Delhi – Wenen – Amsterdam - Doetinchem
Dag
20: Dinsdag, 8 februari 2005 Delhi
Delhi is het Nationaal Hoofdstedelijke Territorium (Union Territory
of Delhi) van India. Dit is een federaal district vergelijkbaar met Washington
DC. Het heeft een oppervlakte van 1483
km² en 14,6 miljoen inwoners in 2004.
Naast enkele kleinere steden zijn de twee
grootste steden van dit territorium:
-
De
gelijknamige stad Delhi. (Ook Oud Delhi genoemd) 10,5 miljoen inwoners in 2004
-
De hoofdstad
van India Nieuw Delhi. 0,3 miljoen inwoners in 2005
In het gebied van Delhi leefden meer dan
3000 jaren geleden al mensen. Bodemfondsen bij opgravingen zouden de legende
kunnen bevestigen dat hier, 1200 jaar voor Christus al Indraprastha de
hoofdstad van de Pandava’s lag.
Rajput Anangpal wordt genoemd als de
stichter van Delhi. Hij zou Lal Kot hebben gebouwd en de IJzeren
Paal hier naartoe hebben gebracht. De Rajputperiode wordt gedateerd van 900 tot
1200. Na 1206 werd Delhi de hoofdstad van het Sultanaat van Delhi. Men denkt
dat de recente stad uit zeven opeenvolgende steden bestaat die gebouwd zijn in
de periode van 1200 tot 1650, waarvan sommige overblijfselen nog steeds aan de
grondoppervlakte gezien kunnen worden. Rond 1650 werd de zevende stad gebouwd
door Mughalkeizer Shah Jahan (Ja dezelfde die de Taj Mahal bouwde) die
Shahjahanabad heette en nu in het algemene spraakgebruik de Oude Stad of Oud
Delhi wordt genoemd. Shah Jahan verplaatste zijn regering naar deze stad in
1648 vanuit Agra en daarmee werd Delhi de hoofdstad van de moslims tussen de
zeventiende en negentiende eeuw. Er zijn dan ook vele moskeeën, monumenten en
forten die te maken hebben met de geschiedenis van de Indiase moslims.
Delhi kwam in 1857 onder Britse
heerschappij. Het was de hoofdstad van Brits-Indië van 1912 tot 1931, hiervoor
was dat Calcutta (Kolkata). De hoofdstad werd verplaatst omdat de Britse
onderkoning van Brits-Indië veiligheidshalve en strategisch Delhi beter vond
liggen dan Calcutta. In 1931 werd Nieuw
Delhi de hoofdstad.
Delhi is een van de grootste economieën van
India, hoewel het minder inwoners heeft dan Mumbai (Bombay). De reden hiervoor
is dat het inkomen per hoofd van de bevolking hier beduidend hoger is dan in
andere steden. Sinds een tiental jaren is het de belangrijkste plek in India
voor directe buitenlandse investeringen. Vele multinationals hebben
hoofdkantoren in Delhi of aangrenzende omgeving.
Het is een industriestad, verkeersknooppunt,
een cultureel centrum met universiteiten, theaters, kunstgaleries en de
historische bouwwerken uit de tijd van de Mughal.
Tijdens het grote herbouwen zijn delen van
de oude stad afgebroken om plaats te maken voor Nieuw Delhi.
Nieuw Delhi is in 1912 gesticht door de Britten. Het
moest de nieuwe hoofdstad voor Brits-Indië worden. De nieuwe stad die in 1929
officieel klaar was, werd in 1931 als hoofdstad in gebruik genomen.
Nieuw Delhi is een door een zekere Edwin
Lutyens en Herbert Baker ontworpen, die jarenlang in India de oude architectuur
hadden bestudeerd. De stad heeft een opvallend Brits-koloniaal uiterlijk en is
ruim opgezet met brede straten en wegen en veel groen, zoals grote parken. Hier
zijn veel ambassades, regeringsgebouwen in koloniale stijl en villa’s.
Om negen uur
vertrekken we om op deze laatste dag Delhi te bekijken. Als eerste gaan we naar
(Oud)
Delhi. Het deel met de nauwe straatjes, steegjes, poorten, tempels, moskeeën
en bazaars. We stoppen bij een moskee, de Jama Masjid, de grootste
moskee van India gebouwd door Shah Jahan, ook de bouwer van de Taj Mahal, rond
1650. De moskee mogen we niet binnen, dus het wordt alleen wat foto’s maken van
één van de ingangen. ![]()
Vanhier vertrekken
we voor een tour door Oud Delhi met riksja’s. Hoewel het beeld
van Varanasi zich opdringt is het hier toch minder erg. Het is hier wat
schoner, maar het verkeer blijft een chaos. Ook hier een herrie maar toch iets minder.
Of zijn we er inmiddels aan gewend? We rijden over een lange brede straat met
veel verkeer maar ook door kleine steegjes, net breed genoeg voor de riksja.
Karretjes met fruit voor de verkoop staan aan de kant, een boer met zes
melkbussen loopt naast zijn fiets. Of is het een melkrijder? Elektriciteit- en
telefoondraden hangen als spinnenwebben boven je hoofd. Er zal vast wel eens
kortsluiting ontstaan.
We komen terug bij de moskee en de bus.
De bus stort zich
in het drukke verkeer en we rijden naar de Raj Ghat.
De plaats waar Mahatma Gandhi, wat zoveel
betekent als de “Grote Ziel”, is gecremeerd nadat hij in 1948 was vermoord door
een Hindoe extremist. Hij was de bekende voorvechter van onafhankelijkheid voor
India en wordt hier beschouwd als de “Vader des Vaderlands”. Onder zijn leiding
werd India in 1947 onafhankelijk van Engeland.
Aangekomen bij de
Raj Ghat lopen we de fraai aangelegde en keurig onderhouden tuin in waar een eenvoudig
marmeren herinneringmonument is aangebracht met de eeuwig brandende vlam.
Erg rustig is het hier, het oorverdovend
stadsgeluid hoor je hier niet. Op de grasvelden wordt aan onderhoud gedaan,
hier en daar is een man eenzaam bezig, op zijn hurken, met en schepje het
onkruid uit het gras te halen. Na hier enige tijd te hebben rondgekeken gaan we
naar het volgende, een Sikh tempel.
Bij de Sikh
tempel, elke Sikh tempel wordt Gurdware genoemd, aangekomen moeten
eerst in een eenvoudig vertrek, buiten de tempel, de schoenen en sokken uit en
ieder moet zijn en haar hoofd bedekken met een oranje gekleurde hoofddoek. Dat
is wel even lachen. Dus op blote voeten weer naar buiten en naar de tempel.
In de
tempel mogen we wel fotograferen, maar zonder flitslicht. Dat is best lastig
want erg licht is het er niet. In de tempel wordt de ceremonie gehouden. Via de
geluidsinstallatie klinkt het gezang van de voorgangers door de ruimte. Ze
zingen hymnen ter ere van God. Er wordt gebeden. De Guru Granth Sahib
(Het Heilige Boek) wordt door de Sikhs geëerd als een levende Goeroe en het
ligt daarom “bekleed” met een groen laken op een verhoging waaraan de
voorgangers zitten. Ieder ochtend wordt Het Heilige Boek met een ceremonie
gewekt, en ’s-avonds ter ruste gelegd in een aparte ruimte. De diensten gaan de
gehele dag door zolang de Guru Granth Sahib in de ruimte is.
Het geloof van de Sikhs is gesticht door Goeroe Nanak Patshah.
Hij werd in 1469 geboren in een dorp vlak bij de stad Lahore, wat nu Pakistan
is. Hij heeft negen opvolgers gehad als Goeroe. De achtste Goeroe werd geboren
in 1656, op zijn zesde werd hij Goeroe en hij overleed in 1664 op acht jarige
leeftijd. De tiende Goeroe die in 1708 overleed bepaalde dat de Guru Granth Sahib
voor de Sikhs de ultieme spirituele autoriteit zou zijn. De Granth Sahib zal dus de eeuwige Goeroe van de Sikhs zijn. Hij
installeerde de Granth Sahib als zijn opvolger en aldus werd het Geschrift
Goeroe.
Het Heilige Boek bevat niet alleen lofzangen en werken van de tien Sikh
leermeesters, maar ook van negenentwintig andere Hindoes, Sikhs en Moslim
geleerden zonder te kijken naar hun kaste, ras of religie.
De Sikh religie is
strikt monotheïstisch; er is maar één almachtige God. 'Absoluut' maar wel
'alles doordringend'. De 'eeuwigheid', het kent geen begin noch einde. De
'Schepper', de 'oorzaak van oorzaken'. 'Het Universum' zonder vijandschap,
zonder haat. Hij heeft de mens niet geschapen om hem te straffen voor zijn
zonden, maar voor de realisatie van zijn ware doel in de kosmos, namelijk om
één te worden met de Almachtige zelf.
Elke gedoopte Sikh, man of vrouw, mag een gebed begeleiden/uitvoeren en
de diensten leiden. Er is dus niet een speciale geestelijke klasse en voor het
geloof van de Sikh is de man en de vrouw volkomen gelijkwaardig.
Er zijn ongeveer
23 miljoen sikhs.
Een Sikh heeft
vijf kenmerken: hij scheert of knipt geen haar waar dan ook op het lichaam,
draagt een kammetje om het haar te kammen, draagt een stalen armband, draagt
een speciaal ontworpen korte (onder) broek en draagt een dolk.
De tulband op hun
hoofd dient om het nooit geknipte haar, wat erg lang wordt, op zijn plaats te
houden. De baard wordt ook nooit geschoren. Die wordt dus ook lang. Om te
voorkomen dat die ergens op de knieën gaat bungelen of dat de Sikh er zelf over
gaat struikelen wordt de baard met koordjes opgebonden tot onder zijn tulband.
We verlaten de
tempel langs de ruimte waar de Guru Granth Sahib
iedere nacht rust. De gordijnen van de ruimte zijn open maar gaan s-avonds
dicht. Buiten gekomen gaan we naar de bij de tempel behorende keuken.
Hier wordt het Heilige Voedsel bereid wat iedere bezoeker van de tempel mag
gebruiken. Ook wordt er veel voedsel gemaakt voor de armen van de stad,
onafhankelijk van de Godsdienst. Het werk in de keuken wordt gedaan door
vrijwilligers, oud en jong, man en vrouw, rijk en arm. ![]()
Na het bekijken
van de keuken gaan we onze hoofddoeken inleveren en trekken we de sokken en
schoenen weer aan.
We rijden nu naar Nieuw
Delhi waar de regering zetelt. Na een tijdje draaien we de Raj Path
op, een breed en recht stuk weg met aan de zijkanten grasvelden. Hier wordt
ieder jaar een grote parade gehouden ter herinnering van de stichting van
India. We rijden door tot vlak voor de India Gate, een monument ter
herinnering aan de eerste wereldoorlog. Aan het andere eind van de Raj Path
ligt de Rashtrapati Bhawan, het paleis met 340 vertrekken waar de
president van India woont.
Het was voor de onafhankelijkheid het paleis
van de Engelse onderkoning. Rechts en links van de Raj Path liggen
regeringsgebouwen
Het is tijd om
terug te gaan naar het hotel. Vanmiddag is een “vrije” middag. Onderweg naar
het hotel stappen de meeste groepsleden al uit. Ineke en ik rijden door
tot het hotel waar we goed één uur zijn.
Tegen tweeën nemen
we de benenwagen en gaan op pad de stad in. Doel: om nog even rond te kijken en
om dan in The Imperial thee te gaan drinken. We lopen een eindje en
kijken wat rond, we komen bij een brede, drukke straat met veel verkeer en grote
moderne gebouwen. We gaan verder maar we komen tot de ontdekking dat we de weg
naar The Imperial kwijt zijn, dus wat doen we? Een tuk – Tuk nemen! Dat is
eerst afdingen op de ritprijs en dan maar rijden in het drukke verkeer. Wij
dachten dat we niet zover van the Imperial afwaren maar we rijden maar door. De
chauffeur wijst een gebouw aan en vraagt: “The Imperial?” Daar ik het niet weet
zeg ik maar: “Dat moet jij weten, ik weet het niet”. Verder gaan we en stoppen
aan de kant van de weg. “Imperial”: zegt een enthousiaste chauffeur en
inderdaad op de gevel van een pand ontwaren we de naam Imperial. Helaas, helaas
het is niet een hotel maar een winkel in lederwaren. Ik breng hem aan zijn
verstand dat we hier niet moeten zijn maar bij het hotel met die naam. Bij een
tankstation wat daar toevallig ook staat gaat hij maar vragen. Hij komt terug
en weet nu naar zijn zeggen waar we heen moeten, maar ja we zijn nu wel een
heel eind omgereden dat nu moet ik toch echt het eerst door hem genoemde bedrag
betalen. Dat weiger ik en hij besluit maar weer te gaan rijden. En ja daar is
na een tijd The Imperial. We stappen uit en geven hem toch maar een fooi, heeft
hij toch wat tegemoetkoming voor de extra lange rit. We lopen de mooie
oprijlaan op.
The Imperial is het tophotel
van Delhi. Het is gebouwd in 1933 in een mengeling Oud - Koloniale en
Victoriaanse stijl. Het ligt geheel tussen de palmbomen en het is een
schatkamer van unieke kunststukken die van het hotel zelf zijn. Ook heeft het
continu kunsttentoonstellingen binnen haar muren.
Eenmaal binnen
worden we opgevangen door een vriendelijke dame die ons door een aantal
restaurants heen en langs bars naar een mooi aangeklede zaal met een erg hoog
plafond, een paar verdiepingen hoog. We bestellen onze thee en toast met vier
dikke plakken gerookte zalm en heel dunne schijfjes aardappel. We genieten er
maar lekker van. Zogezegd: “a very English Afternoon high tea”.
Hier wordt nog de
sfeer geproefd van de grandeur uit een verloren tijd van weelde en luxe.
Na dit genieten
gaan we met een tuk – tuk terug naar
ons hotel. Om zeven uur vertrekken we met de bus naar een leuk restaurant waar
we het afscheidsdiner hebben. Na genoten te hebben van de Indiase
schotels zijn we tegen kwart voor tien terug in het hotel. Het is vlug koffers
inpakken en op de gang zetten, kwart over tien is het vertrek naar het
vliegveld.
Om kwart over tien
vertrek. De groep neemt hier afscheid van Hein, hij gaat niet mee, want
buitenlanders mogen niet zonder vliegticket het vliegveld op, streng zijn ze
hier wel. Onderweg naar het vliegveld pikken we een Indiase gids op die
ons zal begeleiden bij het inchecken en de andere formaliteiten. Prompt komen
we onderweg terecht in een file.
Op het vliegveld aangekomen
worden we voordat we de vertrekhal binnen kunnen al gecontroleerd. Het gaat
allemaal niet zo vanzelf hier. Eenmaal binnen worden de koffers met
veiligheidsapparatuur gescreend. Een jonge vrouwelijke veiligheidsbeambte haalt
mijn koffer er uit en legt hem apart. Hij moet worden geopend en ze vraagt me
wat op een bepaalde plek in de koffer zit, er is zeker iets op het scherm
gezien. Ik heb geen idee wat het is, ze gaat in de koffer wroeten op de bewuste
plek en haalt er een doos uit, nu weet ik het wel. Dat zijn netjes verpakt de
souvenirs. Volgende vraag: “Wat zit er in”. Antwoord: “Souvenir, replica van de
Taj Mahal”. Ze wil dat ik de doos toch open maak. Oké ik laat het haar zelf
maar doen, ze schrikt toch wel even als blijkt dat het “Heilige” gebouw erin
zit. Dus nu is alles in orde, behalve dat ik mijn paspoort en vliegticket moet
laten zien. Alle gegevens worden netjes en nauwkeurig door een man op een grote
lijst ingevuld.
Mooi zo, alles in
orde nu. We checken in en gaan naar de paspoortencontrole en de controle voor
de handbagage. We sluiten achteraan aan in de rij. Eindelijk na een hele erg
lange tijd, bijna een uur, zijn we aan de beurt. Strenge controle en
fouillering volgen. Ja, het gaat echt niet gemakkelijk hier! Maar goed,
eindelijk zitten we dan in de wachtruimte op ons vertrek te wachten.
Dag
21: Woensdag, 9 februari 2005 Delhi
– Wenen – Amsterdam – Doetinchem
Midden in de nacht
om kwart voor drie vertrekken we, een kwartier te laat. Ook nu vliegen we met
Austrian Airlines. De hele reis
naar Wenen is in het donker. Na ruim acht uur vliegen komen we keurig op tijd
om zes uur in de ochtend, onze tijd, aan.
Terwijl we in de
wachtruimte bij de gate naar Amsterdam zitten te wachten vallen mijn ogen op de
balie van Austrian Airlines. Ik bedenk dat ik op de
instapkaarten voor het traject Wenen – Amsterdam, die we al in Delhi hebben
gekregen, heb gezien dat Ineke en ik een heel eind bij elkaar vandaan zitten.
Ik naar de balie of we bij elkaar kunnen zitten en ja hoor, dat kan, geen probleem.
Ik krijg gelijk nieuwe instapkaarten.
Al weer te laat vertrekken we, via een
ontdooi-installatie, met een Airbus A319 naar Amsterdam waar we tegen tien uur
zijn.
Nu nog met trein en taxi naar huis. Eén uur
zijn we na een boeiende en enerverende reis thuis, we hadden het niet willen
missen.
XXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXX
XXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXX
XXXXXXXXXX