Oefenvormen "Het Buurmanspel"

 

Voorbeeld uit KNVB opleidingboek " Zo doen wij dat effies" blz. 52

-Veldafmetingen
Het totale speelveld bedraagt 15 x 15 meter.

-Benodigd materiaal
Twee doelen (of vier pilonnen), drie telpilonnen, tien markeringshoedjes en drie ballen zijn nodig om het spel met vier kinderen te kunnen spelen.

-Spelverloop
Vanaf een plek tussen de markeringshoedjes proberen in één van de kleine doelen te schieten. Deze "gaten in de schutting" worden door de keeper ("buurman") verdedigd. Wanneer alle ballen zijn geschoten, wordt er gewisseld met een wachter.

-Spelregels en regelingen

De schutter moet de bal stil leggen op de denkbeeldige lijn tussen de markeringshoedjes; de helpers blijven aan de kant staan

De bal wordt gehaald door de helpers die de ballen snel weer op de hoedjes leggen

Bij een doelpunt zet de teller een telpilon overeind

Wanneer de drie telpilonnen overeind staan, wordt er gewisseld: de schutter wordt keeper, de teller wordt schutter, één helper wordt teller en de andere helper blijft dat nog een ronde

Als de keeper een bal heeft gevangen, rolt hij deze naar de zijkant zodat de schutter de bal daar kan halen en weer achteraan kan sluiten.

 

 KNVB trainerscursus

   Coaching- Trainingtips

   Terug naar Oefenvormen F - Pupillen

  Terug naar Oefenvormen E - Pupillen

   Terug naar Oefenvormen D - Pupillen

Copyright © 1999 - 2008 Jeugdvoetbaltips | Disclaimer |  Mail de webmaster  Laatste upload op: 08 mei 2008