Om onze reisbelevenissen enigszins te ordenen hebben we van elk land de Highlights (samenvatting), Belevenissen (reisverhaal met foto's) en Route (kaart met daarbij waypoints van bijzonderheden) beschreven. Hieronder volgen onze reisbelevenissen van Kenia 1.
'Zouden hier echt bandieten zijn? Welnee jôh, het is alleen maar
geldklopperij'...
We zijn in Nairobi!!!...
'Don't touch me motherfu..'...
Hij komt, hij komt, die lieve goede broeder Babbalullus...
Gelukkig is in Ethiopië de grens op zondag wel open
De douane-meneren zijn zelfs vriendelijk. De geldwisselaar op straat het
tegenovergestelde. Met een paar Kenia-Shilling op zak (voor eventuele
omkoopsommen) naderen we de grens van Kenia. Wat het eerst opvalt is de enorme
billboard vlak voor de grens: Left Hand Drive in Kenia! Oeps, dat wordt wennen.
Het begint al met parkeren aan de grens, 'Paul, je moet hier links parkeren
hoor. F..., vergeten. Je zult het onderweg nog zeker een paar keer tegen me
moeten zeggen hoor, want ik vergeet zoiets.'
De grens van Kenia was easy
Hooguit vijftien minuten hebben we nodig om de drie kantoortjes te bezoeken.
Een paar honderd meter verder rijden we het centrum in, 'weten we een campsite
in Moyale? Ik niet, heb jij nog in de Lonely o.i.d. gekeken? Euhhh nee, maar we
vinden wel iets joh. Ik ga hier wel linksaf, dit is volgens mij het hoofd
zandpad.'
Links van ons zien we een hotel, bank, veel kleine winkeltjes en twee blanken. 'Hey
kijk, nog meer whities hier. Maar kijk nou dan, dat zijn Julia en David!
Remmen!' Julia en David zijn net zo verbaasd als wii, tijd voor een biertje...
Tot laat in de avond wisselen we verhalen uit
Gezellig hoor zo'n weerzien. Elke keer weer blijkt het reizigerswereldje
kleiner te zijn dan we in het begin dachten.
Julia en David hebben de nodige informatie met betrekking tot het konvooi reeds
verzameld. In verband met bandieten in Noord Kenia is het, volgens de
plaatselijke autoriteiten, noodzakelijk om in gewapend konvooi de aankomende
vijfhonderd kilometer te rijden. Volgens ons is het dikke geldklopperij! Maar
ja, weinig keus: zij hebben geweren, wij niet.
'Het konvooi vertrekt om negen uur in de ochtend, verzamelen
op de grote kruising'
Tegen half negen arriveren we op de bewuste kruising, licht gespannen voor
de route die gaat komen. Van verhalen weten we dat de route 'de slechtste van
heel Afrika' moet zijn. Samen met de zogenaamde bandieten kan dat nog erg leuk
worden.
De registratieprocedure is simpel en snel. Stipt negen uur krijgen we het sein
dat we mogen vertrekken. Vanuit Moyale gaat is er maar één doorgaande weg naar
Marsabit (tweehonderdvijftig kilometer), dat maakt het vinden van de juiste
route wel erg makkelijk. Onze LR's rijden voorop in het 'konvooi'. Achter ons
zijn diverse vrachtwagens, zij vertrekken echter enige (tientallen?) minuten na
ons. Prima hoor, alleen zullen we er vast ook wel komen.
In beginsel is de weg nog redelijk
Dit verandert helaas veels te snel in gladde hobbelwegen met diepe kuilen en
enorm veel keien, rotsen en uitgesleten sporen. We moeten kiezen: of twintig à
dertig kilometer per uur of zestig à tachtig kilometer per uur. Natuurlijk
kiezen wij (uit veiligheidsoverwegingen, als we maar snel genoeg zijn kunnen
'ze' ons toch niet pakken) voor het laatste. Met gevaar voor eigen leven lijken
we soms over de weg heen te vliegen. 'Paul het hoeft niet stuk he!! Sorry...'
Maar we schieten wel lekker op! De regen heeft de weg op diverse stukken erg
glad gemaakt. Regelmatig hebben we dan ook het idee dat we meer met een
ijs-speedway wedstrijd bezig zijn dan met een veilige trip van A naar B.
Ondanks de nodige checkpoints onderweg bereiken we vijf uur later, als eerste,
Marsabit. Wauw, we zijn nu best een beetje moe. Bij het eerste de beste 'cafe'
bestellen we een grote kop thee, in afwachting van David en Julia. Een uur later
is nog niemand gearriveerd. 'Hebben wij nou zo hard gereden???' Dan eerst maar
een campsite of hotel voor de nacht vinden, en informatie over het konvooi van
morgenochtend.
Een campsite is met behulp van een vriendelijke student snel
gevonden
Een prachtige campsite zelfs. In het begin van het natuurreservaat, midden
tussen de bomen. Helaas blijkt de vooraf afgesproken prijs later niet meer
haalbaar waardoor we alsnog in een hotel belanden. Goede keus, want in het begin
van de avond zien we ook Julia en David hier binnen komen. Met kapotte
schokbrekers hebben ze er uiteindelijk tien uur! over gedaan...
Aangezien het konvooi de volgende ochtend om zes uur vertrekt, liggen we
redelijk op tijd in ons bedje. We slapen slecht, bang dat we ons verslapen. Het
konvooi van de volgende ochtend is helemaal een lachertje. Gedurende een uur
vertrekken de vrachtauto's per twee of drie tegelijk, van een konvooi is echt
geen sprake. Wij proberen bij twee vrachtauto's aan te sluiten. Een
overijverige, jonge, op geld beluste militair verhindert ons, middels
spijkerplaten voor onze banden, echter door te rijden als de trucks vertrekken.
Snotver, de snotver! Ik spring uit de auto, priem mijn rechterwijsvinger diverse
malen op zijn borst en vraag waar hij in hemelsnaam mee bezig is. De jonge knaap
maakt duidelijk dat wij niet zonder gewapend escorte verder mogen. 'Wij rijden
met de trucks mee, en daar zitten gewapende militairen op. So, what's the problem?!
Tja, heel jammer voor u, maar zonder gewapend escorte gaan de spijkerplaten echt
niet aan de kant. Duizend bommen en granaten, nou....' Uiteindelijk betalen we
vier euro om verder te mogen. De ratten!
In het donker beginnen we aan de
tweehonderdzestig kilometer van Marsabit naar Isiolo
Hooguit
een half uur later zien we rechts van de weg een truck stilstaan. Hmm, was da?
Rustig naderen we de vrachtauto. Niks bijzonders te zien, waarom staan ze dan
stil? Bovenop de truck zien we een man naar iets in de bush wijzen. Automatisch
kijken we naar links, niks te zien. Hier klopt iets niet. We vragen wat er aan
de hand is. 'Elephants, out there in the bush.' Voor ik het weet staat Judith
bovenop het roofrack. 'Kijk daar een olifant!! Gaaf!'
Niet veel later stoppen we nog een keer om Julia en David gedag te zeggen. Zij
rijden een stuk rustiger om voldoende opnames te kunnen maken voor 'Crossing
Africa'. Terwijl we gedag zeggen komen een aantal Samburi-'krijgers' op ons
afgelopen. Een apart gezicht: een rood kleed om hun middel, diverse kettingen om
de nek, enorme gaten in de oorlellen, een vettige laag van het een of ander op
het lijf en in het haar, een speer in de rechterhand en een zaklamp in de
linker. Mooie combinatie...
Onderweg komen we ook nog andere reizigers tegen die en-route
zijn naar Ethiopië
Duitsers, Engelsen en een Nederlandse truck. Aangezien we een lange dag voor
de boeg hebben (in totaal vijfhonderdvijftig kilometer!) stoppen we alleen voor
een praatje met de Duitsers, die we als eerste tegenkomen. Naar de Engelsen en
Nederlanders zwaaien we uitbundig. Hadden we maar wel gestopt. Twee dagen later
komen we op de campsite in Nairobi wederom de Nederlandse truck tegen. Twintig
minuten nadat we elkaar zijn gepasseerd zijn zij door een groep (pakweg twintig
man) schietende bandieten overvallen!!! Fuckerdefuck, tien minuten daarvoor
hebben wij dus op datzelfde punt gereden, brrrrrr.
Uiteindelijk bereiken we tegen het middaguur Isiolo, asfalt!
O wat is dit weer lekker. Eindelijk rust aan het hoofd: geen gebonk, geen
kabaal, geen gestuiter, niet meer onverwacht glijden, geen slijtage aan Shaggy.
Nog wel driehonderderd kilometer naar Nairobi. Goed gemutst trappen we het
gaspedaal nog iets verder in. Aan de linkerkant van de weg natuurlijk.
Kwart over vijf rijden we de suburbs van Nairobi in, kwart voor zes staan we
voor de campsite. Jongens, jongens wat is dit een goed gevoel: we zijn in
Nairobi, een mijlpaal!
De aankomende dagen zijn top!
We kletsen veel, heel veel met de reizigers om ons heen; gaan bijna
dagelijks wandelend de stad in om 'niks' te doen; genieten van Java Coffee
House, postpakketjes, milkshakes, het updaten van onze site, reggae, Hooters, de
locals in het park, een warme douche, emails en heel veel lekker eten en
drinken; hebben mot met een zakkenroller (gewoon afblijven!) en houden vakantie!
Drie weken op dezelfde plaats, dat is lang geleden.
En morgen, ja morgen is het zover
Rogier, Judith d'r broeder komt op bezoek!!! Twee weken samen door Kenia en
Tanzania. Dat gaat echt te gek worden.
Op vrijdag en zaterdagavond/nacht 'genieten' we van de muziek van de vlakbij
gelegen nachtclub. Aangezien het vandaag goede vrijdag is, een feestdag, hebben
we afgelopen nacht ook al de nodige muziektonen om onze oren gehad. Normaal
gesproken kunnen we middels onze oordoppen het geluid met enige decibels
reduceren. Aankomende nacht zal dat niet lukken, we willen namelijk zeker zijn
dat we om 04.30uur het alarm horen. Half slapend half wakend brengen we een paar
uur in bed door. Als om half vijf de wekker gaat zijn we beide geradbraakt.
Het vooruitzicht dat we over een paar
uur met Rogier aan het ontbijt zitten maakt een hoop goed
Effe snel onder de douche doorrennen, een broodje eten en wachten op de
taxi. Met Joseph, de taxichauffeur, hebben we diverse malen 'het scenario'
besproken, dus dat moet goed gaan. Toch?! Verdorie, das waar ook we zijn in
Afrika. En daar gaat nog wel eens iets mis...
Zo ook deze ochtend. Voor de zekerheid hebben we met Joseph om 05.00uur
afgesproken; een half uur eerder dan echt noodzakelijk. Om tien over vijf is
Joseph nog steeds niet gearriveerd. De muziek van de nachtclub is om stipt vijf
uur wel gestopt. We vragen Djuma, de bewaker, of hij Joseph wil wakker maken.
Joseph woont gelukkig niet al te ver weg. Wij pakken ondertussen de tent in. In
het geval dat we helemaal geen taxi kunnen krijgen kunnen we in ieder geval nog
met onze Shaggy naar het vliegveld.
Als we de laatste tentclip dichtmaken komt Joseph de campsite
oprijden
Vijf voor half zes. 'Wat doen we, Joseph z'n huid vol schelden en zelf met
de auto rijden of duidelijk maken dat we niet blij zijn maar toch met hem
meewillen? Hmm, tja we wisten dat het kon gebeuren. Dat is waar, laten we maar
met de taxi gaan.' En zo geschiede.
Krap zes uur staan we op het vliegveld. Mooi op tijd, aangezien het vliegtuig
pas om kwart over zes zal landen. Een kopje koffie helpt ons bij het wakker
worden. Als we iets voor half zeven op het bord zien dat Rogier is geland raken
we toch ietwat gespannen. Na dik zes maanden zien we eindelijk weer een
familielid!
We vinden een goed plekje, vlak voor de deur van de
aankomsthal
Vanaf hier kunnen we alle trappen en bagagebanden zien. Tientallen zo niet
honderden mensen komen van de trappen de aankomsthal binnen, lopen langs de
bagagebanden en komen voor ons langs de aankomsthal uit. Hmm, geen Rogier te
bekennen. We maken samen grapjes over wat er allemaal wel niet mis kan zijn
gegaan: het verkeerde vliegtuig, Rogier krijgt geen visum, de tax-free area is
te gezellig, een schone dame in het vliegtuig heeft Rogier voor het ontbijt
uitgenodigd etc. etc. Waar we geen grapjes over maken is de mogelijkheid dat we
een dag te vroeg of te laat zijn. Over zoiets maak je natuurlijk geen grapjes...
De volgende ochtend staan we wederom om half vijf naast ons
bed
Rijden we zelf met Shaggy naar het vliegveld, drinken we op dezelfde plek
een kopje koffie en staan we op dezelfde goede plek voor de deuren van de
aankomsthal. Hoe krijgen we het voor elkaar, een dag te vroeg op het vliegveld!!
Yahooooo
daar is tie!!! Dikke knuffels over en weer. Wat is dit een goed gevoel. Al
kletsend lopen we naar Shaggy. We frommelen de rugzak en Rogier achterin de
auto. En kletsen, kletsen, kletsen. Als we op de campsite aankomen is het nog
geen seconde stil geweest in de auto. Onder het genot van koffie en broodjes
praten we lekker verder, genieten we van alle nieuwe cd's die Rogier heeft
meegenomen, beginnen we met het inbouwen van de waterpomp (ook deze heeft Rogier
meegenomen) en maakt Rogier kennis met diverse andere reizigers.
's Middags lopen we door het Uhuru Park naar het centrum
Vandaag is het eerste paasdag. In het gelovig Kenya wordt dit uitgebreid
gevierd met muziek en dans. Aan de rand van het park staan honderden mensen te
swingen op lokale gospelmuziek. De meesten staan redelijk dicht bij elkaar,
sommige staan echter tientallen meters verder helemaal alleen te swingen in hun
nette pak. De mensen stralen plezier uit, heerlijk!
We lopen een rondje door het rustige centrum, bellen met paps en mams Bisschop,
pakken de auto in (wat een uitdaging is) en ouwenelen het avondje vol met Mike
en Angela. 's Ochtends leggen we de laatste hand aan onze waterinstallatie. Met
het nodige duw en trek werk zitten we uiteindelijk in het begin van de middag
gereed in de auto. Op naar Tanzania!
1: Moyale - camping... (N03° 31' 04.9"; E039° 03' 00.3")
Net over de grens. Op de grote kruising rechtsaf richting de politiepost en
gevangenis...
2: Marsabit - Hotel JJ Centre (helaas weer vergeten) Ondanks dat er een
hele mooie campsite in het natuurpark is, toch voor dit redelijke hotel gekozen.
De Reden? De campsite is schandalig duur!
3: Nairobi - Upper Hill Campsite (S01° 18' 01.1"; E036° 48'
41.8") O Yes! Na enig ontbering (de route van Moyale naar Isiolo is niet
echt goed, en dat is een understatement) is het wel erg lekker om op Upper Hill
aan te komen. Drie weken hebben we hier prima kunnen relaxen.
Periode: 9 maart 2002 - 31 maart 2002