Van E naar D : De Verschillen tussen 11:11 en 7:7

Dit stukje werd aangeleverd door Huub Wagemaker, Leider bij de jeugd van DWO. (mailto:huub@marjoleinw.nl)

1.     Groter veld: je kunt dus niet meer proberen met de bal het hele veld over te lopen of zonder bal proberen overal te zijn. Je moet dus op je eigen positie (eigen plek) letten en veel samenspelen en elkaar helpen door niet te ver weg te staan.

2.      Meer spelers: je hebt dus meer medespelers, maar ook meer tegenstanders. Dus je kunt nu helemaal niet meer proberen alle tegenstanders te passeren.

3.      Lijnen: er staan nu echt lijnen in het veld waar je op moet letten.

4.      Strafschopgebied: het bekende gebied voor de keeper. Binnen dit gebied mag de keeper de bal in zijn handen pakken (geen terugspeelballen). Bij dit gebied zit een rond stuk. Dit stuk heeft niet echt een betekenis. Binnen dit gebied ligt, dicht bij het doel nog een apart stuk. Dit heeft ook niet echt een betekenis. Alleen wordt binnen dit stuk de keeper extra beschermd bij overtredingen.

5.      Terugspeelballen: de keeper mag een bal die door een medespeler met de voet opzettelijk naar hem wordt teruggespeeld of uit een ingooi wordt teruggegooid niet in zijn handen pakken. Als het terugspelen met een ander lichaamsdeel of per ongeluk gebeurd mag hij de bal wel pakken.

6.      Vrije trappen: als de scheidsrechter bij een vrije trap zijn hand omhoog steekt, mag je niet gelijk op het doel schieten. Dus als hij zijn hand naar beneden houdt, mag je wel op doel schieten.

7.      Corners/hoekschop: deze worden genomen op de achterlijn bij de rand van het strafschopgebied.

8.      Achterbal: als de bal over de achterlijn gaat en het laatst is geraakt door de aanvallende partij is het een achterbal. Deze wordt genomen op de rand van het strafschopgebied, dus niet meer uit de handen van de keeper

9.      Buitenspel: dit is de moeilijkste regel, maar toch proberen we het zo eenvoudig mogelijk uit te leggen.
Je staat buitenspel als jij, op het moment dat je medespeler een bal naar je toe schiet, één of geen tegenstander voor je hebt.

Wanneer sta je nooit buitenspel:

 

Naar D-Pupillen Oefenvormen

Naar Coachmomenten D-Pupillen

Uitgangspunten D - pupillen

Taken en functies van een elftal

Naar Coachen "Hoe doe je dat?" - deel 1

Naar Coachen rond de wedstrijd - deel 2

Terug naar Startpagina