Kathmandu - Nagarkot - Chitwan

Inhoudsopgave

Varanasi

 

Chitwan - Lumbini – Varanasi

 

 

Dag 8: Donderdag, 27 januari 2005                       Het Koninklijke Nationale Park Chitwan – Lumbini

 

Om halfnegen vertrekken we op weg naar Lumbini wat nog net in Nepal pal bij de grens met India ligt, een rit van een vijf à zes uur. Hier zullen we de geboorteplaats van Boeddha, die als de Sakay – prins Siddhartha Gautana in 6e of 5e eeuw voor Christus werd geboren. Het is een zeer belangrijk bedevaartsoord voor heel Azië, zowel voor Boeddhisten als voor Hindoes.

De heilige plaats ligt in een uitgestrekt park. In de international zone bij de Heilige Tui n hebben versschillende landen zoals Myanmar (Birma), China en Nepal een tempel, klooster of stoepa gebouwd. Ook bevindt zich hier een museum en een internationaal onderzoeksinstituut.

 

Na een tijdje te hebben gereden komen we door een stadje. Hier is een demonstratie tegen de regering aan de gang, een pop, de Koning?, wordt in brand gestoken. * We rijden voorbij de demonstranten en gaan verder tot we een poosje later in een file terechtkomen. Het blijkt dat een eindje verderop demonstranten bij een brug de weg hebben gebarricadeerd. Niets kan er meer langs. Hoewel het mogelijk is dat ze een bus met toeristen doorlaten vindt Hein het te riskant om door te gaan en hier blijven is ook geen optie. De afzetting kan wel de hele dag duren, dus besluit Hein om te keren en een andere route te nemen naar Lumbini, maar die is wel een heel stuk langer.

We keren en gaan een eindje terug en na een korte stop komen we weer op de weg door de bergen naar Kathmandu, dus het is weer hotsen en botsen door de kuilen en over de keien. Nu hebben wij de afgrond met onder in de rivier aan de linkerkant, dus rijden wij soms op het randje, oef!! Na een tijd verlaten we deze slechte weg en slaan linksaf, over een brug de rivier over, richting Pokhara, Deze weg is beter. Wel moeten we regelmatig bij militaire wachtposten stoppen voor controle.

 

Na een korte stop rijden we door naar Pokhara en gaan richting Lumbini. De weg stijgt na Pokhara en we gaan de bergen weer in, we rijden door dorpjes, genieten van het mooie uitzicht op de valleien. De weg is kronkelig. En stijgt en daalt. Het wordt donker, iets na zessen,  maar de rit gaat maar door. Een snelle sanitaire stop, mannen voor de bus, vrouwen achter de bus aan de kant van de weg een plekje zoeken. De reis gaat verder, hier een daar een klein dorpje, soms met veel vrachtwagens geparkeerd langs de kant van de weg. De weg blijft kronkelen. Door de zijramen zie je meestal niets, alleen donkerte. Vooruit in de lichten van de bus zie je de wanden van de rotsen voorbij draaien of is er niets. Eindelijk komen we in een grotere plaats met behoorlijk veel licht, we zijn uit de bergen en de bus kan nu sneller rijden. We zullen er zo wel zijn. Mis, we rijden nog eindeloos over een kaarsrechte weg, eindelijk zijn we in Lumbini. Iets na halftien, we zijn dus iets meer dan 13 uur onderweg geweest, zo gaat dat in Nepal met al die mooie bergen als je om moet rijden, zijn we in Hotel Nirvana waar we één nacht zullen slapen.

 

We hebben nu natuurlijk niet de geboorteplaats van Boeddha bezocht. Willen we dat morgen nog doen, dan betekent dat een drie kwartier terug rijden, de heilige plaats bezoeken en weer drie kwartier rijden naar Lumbini. Al met al gaat dat een twee uur extra kosten terwijl we morgen de lange rit naar Varanasi op het menu hebben staan. We besluiten dus om de geboorteplek van Boeddha maar te laten schieten en morgenvroeg gelijk maar richting Varanasi te gaan. We eten nog een warme hap en horen dat de afzetting bij de brug nog steeds bestaat. Goed dat we zijn omgereden anders hadden we er nog gestaan. Morgen om zeven uur vertrekken we.

 

 

Dag 9: Vrijdag, 28 januari 2005                             Lumbini – Varanasi (India)

 

Om 05.45 worden we al gewekt, scheren, enz, aankleden, koffers op de gang zetten, ontbijt en om zeven uur zitten we in de bus.

Vertrek naar de magische stad Varanasi in India.

Na 10 minuten zijn we al bij de grens. We moeten allemaal een paar formulieren invullen, Hein gaat met al onze paspoorten en de ingevulde formulieren naar de controle. Wij blijven in de bus, na een tijdje komt hij terug en alles is in orde, we mogen verder.

Dat betekent de bus uit, afscheid nemen van de Nepalese gids, chauffeur en bijrijder.

 

We lopen met onze handbagage de grens over India in, waar de Indiase chauffeur en bijrijder met hun bus ons al staan op te wachten. Hein zorgt er inmiddels voor dat onze koffers netjes van de ene bus in Nepal naar de andere in India worden gebracht. Daar hebben wij geen omkijken naar. Als alle koffers onderin zijn opgeborgen gaan we verder. Hoewel de bus in Nepal best meeviel is deze bijna nieuw. Alles ziet er nog heel keurig uit, stoelen zijn goed te verstellen en je zit erg ruim.

Ik zet de tijd op mijn horloge, fototoestel en mobiel, die in hele gebieden hier niet werkt, een kwartier achteruit, India heeft 4,5 uur verschil met onze wintertijd.

 

Tegen elf uur wordt er gestopt voor een korte koffiestop in een stad waar we door rijden. Er is tijd om even wat foto’s te maken van de drukte op straat en de Heilige Koeien die aan de kant van de weg achter de bus aan het “grazen” zijn in de rommel. * Je merkt toch al dat je in een wat ander land bent.

 

We gaan verder, goed één uur stoppen we in een dorpje waar een markt wordt gehouden, even de benen te strekken en de markt snel overlopen. En natuurlijk een paar foto’s maken. * Ook hier zijn de mensen erg vriendelijk, veel toeristen zien ze hier niet.

Na tien minuten gaan we verder, de weg zelf is hier soms goed, soms redelijk en soms gewoon slecht.

We rijden door mooie natuur, nu geen bergen maar eindeloze vlakten, komen door dorpjes, door grotere steden waar het verkeer erg druk is. We rijden over een grote brug over een rivier en komen in de buurt van Varanasi. Het is vijf uur als we stoppen voor het Hotel Clarks Varanasi, tien uur na vertrek uit Lumbini. Hier blijven we twee nachten. We hebben een gezamenlijk diner in het hotel.

 

xxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxx

Algemene informatie over India

(Overgenomen van www.fox.nl)

 

Geschiedenis

De Indiase beschaving gaat terug tot ongeveer 2500 voor Christus. Deze beschaving, nu bekend als Harappa-cultuur, besloeg een groot deel van Noord- en West-India. Hun opvolgers waren de Indo-ariërs afkomstig uit Centraal-Azië. Zij vielen rond 1500 voor Christus het land binnen en vervingen de toen al vervallen Harappa-cultuur. Tot ongeveer 200 voor Christus beheersten zij het noorden.

In deze periode ontstond ook het kastensysteem. Van origine bestaat dit kastenstelsel uit vijf categorieën. De eerste drie categorieën zijn afkomstig uit de Arische stammen en bestaan uit de priesters (brahmanen), de krijgers (kshatriya) en het volk (vaisya’s). Niet-Arische volken en economisch minder belangrijke groepen werden ondergebracht in de vierde kaste, de sudra’s. De vijfde kaste, de panjama’s, ontstond door een groeiend bewustzijn rond onreinheid en zuiverheid. Straatvegers, slagers en leerbewerkers, wiens beroep als onzuiver werd gezien, kwamen in deze kaste terecht. Zo konden alle groepen duidelijk onderscheiden worden. Toch was er geen overeenkomst tussen rangen en standen en economische statussen. Zo waren er bijvoorbeeld ook rijke sudra’s en ontstonden er door huwelijken uit verschillende kasten bovendien gemengde kasten.

Rond 500 voor Christus ontstond bovendien het Boeddhisme, dat naast het Hindoeïsme zijn eigen leven ging leiden. Eén van de grootste aanhangers van het Boeddhisme was Ashoka, het beroemste lid van de Maurya familie. Hij zorgde ervoor dat het Boeddhisme over een groot deel van de bevolking verspreid werd.

Na de val van het Rijk van de Maurya’s volgden vele verschillende Rijken elkaar op. De indrukwekkendste was echter het Gupta Rijk dat duurde van ongeveer 400 na Christus tot 606 na Chr. Het waren de gouden eeuwen van de poëzie, literatuur en kunst. De invallen van Centraalaziatische stammen zoals de Hunnen in Noord-India maakten echter een einde aan dit Rijk en viel India in verschillende delen uiteen. De lokale vorsten waren zo druk met het in stand houden van hun eigen kleine rijkje dat ze het geheel uit het oog verloren. Toch vonden er ook een aantal algemene ontwikkelingen plaats. Zo raakte het Boeddhisme in verval en bloeide het Jaïnisme in Gujarat en Rajasthan op. Verder betraden twee nieuwe volkeren in deze periode het toneel, namelijk de Arabieren en de Turken. De Turken plunderden voornamelijk tussen 1000 en 1026 de vruchtbare vlakten van Punjab en de rijkdommen van de Indiase tempels terwijl de Arabieren in 712 Sind veroverden.

Het verre zuiden van India bleef buiten de invloeden van de wisselende Rijken in Noord-India en het Boeddhisme en het Jaïnsime vormden nooit een bedreiging voor het Hindoeïsme. De voorspoed van het zuiden was gebaseerd op goede, eeuwenoude handelsbetrekkingen met de Egyptenaren, de Romeinen en de Aziaten. De belangrijkste Rijken waren hier de Pallava’s, de Pandya’s, de Chera’s, de Chalukya’s en de Chola’s.

In de 11e eeuw n. Chr. rukte de Islam op vanuit het Midden-Oosten. In 1192 arriveerde de Moslim-macht onder leiding van Muhammed-bin-Sam in India en binnen 20 jaar was het gehele Ganges bassin onder controle van de Moslims. Toen Muhammed in 1206 werd vermoord, viel zijn rijk al snel uiteen. In 1398 viel het leger van de Mongoolse veroveraar Tamerlane India binnen. Zij namen Delhi in en vermoordden honderdduizenden Hindoes tegelijk. Jarenlang trok hij plunderend en moordend door India, maar vertrok uiteindelijk uit eigen beweging en de Lodhi’s namen de macht over. In 1526 nam Babur, een afgezant van Tamerlane en de stichter van het grote Mughalse Rijk de macht over toen hij het leger van de Lodhi’s versloeg. Dit was het begin van een gouden tijdperk waarin architectuur, kunst en literatuur hoogtij vierden. Uiteindelijk waren er slechts zes grote Mughalse heersers en werd de macht langzaam overgenomen door de Maratha’s. Zij controleerden het centrum van India, maar vielen voor de laatste grote heersers, namelijk de Britten.

 

Bevolking
India heeft na China de grootste bevolking ter wereld. In 2003 telde India ongeveer 1.051.000.000 inwoners. India had sinds 11 mei 2000 om 8.44 uur in de morgen officieel één miljard inwoners. Dat maakte de nationale commissie voor de volkstelling toen bekend. India werd daarmee, na China, het tweede land in de wereld waar meer dan een miljard mensen wonen. Deze groei wordt voornamelijk veroorzaakt doordat het sterftecijfer, door een verbeterde levensstandaard, en medische zorg sneller daalt dan het geboortecijfer. India heeft daarom een bijzonder jonge bevolking. Ruim 40% is jonger dan 15 jaar. India is qua oppervlakte het op zes na grootste land ter wereld en is daarom behoorlijk dicht bevolkt met ongeveer 270 inwoners per km2. 80% van de bevolking woont op het platteland, 16% in de kleinere plaatsen en slechts 4% woont in de steden. Tot de dunst bevolkte gebieden horen Rajasthan en Kashmir terwijl meer dan de helft van de bevolking in de Gangesvlakte, de Punjab- en Haryanavlakte en langs de kusten leeft. Er worden in India tussen de 200 en 1650 talen gesproken, maar slechts 16 daarvan zijn door de regering erkend als officiële taal. In het parlement wordt Engels gesproken. Dat betekent dat iedere Indiër, die hogerop wil komen, Engels moet spreken. U kunt dus over het algemeen goed terecht met Engels. Wanneer mensen uit verschillende delen van India elkaar niet kunnen verstaan, wordt er ook Engels gesproken.

 

Cultuur

Bijna iedere dag is er ergens in India wel een feest of een festival ter ere van een God, profeet, heilige of andere religieuze persoonlijkheid. Het is dus vrijwel onmogelijk om een compleet en overzichtelijk schema te geven. De volgende feestdagen zijn de dagen waarop ook de regering het werk neerlegt. Op deze dagen zullen ook de meeste winkels en banken dicht zijn. Tijdens de Ramadan moet u er bovendien rekening mee houden dat de restaurants vaak overdag gesloten zijn en er restricties aan roken en drinken opgelegd kunnen worden.

8 januari Einde van de Ramadan
26 januari Dag van de Republiek
18 maart Offerfeest
18 mei Buddha Purnima
8 april Islamitische nieuwjaar
21 april Goede Vrijdag
17 juni Geboorte van de Profeet
15 augustus Dag van de onafhankelijkheid
2 oktober Verjaardag van Mahatma Gandhi
5 oktober Dussera
26 oktober Diwali
11 november Verjaardag van Guru Nanak
25 december Kerstmis

U zult in India constant geconfronteerd worden met religie aangezien de Indiërs een veelzijdig religieus leven leiden. Forten, paleizen, musea, tempels en kloosters zijn ontstaan uit de verschillende godsdiensten en vormen de voornaamste bezienswaardigheden.

De vier grootste godsdiensten in de wereld zijn in India terug te vinden: het Hindoeïsme, het Boeddhisme, het Christendom en de Islam. Bovendien zijn godsdiensten als het Jaïnisme, het Sikhisme en andere lokale culten en sekten in India ontstaan. Ook kan het jodendom hier teruggevonden worden. Het Hindoeïsme telt de meeste volgelingen met 82% van de totale bevolking. Daarna komen de moslims met 11%, de christenen met 2,5%, de sikhs met 2%, de boeddhisten met 1% en de Jaïnisten met 0,5%. Het jodendom telt ongeveer 12.000 aanhangers.

Geografie

De totale oppervlakte van India bedraagt ongeveer 3.300.000 km2 en is daarmee het op zes na grootste land ter wereld. Om een idee te geven, dat is 80 keer zo groot als Nederland. Het land grenst in het Noorden aan Nepal, Bhutan en China, in het oosten aan Bangladesh en Myanmar en aan de Golf van Bengalen, in het westen aan de Arabische Zee en de zuidpunt steekt nog net in de Indische Oceaan. Verder behoren de eilandgroepen de Lakkadiven en de Andamanen en Nicobaren ook tot het Indiase grondgebied. Het vasteland van India is onder te verdelen in drie delen, namelijk het Himalaya-gebied in het noorden, de Noordindiase laagvlakte in het centrum en het schiereiland in het zuiden.

Himalaya
De Himalaya is de grootste bergketen ter wereld met 95 pieken die hoger zijn dan 7500 meter. Het gebergte valt uiteen in drie delen: Kashmir in het noordwesten, de Centrale Himalaya in Himachal Pradesh en Uttar Pradesh en de oostelijke keten van Darjeeling. Het dichtsbevolkte gebied is de vallei van Kashmir vanwege de vruchtbaarheid van de grond.

Noordindiase laagvlakte
Deze laagvlakte ligt ten zuiden van het Himalaya gebergte en herbergt vele rivieren waaronder de Ganges. Het grootste deel van het gebied is erg vruchtbaar en vormt daarom het thuis van miljoenen mensen.

Het Schiereiland
Het schiereiland valt weer onder te verdelen in zes delen; het Aravalligebergte in het noorden, de Centrale bergen ten zuiden van het Aravalligebergte, de droge Deccanhoogvlakte in het binnenland, de Westelijke Ghats ten westen van de Deccan. De Oostelijke Ghats ten oosten van de Deccan en tenslotte de smalle, laagliggende kuststrook die het schiereiland omzoomt.

 

Klimaat

India heeft drie hoofdseizoenen: winter, zomer en de moessonperiode. De winter loopt van november tot en met maart en is vrij aangenaam. Over het algemeen is het in deze periode droog met een gemiddelde temperatuur van rond de 20 graden Celsius. De wind komt dan vanuit het noordoosten. Januari is voor het grootste deel van India de koudste maand en voor het schiereiland is dat december. In het noorden kunnen de temperaturen dalen tot onder de 10 graden Celsius terwijl in het uiterste zuiden de temperaturen nooit onder de 20 graden Celsius zakken.

De zomer, die loopt van april tot juni, kan in één woord omschreven worden als heet. In maart en april is het in Zuid-India overdag al minimaal 35 graden Celsius en in het Noorden 30 graden en hoger. De heetste maand is mei met temperaturen van boven de 40 graden. Alleen in de hoger gelegen gebieden is het in deze maanden enigszins uit te houden.

De zuidwestelijke moesson begint vaak in juni aan de westkust en verspreidt zich daarna over de rest van het land. Deze tijd kenmerkt zich door korte, maar soms zeer hevige regenbuien. Soms blijft het echter enkele dagen regenen en donderen. De moessonperiode zorgt wel voor enige verkoeling, maar daartegenover staat dat de luchtvochtigheid weer aanzienlijk hoger is.
Tegen eind september is de moesson in de meeste gebieden voorbij, behalve in de zuidoostelijke gebieden. Hier valt de meeste regen in de maanden oktober en november en spreekt men van de noordoostelijke moesson.

Politiek/Economie
India is een federale republiek met 25 staten en 7 territoria (Andaman en de Nicobar Eilanden, Dadra en Nagar Haveli, Delhi, Goa, Daman en Diu, Lakshadweep en Pondicherry). Al deze territoria vallen onder het bewind van Delhi. Het hoofd van de staat wordt gevormd door een president, maar de eigenlijke uitvoerende macht ligt in handen van de ministerraad of kabinet. De president kiest de premier. Het kabinet moet verantwoording afleggen aan het parlement, wat bestaat uit de Rajya Sabha (Raad van State) en de Lok Sabha (volksvertegenwoordiging).

Het overgrote deel van India’s economie is in particuliere handen. Het land kent sinds 1951 een vrij stabiele economische groei van ongeveer 5% per jaar. De belangrijkste economische sector is de landbouw. Het voornaamste gewas is rijst op de voet gevolgd door granen, suikerbieten, thee, katoen, jute, noten, koffie en kruiden. Verder wordt er veel veeteelt bedreven. De dieren worden gebruikt als trekkers en draagkrachten of voor wol en zuivelproducten.

Op het gebied van mijnbouw hoort India bij de grootste ter wereld. Zo worden er kolen en staal gewonnen, maar ook andere mineralen en kostbare metalen.
De productie van textiel is India’s belangrijkste industrie en ook de bewerking van agrarische producten en van staal is van groot belang. India’s grootste handelspartners zijn Rusland, de Verenigde Staten, Japan en de Europese Gemeenschap.
xxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxx

 

Terug naar boven