Mijn Space Associaties
   

Anonimiteit

INDEX

Michael Heitinga of zou ik moeten zeggen Johnny Scotfield? Gedurende mijn longitudinale spacestruintocht werd ik vandaag getracteerd op een site van Nathalie. Ze heeft wat foto's van zichzelf geplaatst en van enkele mannen die ze wel ziet zitten waarschijnlijk: Michael Scotfield (die ik geloof ik een keer op de voorgrond van de Veronicagids heb zien staan) en John Heitinga, die voetballer die ook in het Nederlands elftal heeft meegespeeld. Voor het eerst heb ik nu bij deze zevende space ook een aantal vrienden gezien, maarja, als ik die ga bekijken dan zie ik meer dan één space op een dag en dat hoeft nu ook weer niet.

SPACEVRIENDEN EN ANONIMITEIT
Ik vroeg me net af of ik het nou fijn zou vinden als ik een hele lijst van contacten en spacevrienden zou hebben. Zou ik dan niet de indruk wekken dat ik toch een hele sociale vent ben? Of beleef ik het eerder als iets lastigs omdat ik me dan misschien verplicht zou kunnen gaan voelen om steeds veel te gaan schrijven en mailen naar mensen? Ik merk verder dat ik toch ook wel mijn relatieve anonimiteit koester: als ik een hele waslijst aan spacematen zou krijgen dan komen er toch wel heel veel mensen die iets van mij weten en daar ook het een en ander over zouden kunnen zeggen en dan is de geheimzinnigheid er misschien toch ook wel weer een beetje van af. Anderzijds, vanwaar ook alweer dat verlangen om toch in die geheimzinnige hoek te blijven rondzweven? Misschien ben ik er niet zo happig op dat er straks misschien iemand aan de deur hier staat die me kan gaan aanspreken over dingen die ik zo schrijf: stel je eens voor dat Jan van de Space van Jan (zie Fotoboek van Anderen) het niet zo'n succes vond dat ik wat schreef naar aanleiding van zijn site en via via mij weet te traceren? Ach, misschien ben ik ook wel wat paranoide aangelegd: ik maak over het algemeen niet snel vijanden en ik hoef me verder ook niet achter mijn anonimiteit te verschuilen (in de waterput watertrappelend) zodat ik de meest extreme dingen kan zeggen. Ik denk dat het toch vooral een soort veiligheid is dat mensen niet zomaar mijn naam in kunnen typen in google en dan hier terecht kunnen komen. Dat Maurice de Hondt en Jan Pronk een eigen weblog hebben met daarin duidelijk hun naam dat is dan toch wat anders. Ik weet niet of neefjes of nichtjes dit allemaal horen te lezen, en ik weet ook niet of ik sta te wachten op momenten dat ik 's ochtends op mijn werk word aangesproken over iets dat ik hier op een space zou hebben geypt. Ach, misschien is het ook wel wat grootheidswaan, alsof ik zoveel te verliezen zou hebben als ik met naam en toenaam een space onderhoud. Nathalie wordt er nou ook niet echt veel slechter van door haar hele naam te gebruiken (of zou het ook een schuilnaam of pseudonym zijn?)

PSEUDONYM
Misschien moet ik het eerder zien als een soort pseudonym zoals schrijvers die zich daar soms toch lekkerder bij voelen. Pseudonym klinkt ook heel wat lekkerder dan nickname of schuilnaam. Het is verder ook wel zo dat je je - werkend onder een anonieme schuilnaam - toch ook wat makkelijker een fout kunt veroorloven. Tja, ik geloof niet dat hier het laatste woord al over gezegd is, maar vooralsnog werk ik liever onder het pseudonym Waterput dan dat ik mijn echte naam gebruik en als je die anonimeit in stand wilt houden dan moet je je ook weer niet teveel mengen met veel mensen.

Deze tekst is ook verschenen op: Waterputspace, oktober 2006.