De Psychologie in de Sportpraktijk

(geschreven door Ruben C. Dekker)

Het snelste dier op aarde; de cheetah, wordt met uitsterven bedreigd, omdat het dier na een explosieve sprint geen fut meer heeft om de jachtbuit te verdedigen tegen lafhartige hyena's en andere lijkenpikkers. Dit David & Goliathverhaal schetst de mentale superioriteit boven de 'domme' spierkracht. Het oergevecht van 'survival of de fittest' is reeds lange tijd geen fysieke kwestie meer. Net als in de natuur geldt in de sport `wie niet sterk is moet slim zijn'. Aan de top zijn fysieke verschillen nagenoeg uitgeselecteerd en worden mentale factoren bepalend voor winst of verlies. In voetbal gaat het volgens Cruijff om de 'details' en deze doorslaggevende 'nuanceverschillen' zijn vooral van psychologische aard.

‘Mentale training' is een sleutelbegrip uit de 'sportpsyhologie'.
In navolging van de Noord-amerikaanse sportcultuur worden sportpsychologie en mentale vaardigheidstraining in het bijzonder geleidelijk geaccepteerd in de sportpraktijk. Dit artikel betreft een overzicht van de professionalisering van sportpsychologie.
Al in de klassieke oudheid probeert de medische wetenschap te achterhalen wat de invloed is van lichamelijke activiteit op de gezondheid. 'Een gezonde geest in een gezond lichaam'.
Vergelijkbaar ging men ervan uit dat beweging een genezende werking heeft en dat deze heilgymnastiek voor sommige ziekten bruikbaar is als therapie.
Algemeen wordt aanvaard dat lichaamsbeweging (fysieke training) een gunstige uitwerking heeft op het psychologisch welbevinden. En andersom blijken psychologische vaardigheidsoefeningen een positieve uitwerking te hebben op de lichamelijke prestatie.

Sport- en Bewegingspsychologie
In tegenstelling tot de Verenigde Staten kent Europa in veel mindere mate een topsportklimaat waarin psychologen fulltime binnen sportorganisaties functioneren. Maar sporters kunnen inmiddels wel terecht bij `mentale begeleiders' . Er is een groep coaches en atleten die reeds in aanraking is geweest met aspecten uit de sportpsychologie en mentale training gebruiken in hun oefenstof. Daarnaast bestaat nog steeds een categorie sporters die een afwachtende houding aanneemt. Deze achterdocht is lang een algemene opvatting geweest. Een bijkomend misverstand is dat veel mensen sportpsychologen associëren met de klinische variant van psychologie waarin Freud de ontspoorde sporter komt genezen. Zo wordt de begeleidende en onderwijzende rol van een sportpsycholoog onterecht miskend.
De verwarring wordt nog groter doordat een hele horde charlatans en gebedsgenezers misbruik maken van de psychologie. Het kwalijke van deze trend is dat dergelijke amateur-psychologen ongegronde beloften en voorspellingen doen zonder dat er sprake is van deugdelijk toezicht op wat ze in feite aanrichten.
Kenmerkend voor de wetenschap en de uitvoering ervan, is de kritische controle.

Mentale Training en Begeleiding
Net als lichamelijke vaardigheden zijn mentale vaardigheden trainbaar. Het betreft een 'hersengymnastiek' die leidt tot psychische fitheid. Mentale training is in twee hoofdgroepen te verdelen: de bewegingsgerichte technieken. Deze oefeningen kunnen handelingstechniek en coördinatie verbeteren. Daarnaast heeft een niet-bewegingsgerichte training betrekking op de persoonlijke presentatie en prestatieverbetering, zoals het opbouwen van zelfvertrouwen of versterken en behouden van motivatie.
Mentale training (MT) is een verzamelnaam voor het ontwikkelen van psychologische vaardigheden met als doel het verbeteren van de prestatie.
De MT is gericht op het identificeren en stimuleren van het optimale 'psychofysiologisch klimaat', dat nodig is om te kunnen uitblinken. De meest in de praktijk voorkomende MT-methoden zijn: (a) beheersing van arousal-niveau;(ontspanning) (b) imaginatie; en (c) richten van aandacht. Deze basisvaardigheden van ontspanning, verbeeldingskracht en concentratie worden vaak in combinatie gebruikt.
Somatische Technieken
Bij mentale training draait het primair om ontspanning. Druk op de ketel is weliswaar noodzakelijk, maar een té gespannen geest werkt remmend op het lichaam. Voor een ontspannen toestand is controle van het arousal-niveau nodig. Arousal of 'psychische energie' van het brein, heeft betrekking op prikkelgevoeligheid (alertheid); (emotie en motivatie); en de mate van actiebereidheid van het bewegingsapparaat (spierspanning).

Ontspanning
Ademhaling is de sleutel van ontspanning. Als iemand onrustig is, dan is de ademhaling oppervlakkig, kort en onregelmatig. Bij een paniekaanval speelt een versnelde ademhaling (hyperventilatie) een belangrijke rol in de benauwdheid en flauwte die optreden. Indien men kalm is dan is de ademhaling gelijkmatig, diep en ritmisch.
Om te kunnen ontspannen is een aantal methoden ontwikkeld. De meest gebruikte procedure is de progressieve (spier)relaxatie van Jacobson.(cooling-down) Stapsgewijs leert de sporter hoe een voor een wedstrijdsituatie gunstige spierspanning op te roepen. Door spieren en spiergroepen afwisselend aan te spannen en los te maken kan spanning worden herkend en relaxatie dieper en sneller optreden. Zo kan het lichaam efficiënt worden afgestemd op de wedstrijdsituatie.
Een belangrijk aspect van ontspanningsprocedures is dat de sporter zich bewust wordt van lichamelijke response, zoals hartritme, spierspanning, bloeddruk en doorbloeding.
Een goed voorbeeld is het gebruik van hartslagmeters.

Cognitieve Technieken & Bewustzijn
Indien men spreekt over mentaal als het menselijk denkvermogen, dan bedoelen we de rationele processen van het brein. Een gezonde 'geest' vereist een objectieve en realistische kijk op eigen krachten en tekortkomingen. Kortom zelfkennis, en het geloof in eigen kunnen.

Zelfspraak
Bewustzijn en taal zijn onlosmakelijk verbonden in de mentale evolutie van de mens.
Dat verbale aspect is terug te vinden in zelfspraak. (in gedachten).
Negatieve zelfspraak of overmatig kritische zelfbeoordeling leidt tot een verkeerd zelfbeeld en staat het verwezenlijken van doelen en optimaal presteren in de weg. Met innerlijke monologen als: ik kan niet meer, of, het heeft geen zin bereik je niets.
Een andere verbale techniek is 'thought stopping'. Deze methode wordt gebruikt als een atleet merkt dat negatieve gedachten en gevoelens de overhand krijgen. De ‘gedachte' moet dan gestopt worden.
Een variant is de strategie van het voortdurend in gedachten herhalen van positieve verbale instructies zoals: 'niemand kan mij verslaan' of 'zo gaat ie goed'. Door deze 'mentale oppeppers' kan gunstig gedrag worden bekrachtigd. Optimistische zelfspraak werkt motiverend, verhoogt het zelfvertrouwen en heeft daarom een positieve invloed op de prestatie.

Imaginatie: Verbeelding en Visualisatie
Imaginatie is een mentale voorbereiding om via verbeelding, een gewenst gedrag tijdens de wedstrijd uit te voeren. Een bekend voorbeeld is de geconcentreerde hoogspringer die zich gereed maakt voor een sprong. Met gesloten ogen worden de voor een succesvolle sprong vereiste bewegingen mentaal voorgesteld.
Imaginatie is een levendig scenario dat zich afspeelt in de fantasie van de sporter.
Aanvankelijk is imaginatie gebruikt als 'mentale oefening' voor het aanleren en verfijnen van bewegingen. Door visualisatie (het denken in beelden) en kinesthetisch observeren (het voelen van lichaamsbeweging en houding) verbetert de uitvoering van specifieke bewegingen. Inmiddels wordt de mentale verbeeldingskracht onder meer gebruikt voor het herbeleven van prestatiebelemmerende emoties zoals faalangst, woede of pijn, met als doel deze in de toekomst beter te beheersen en te controleren.
Zo wordt imaginatie gebruikt voor de hantering van wedstrijdspanning en het opbouwen van zelfvertrouwen. In het algemeen wordt de sporter door denkbeeldig oefenen beter voorbereid op (on)verwachte omstandigheden.

Aandacht en Concentratie
Concentratie is het selectief richten van aandacht met als doel een verhoogde oplettendheid op een beperkte hoeveelheid zintuiglijke prikkels.
De aandacht wordt exclusief gericht op situationele veranderingen en op de te verrichten handelingen.
Het omgekeerde is ook denkbaar. De concentratie kan worden gehinderd door externe factoren (b.v. tegenstanders, of de scheidsrechter) of lichamelijke sensaties (hartritme, ademhalingstempo en spierspanning). Een aandachtsverschuiving treedt op als men te hoge of juist lage eisen stelt aan het vaardigheidsniveau. Zo ontstaan gevoelens van angst of verveling die verlammend werken.
De oplopende spanning kan leiden tot twijfel of faalangst. Er ontstaat een verstikkende emotie ('choking') die catastrofale gevolgen heeft voor de prestatie.
Een concentratietechniek en methode om spanningen en angsten te controleren is hypnose. Deze wordt gekenmerkt door een verhoogde gevoeligheid voor suggestie en een hoge mate van selectieve aandacht. Andere technieken zijn Yoga, Zenboeddhisme en Transcendentale Meditatie. Hierin leren mensen zich te concentreren door afleidende gedachten of beelden uit het aandachtsveld te bannen en door de aandachtswijdte te beperken tot slechts één enkele taak: imaginatie of ademhaling.

Mentale Trainingsprogramma's
Een vereiste voor elke training is een systematische en stapsgewijze aanpak. Belangrijk voor mentale vaardigheidstraining is het stellen van concrete en haalbare doelen.
Door korte en lange termijn doelen te combineren (in de vorm van een stappenplan) kan de persoonlijke vooruitgang objectief worden geëvalueerd en uitgewerkt.
Een techniek die gebaseerd is op ontspanning en gebruik maakt van zelfspraak is de autogene training.
In zes hiërarchische stappen leert de sporter zich richten op het produceren van lichamelijke sensaties. De stadia zijn: (1) zwaarte van de ledematen; (2) warmte in de ledematen; (3) beheersing van hartactiviteit; (4) ademhalingsregulatie; (5) abdominale warmte (in de onderbuik); en (6) koeling van het voorhoofd. Door zelfhypnose wordt geleerd aandacht en concentratie te sturen en beheersen.
De waarde van mentale trainingsprogramma's is afhankelijk van de bruikbaarheid in de sportpraktijk, die voor elke individuele sporter moet worden ingeschat.

Noodzaak van Sportpsychologie en Mentale Training
Uit een analyse, die 98 experimenten bestrijkt, komt naar voren dat mentale training beter is dan geen training.
Een logische gevolgtrekking van het veldonderzoek lijkt dat mentale training in de regel leidt tot hogere sportprestaties.
De toekomst zal leren in welke mate de atleten van deze ontwikkeling zullen gaan profiteren. 

Copyright © 1999 - 2008 Jeugdvoetbaltips | Disclaimer Mail de webmaster  Laatste upload op: 11 mei 2008