Jeugdbeleid in wiens belang?

Het lijkt een overbodige vraag. Immers, het jeugdbeleid is toch in de eerste plaats de belangen van de jeugd te behartigen? En dat moet in het jeugdbeleidsplan goed tot uitdrukking komen. Dan kan bijvoorbeeld door rekening te houden met de typische aspecten van jeugdsport, ook in onderscheid van de sport die door volwassenen wordt beoefend.

Voor jonge kinderen betekent dat bijvoorbeeld:

Voor oudere kinderen kan dat bijvoorbeeld zijn:

En bij jongeren:

Hier dwars doorheen spelen soms belangen van individuele kinderen. Het talent dat eigenlijk beter aan zijn trekken komt in een hogere leeftijdscategorie, of het kind dat beter nog een jaar bij jongere kinderen kan blijven, omdat het kind wat achter is in de motorische ontwikkeling. Verschillende takken van sport kennen hier een dispensatiebeleid, dat er eigenlijk voor bestemd is het belang van het kind te dienen. Soms wordt het ook gehanteerd in het kader van het clubbelang, wanneer een team bijvoorbeeld te weinig spelers heeft.  En daarmee komen we tot de vraag welke belangen in jeugdsport, naast het belang van de jeugd zelf, onderscheiden kunnen worden. Die belangen hoeven niet altijd strijdig te zijn met de belangen van de kinderen. Belangrijk is wel om die belangen in kaart te brengen, zodat men ook een overzicht heeft van wat er allemaal speelt, en heeft gespeeld als er beleidsbeslissingen voor de jeugd genomen worden.

In de eerste plaats kan een interne belangenkaart gemaakt  worden, waarin de belangen en de invloeden binnen de club zelf geinventariseerd worden. Bijna ‘natuurlijk’ komt daarbinnen het clubbelang als centraal begrip naar voren. In de functie van wedstrijdsport wordt er voortdurend geselecteerd en wordt er aan de belangen van wedstrijdgroepen en teams gedacht. Een talent wordt soms snel gebracht omdat er gaten in het ‘eerste’ gevuld moeten worden. Maar of dit altijd een jeugdbelang is? Misschien is het talent na twee of drie maanden wel verdwenen en vergoed verloren voor de sport. Het jeugdbelang, en wellicht op langere termijn het clubbelang, is er meer bij gebaat om een talent geleidelijk aan, voorzichtig te ‘brengen’.
Naast het directe clubbelang zijn er in de club nog heel wat andere interne belangen te onderscheiden. Het kan bijvoorbeeld zijn dat er in de club nog heel wat andere interne belangen zijn te onderscheiden. Daarin kunnen dorpsbelangen doorspelen, of individuele belangen van bestuurs- of ex-bestuursleden. Dan gaat het in de vergadering soms meer of zaken die zich ‘onder tafel’ afspelen. Die verschillende belangen zijn heel concreet zichtbaar bij selectieteams. Daarbij kan een luidruchtige groep ouders als belangengroep fungeren,waarmee je als bestuurslid wel terdege rekening moet houden. En dat kan een hele belangrijke overweging zijn, terwijl je als bestuurslid  vindt, dat ze eigenlijk  alleen maar voor de belangen van hun eigen kind opkomen. En wat te doen met meidengroepjes, die dolgraag bij elkaar willen blijven, maar die wat speelsterkte betreft in verschillende teams thuishoren? Hoe moeten die belangen worden afgewogen…?

Men kan ook een externe belangenkaart  maken, waarin de invloeden van buiten de club op de jeugdafdeling overzichtelijk worden weergegeven.
Bij gemeentelijke belangen kan worden gedacht aan sportvelden en accommodaties die door de gemeente worden onderhouden. Maar die moeten dan ook een behoorlijk bezettingsgraad hebben, en dat strookt lang niet altijd met het jeugdbelang. Bij de belangen van de bond, kan ook gedacht worden aan het inschakelen van kinderen  bij belangrijke internationale wedstrijden. Zo mogen kinderen Fair-Play vlaggetjes omhoog houden en wat te denken van ballenjongens en –meisjes. Voor veel kinderen wellicht een hoogtepunt van hun jeugdsportperiode , om zo dicht bij de sportende toppers van hun tijd te verkeren. Toch kijken sommige mensen ook met afgrijzen of gene naar  bijvoorbeeld ‘de gedrilde tennisslaafjes op Wimbledon’ … De vraag die hier speelt luidt: waar blijven de belangen van de jeugdleden in dit krachtenspel?

En natuurlijk moet in dit verband ook iets gezegd worden over de belangen van de sponsors  van de club. Heel wat jeugd loopt met een logo van een sponsor van de club op hun shirt. Het gebeurt nogal eens dat een lokale winkelier het clubtenue van een bepaald team voor zijn rekening neemt. Soms ziet dan alleen de selectie er prachtig uit en lopen anderen er wat sjofel bij. Hoe moet men zich dan opstellen als bestuur? En wat te doen als de sponsor dreigt de subsidie te staken omdat het team helemaal onderaan staat in de competitie? Vele sponsors willen winnaars, nietwaar?

Tips

Terug naar artikel hoe maak je een jeugdbeleidsplan

Zie ook verder artikelen Selecteren Scouten en Meisjes en jongens voetballen samen, Wedstrijdsport spanning tussen selectie en meedoen.

Artikel afkomstig uit Werkboek voor de sportvereniging Jeugdsport, Een verhaal apart.




Jeugdsport / druk 1<br>A. Bulsman

Jeugdsport, een verhaal apart
 door Albert Buisman & Jan Middelkamp
Werkboek v.d. sportvereniging. Kinderen en jongeren in de sportvereniging worden in dit werkboek gezien als een verhaal apart. Naast verschillen in ontwikkeling zijn er ook verschillen in persoonlijkheid en culturele achtergrond, waarmee de club moet leren omgaan. En daarvoor is Jeugdsport Een verhaal apart bedoeld. Trainers, bestuursleden, leden van de jeugdcommissie, allen kunnen hieruit ideeën putten. Wanneer men de ervaringen van de jeugd beter kent, is de kans groter dat er ook een beter jeugdbeleid ontstaat. Met name de oudere jeugd wordt rechtstreeks aangesproken om de schouders te zetten onder een aantal clubtaken. In deze zin probeert het werkboek ook handen en voeten te geven aan één van de belangrijkste doelstellingen van het project Jeugd in Beweging: het stimuleren van jeugdparticipatie
Paperback | 287 Pagina's | Reed business information | 2001
ISBN10: 9035224582 | ISBN13: 9789035224582

 


Clubondersteuning

Copyright © 1999 - 2008 Jeugdvoetbaltips | Disclaimer |  Mail de webmaster  Laatste upload op: 08 mei 2008