenissen van Ethiopië.
Is dit Ethiopië? Wat is de natuur waanzinnig mooi
hier!...
Bahir Dahr: weer zo'n mooi plekje aan het water...
'Euhh Juut, die meneren met geweren, heb jij die uitgenodigd?!'...
'Wel achter het touwtje blijven he'...
'Paul dit is mijn kant van het bed, opmuggen!'...
'Dan moeten we met z'n tweeën maar dat gevaarlijke stuk in het noorden van
Kenia doen'...
Het eerste stuk weg is prima, een paar honderd kilometer
asfalt
Vanaf Gedaref gaat de weg over in piste. Wel van redelijk goede kwaliteit
gelukkig. De grens met Ethiopië is nauwelijks noemenswaardig. Een over de weg
gespannen touw ergens in het dorp maakt duidelijk dat we aan de grens staan.
Zoals wel vaker moeten de douaniers nog worden opgetrommeld voor de nodige
formaliteiten. Helaas is ook hier de 'man met de stempel', oftewel het
douane-opperhoofd, niet aanwezig. Verdorie, we hebben echt geen zin om uren te
gaan zitten wachten tot meneer eindelijk eens terugkomt. Weet je wat, steek het
stempel maar in je ... we gaan wel zonder stempel op het carnet de grens over.
'Ho stop, wacht, kom hier, dat kan zomaar niet! O nee, moet je eens opletten.'
We stappen in de auto's, starten, in de eerste versnelling, koppeling op laten
komen en aufwienerschnitzel. Daaaaaaaag.
Aan de andere kant van het touw liggen de douaniers te
genieten van hun siesta
'Goedemiddag, wij zouden graag wat stempels ontvangen. Tja, dan zullen
jullie toch eerst veertig kilometer verder moeten rijden. Verder rijden? Ja, wij
geven hier geen stempels, we controleren alleen de auto. Natuurlijk. Weet je
wat, dan doen we de controle ook wel over veertig kilometer. Nou ja euhh..
Bedankt, daaaaaaag.'
Dat gaat lekker zo. Met enige vorm van geluk lopen we wel iemand van de politie
tegen het lijf, zij stempelen de paspoorten. Deze meneer is erg behulpzaam. En
snel! In een paar minuten zijn de juiste formulieren ingevuld en de stempels
gezet. Perfect.
De weg/het pad is van belabberde kwaliteit
Diepe kuilen, grote gaten, veel keien. We schommelen heel langzaam door het
grensdorpje, iets wat we liever niet doen. In veel grensdorpen vinden we de
bevolking niet al te vriendelijk. Hoe sneller we erdoorheen kunnen hoe beter.
Belabberde wegen werken daaraan niet mee... Gecombineerd met de slechte verhalen
die we over Ethiopië hebben gehoord (zoals stenengooiende mensen...) zijn we op
het een en ander voorbereid.
We zwaaien veel, proberen iedereen aandacht te geven. Gelukkig blijven de stenen
ons bespaard.
Om ons heen zien we de natuur mooier en mooier worden
Dit kan toch niet Ethiopië zijn, in Ethiopië is 'alleen maar droogte en
hongersnood'. Mooi niet dus! West Ethiopië is waanzinnig mooi. Het is er groen,
heuvelachtig, afwisselend qua begroeiing en afwisselend qua dorpen (lemen
hutjes, stenen gebouwen, op het platteland of midden in de bush). Wauw, rijden
hier is heerlijk!
Meest van tijd rijden we boven de tweeduizend meter. Lekker koel dus (een
graadje of vijfentwintig à dertig...). Over de enige bergweg in de regio
slingeren we ons naar boven en beneden. De kwaliteit van de weg laat regelmatig
echt te wensen over (soms is er geen weg...), maar goed dat we Shaggy hebben!
Men is wel bezig met de aanleg van een nieuwe weg, maar zoiets kan hier erg lang
duren. De aanvoer van materieel en personeel is niet eenvoudig (en kostbaar),
zeker in het regenseizoen. Soms rijden we stiekum over de nieuwe weg, wel
oppassen voor opstakels en moetwillige sleuven in de weg.



We blijven ons verbazen over de prachtige
natuur, dit is toch echt Ethiopië
Een ander fenomeen waar we ons over verbazen is de onoplettendheid van de
locals. Zoals hierboven beschreven, de wegen zijn vaak van beroerde kwaliteit.
We zijn al blij als we de auto heelhuids op de weg kunnen houden. Maar wat veel
gevaarlijker is, zijn de mensen zelf die meest van tijd midden op de weg lopen!
Levensgevaarlijk!! In het begin rijden we met een voorzichtig gangetje de dorpen
binnen, de locals hebben dan ruim de tijd om aan de kant te gaan. Maar denk maar
niet dat ze dat doen hoor. Welnee, 'You You You' roepen en nog dichter naar de
auto komen, dat is wat ze doen! Echt ongelofelijk. Een nieuwe strategie: met een
stevige gang het dorp in rijden. Wat denk je, geen millimeter gaan ze aan de
kant. En nou?! We willen het echt niet op ons geweten hebben dat we iemand van
de weg rijden. Toeteren dan maar. Natuurlijk, leuk geprobeerd... Uiteindelijk
blijft er maar één oplossing over, stapvoets door de dorpen heen rijden én
toeteren!
De reacties op onze strategie zijn wisselend
Sommige mensen zijn 'blij' verrast, andere minder blij verrast (en dat is
een understatement). Dit wil ook nog wel eens verschillen met wie er op dat
moment chauffeurt...
Onze Engelse reiscollega's hebben de gewoonte om daar waar mogelijk een kopje
thee te drinken. Een goede gewoonte! We passen ons dan ook snel aan en genieten
van de nieuwsgierige locals om ons heen. Soms zijn ze echter met zoveel, zo
dichtbij (en ze ruiken zo verschikkelijk vies) dat het niet meer comfortabel
aanvoelt. Het loslaten van onze 'persoonlijke ruimte' lijkt het devies.
Ook het 'You You You' vraagt om gewenning
We proberen het voor onszelf maar zo te vertalen dat het 'Hallo, hoe gaat
het met u' betekent. Dit wil niet echt lukken... Alsof men niet meer dan deze
drie woorden Engels spreekt. Vaak volgt na deze onprettige bejegening het
welbekende 'lalala geld' gebaar! Hmmm, alsof wij een money-tree (neen, geen
Cherry-tree) achter in de auto hebben staan!!
Als we in de buurt van Gondar komen rijden we ineens op
prachtig asfalt
Hoe is het mogelijk, honderden kilometers ruige piste en ineens is daar weer
asfalt. Niet voor lang hoor, hooguit twintig kilometer. Tien kilometer links van
Gondar en tien kilometer rechts. Aangezien het vandaag zondag is lukt het niet
om in de bank geld (dollars) te wisselen. Dan maar via het zwarte circuit. Het
leuke daarvan is dat we nooit weten waar de transactie gaat plaatsvinden. Dit
keer wisselen we in de wasserette, heel apart!
In het hotel ontmoeten we een groep Nederlanders die voor drie weken een rondrit
door Ethiopië hebben gemaakt. Altijd leuk om onderweg Nederlanders te
ontmoeten, ook dit keer.
Vanuit Gondar rijden we langs Lake Tana naar Bahir Dahr
Mooi, mooi, mooi! Dit benne de routes. Ondanks dat de weg slecht is genieten
we met volle teugen. En net als in Gondar, zo gauw we Bahir Dahr binnenkomen
rijden we op prachtig nieuw asfalt. Bij de eerste de beste gelegenheid stoppen
we de auto's, rennen het cafe binnen en bestellen een kop koffie; uit de
koffiemachine! Geen oploskoffie, echte koffie. Ethiopië staat bekend om z'n
goede koffie(bonen), nou dat willen we dan zelf wel eens beoordelen. De koffie
is lekker, erg lekker. Zelfs zo lekker dat we nog maar een bakkie nemen (en nog
een, en ...).
Tegen lunchtijd verlaten we het cafe. Een paar kilometer verderop
moet een hotel aan het water zijn, daar lunchen lijkt perfect. Om een lang
verhaal maar weer eens kort te maken: het uitzicht is fantastisch (over het
water, tussen de enorme bomen, met veel verschillende vogels); de lunch is
heerlijk; een kampeerplek (aan het water) is geen probleem; we hebben
gelegenheid om met thuis te bellen; een pc waarop we kunnen internetten; relaxte
muziek; yep, weer zo'n ideale plek.
Omdat het zo goed bevalt blijven we een
dag langer dan verwacht
Tobi en Wendy trachten, voor de verandering, hun LR weer eens te repareren
(nadat ze op een haar na een brug hadden gemist omdat de remmen het niet meer
deden...). Andy leest een boek, wij rommelen wat aan.
Voor ons ligt nog een paar honderd kilometer beroerde dirt-road, ons geestelijk
voorbereiden (ja hoor) kan geen kwaad. We proberen een inschatting te maken van
de route en benodigde tijd; met name om de auto's voldoende tijd te geven om te
herstellen van de beroerde wegen. Dagenlang over stenen, keien en potholes
crossen heeft absoluut z'n weerslag op de LR's. Gaandeweg de dagen zien we her
en der lekkages ontstaan. Geen grote plassen, wel 'zweetplekken'. Voor 'handige'
mensen zoals Judith en ik is dat niet bepaald rustgevend... Gelukkig is Shaggy
een echte bikkel, weliswaar hevig zweten maar geen echte klachten
(afkloppen!!!). De roze LR heeft aanzienlijk meer klachten. Regelmatig staan
Tobi en Wendy dan ook 's avonds te klussen.
Ook zo tijdens een van onze bushcamps
Andy verleent Tobi en Wendy geestelijke ondersteuning, ik ben op zoek naar
reserve onderdelen en Judith is bezig met eten koken. Schuin rechts van ons
zitten een aantal locals de situatie eens goed te bekijken. Ze vragen nergens
om, ze kijken alleen maar. Hoe ze ons vinden is elke keer weer een raadsel. Dit
keer zijn we echt honderden meters van de doorgaande weg gereden, een berg op
midden tussen de bomen. Toch staan er binnen een paar minuten weer locals om ons
heen. En als we eenmaal gespot zijn...
De taken zijn dus verdeeld, iedereen is in de weer. Vanachter de auto hoor ik
ineens mannenstemmen erg luidruchtig hun komst melden.We verstaan er geen bal
van, maar het kabaal maakt duidelijk dat er mensen aankomen. Ik kijk de kant van
het kabaal op, zie dat Judith met de heren 'in gesprek' is. Beide mannen hebben
een onverzorgd uiterlijk, beschadigde kledij en op de rug een AK-47. Ze praten
erg luid, hebben ze gedronken? Ik voel me niet op mijn gemak, gezien de reactie
van Judith zij ook niet. Wendy, Tobi en Andy besteden nauwelijks aandacht aan de
heren, zij zijn te druk met hun auto. De heren proberen ietwat schreeuwerig met
Judith te communiceren. Judith lijkt geïrriteerd te raken, haar body-language
spreekt boekdelen: oprotten en gauw! Hoe harder de heren om aandacht vragen hoe
minder aandacht ze van Judith krijgen. Van een afstandje blijf ik de situatie
gadeslaan.
Als de heren zien dat hun optreden weinig indruk maakt keren
ze plotsklaps om, en zo onverwacht als ze kwamen zijn ze ook weer verdwenen
Echt lekker heb ik niet geslapen.
We proberen vandaag Addis te breiken. Wij voorop, de Engelsen in de
achtervolging. We zijn hooguit een kwartier onderweg als Judith vraagt of ik de
Engelsen nog zie. 'Een paar minuten gelden heb ik ze nog wel gezien. Prima, maar
zie je ze nu ook nog? Euhh nee.' We besluiten te stoppen, hopelijk zijn ze niet
al te ver achter ons. In het begin van Ethiopië zijn we ze ook al een keer een
uur kwijt geraakt, toen ze bijna de brug raakte... Dat willen we liever niet nog
een keer meemaken! Na tien minuten zien we nog steeds geen roze LR, hmmm nog
good. 'Keren? Yep.'
Een paar kilometer terug zien we de roze LR met de motorkap
open
'Damn, dit ziet er niet goed uit.' Een kapotte dynamo zorgt ervoor dat de
Engelsen niet verder kunnen. We parkeren Shaggy voor de roze LR, gevaren lichten
aan, stoelen eruit. 'You want some tea?' Tja, met onze 'twee linkerhanden'
kunnen we helaas niet meer dan dat voor ze doen.
Met behulp van een handvol monteurs uit het dorpje een paar kilometer verder
terug kunnen we na vijf uur! eindelijk weer verder, op weg naar Addis Abeba.
Gezien de vertraging is het niet mogelijk
om vandaag Addis al te bereiken
Dan nog maar een avondje bushcampen. Hoe dichter we de hoofdstad naderen hoe
drukker het langs de weg wordt. Meer auto's, meer mensen (op de weg), meer
dorpen, meer problemen om een rustige kampeerplek te vinden. Het begint al te
schemeren als we rechts van ons een aantal bosjes zien. 'What do you think,
shall we try to find a campspot near the bushes out there? Yeah, fine to us.'
De bosjes liggen een paar honderd meter van de weg. Zigzaggend over akkerland rijden we
naar de bosjes toe. 'Ach nee he, er staan hutjes in de bosjes. Verdorie, daar
staan inderdaad mensen. Wat zullen we doen? Laten we in ieder geval vragen of we
hier mogen overnachten. Dan kunnen we altijd nog een andere plek zoeken, maar
het is al bijna donker.'
'Good evening, do you speak English? Hu? Oke, Francais? Hollands? Chinees?' De
mensen snappen er echt de ballen van. Wij snappen net zoveel van hun reactie.
Tijd voor handen en voeten werk. Gelukkig spreken zij dat ook! We begrijpen dat
we hier mogen overnachten. De vraag is echter of wij dat ook willen. Ondertussen
is het halve dorp uitgelopen, zeker dertig man staat rond onze auto's opgesteld.
'Het duurt vast niet lang meer voor het donker is, dan gaan ze wel weg.' Ja ja.
Dat pakte heel anders uit...
Van
voren, van achteren, zelfs van opzij probeerde men een glimp van 'die rare
muzungos met al hun spullen' op te vangen. En stapje voor stapje kwam men
dichterbij. Zelfs in het pikkedonker was ons publiek niet weg te slaan. 'You
know what we do, we put our tent in front of the cars and tighten a row between
the cars and the tent. How about that?! Prima idee Tobi, hebben jullie hulp
nodig? No we are doing fine.'
We hebben de mensen echt weg moeten duwen om de tenten neer te kunnen zetten. De
touwen hebben we op heup hoogte gespannen anders liepen de mensen er zo overheen
om maar zo dicht mogelijk bij ons te zijn, gezellig...
Uiteindelijk zijn we maar vroeg naar bed gegaan. Niet geheel onverstandig, om
vijf uur 's ochtends stonden de eerste bewonderaars al weer klaar! Zachtjes
praten, wat is dat?! Luid sprekend stonden de mensen om onze tent heen: 'Good
morning, how are you?' 'Paul, ik ga zo iemand vermoorden! Juut, ik begrijp dat
je boos bent, maar we staan wel op hun compound. Niks mee te maken, de eerste de
beste die ik...'
Tegen half acht zijn we vertrokken, lekker
vroeg!
Aan het eind van een lange, lange dag rijden we tegen vijf uur Addis Abeba
binnen. Met behulp van een taxi vinden we midden in de sloppenwijken het enige
hotel van Addis (volgens de Lonely) waar we ook kunnen kamperen. Hmmm, is dit
een goede keus zo midden in de sloppenwijk? 'How much is it for camping? Vier
euro, oke and a room how much is that? Zes euro. We'll take a room!'
De kamer is voldoende groot om het gros van onze kampeerspullen te herbergen; we
verhuizen de tafel, stoelen, kooktoestel etc. etc. de kamer in. Het lijkt wel
overdekt kamperen. Met warme douche!
's Avonds eten we met Wendy en Tobi in het restaurant van het
hotel
De lokale house-band leukt het geheel nog een beetje extra op. Niet echt
hard hoor: 'WAT ZEG JE, IK KAN JE NIET VERSTAAN DE BAND SPEELT NOGAL HARD!!!' Al
schreeuwend genieten we van onze aankomst in Addis. Pilsje erbij, nog één,
nog...
Gedurende de gehele nacht horen we 'in de verte' de muziek uit het restaurant
komen. Frustrerend is zoiets, zeker als blijkt dat het bed ook nog aan de smalle
kant is. Hoe meer lawaai, hoe meer wij in bed liggen te draaien. In de tent is
dat ietwat ongemakkelijk, maar in een (te) klein bed is dat helemaal lache...
Gaandeweg de nacht hebben we de grootste gevechten. Wie duwt als eerste de ander
uit het bed?! Wie krijgt de dekens?! Wie de veels te harde kussens?! Wie de
bed-bugs?!!
Om drie uur 's nachts staan we in de stromende regen onze
eigen dekbedden en kussens van het roofrack te pakken
Ook de anti-bed-bug-bus komt uit z'n kist. Het bed wordt ondersteboven
gekeerd, de deur opengelaten (om de anti-bed-bug-lucht te laten ontsnappen). Om
te voorkomen dat we elkaar nu nog het bed uitduwen maken we afspraken over 'mijn
gedeelte' en 'jouw gedeelte'. Lepeltje lepeltje vallen we in slaap...
De volgende dagen zijn voor ons lekker
ontspannend
We
struinen door de stad, staan verbaasd te kijken naar moderne gebouwen in oude
sloppenwijken, testen de koffie in elk cafe dat we tegenkomen, gaan dagelijks
ergens anders eten, plegen (beperkt) onderhoud aan Shaggy, kletsen met 'all kind
of people', regelen ons visa voor Kenia en zijn op vrijdagochtend echt gereed
voor vertrek. Zowel het materieel als het personeel is in goede conditie! Helaas
kunnen we dat niet zeggen van onze Engelse reis-collegae. Al dagen zijn ze bezig
om de LR gereed te krijgen. Tijd voor ontspanning is er niet. Uit ervaring weten
we dat dat op een gegeven moment gaat opbreken. Ook bij hun.
Sinds dinsdag hebben we op hun 'gewacht' om te kunnen vertrekken; vandaag is het
vrijdag. In goed overleg besluiten wij om te vertrekken. 'We zullen het vandaag
rustig aan doen zodat we elkaar vanavond in Awassa kunnen ontmoeten. Lukt dat
niet, dan zien we jullie morgen bij de grens.' Dit blijkt achteraf een goede
keuze te zijn geweest. Tobi, Wendy en Andy zijn een kleine twee uur na ons
vertrokken, een half uur later stonden ze weer in de garage...
Vanuit Addis rijden we naar Awassa
Waar we 's middags genieten van de rust aan Lake Awassa. 's Avonds krijgen
we van de Duitse camping-eigenaresse een waanzinnig viergangen diner
voorgeschoteld. Heerlijk!! Met het buikje rond duiken we tegen tienen ons tentje
in, morgen weer een lange dag te gaan.
De weg naar de grens met Kenia is prima. Tegen drie uur hebben we dik
vijfhonderd kilometer en verschillende hart-attacks achter de rug: mensen,
koeien, geiten, fietsers etc. steken te kust en te keur de 'snelweg' over,
daarbij niet op of omkijkend of dat wel kan... Maar goed, halverwege de middag
staan we dus aan de grens met Kenia. Het is schier bovenmenselijk, we zijn bijna
in Kenia!!
1: Bush
camp, In dit deel van Ethiopië hadden we nog enigszins de ruimte, dat ging
later wel veranderen...
2: Gondar - Therahotel (o.i.d) Camperen op de parkeerplaats, niet
echt ideaal. Pas op, de bewaker is nogal agressief.
3-5: Bush camps, Waar vinden we in hemelsnaam een 'verlaten'
plekje in Ethiopië?
6: Addis Abeba - The Bel Air Hotel (vergeten...) We konden hier wel
camperen, maar voor die ene euro extra hebben we lekker een kamer genomen!
7: Awassa - Adenium (N07° 04' 37.6"; E038° 29' 03.0") De
camping is nog niet je van het, maar het eten is hier waanzinnig goed!!!
8: Moyale - camping... (N03° 31' 04.9"; E039° 03' 00.3")
Eigenlijk al in Kenia, maar heeeel dichtbij Ethiopië.
Periode: 22 februari 2002 - 9 maart 2002