Tieners voor een ander Nederland
 
 

Pubers voor een Ander Nederland

Leer de Beïnvloedingen door Volwassenen Herkennen


    Oktober 2007

 

INTRODUCTIE
Deze tekst is vooral gericht aan jongeren. De bedoeling van deze tekst is een beschrijving te geven van de mogelijke manieren waarop je op deze leeftijd stilletjes aan meer en meer beïnvloed wordt door de effecten van de Nederlandse samenleving. Voor je het weet doe je er helemaal aan mee en heb je het niet eens meer in de gaten. Op deze leeftijd hebben sommige jongeren echter ook nog een opstandig gevoel, en het is juist dit opstandige gevoel dat gebruikt zou kunnen worden om te zien wat er misschien wel allemaal schort aan Nederland en aan het Westen in het algemeen. Misschien lukt het dan sommige jongeren om een andere aanpak te kiezen. Via deze weg zou ik daar graag een bijdrage aan willen leveren.

WEERSTAND VAN VOLWASSENEN
Voordat ik echt kan toekomen aan de verschillende vormen van beïnvloeding is het handig om eerst even stil te staan bij een mogelijke weerstand die dit artikel kan oproepen bij volwassenen en dan vooral bij ouders. Ouders willen over het algemeen het beste voor hun kinderen en dat beste betekent vaak dat ze hun best doen om hun kinderen te laten opgroeien in een wereld zoals zij die zelf ook kenden. Zij streven vaak naar het ideaalbeeld van een kind dat zich goed thuisvoelt in de samenleving, en geven daarmee ook vaak hun ideeën mee over hoe een kind zich het beste kan ontwikkelen.

Als je dan gaat praten over beïnvloeding van kinderen door allerlei elementen in de samenleving dan loop je al snel de kans weerstand tegen te komen van volwassenen. Er lijkt een soort taboe te liggen op het aandragen van gedachten aan kinderen die niet helemaal stroken met wat we in Nederland normaal vinden. Het gaat dan al snel ruiken naar beïnvloeding van die jonge kinderen met allerlei foute ideeën die kinderen alleen maar op verkeerde gedachten brengen. Ik vermoed een vrij grote overeenstemming tussen ouders dat wat er op school geleerd wordt dat dat over het algemeen wel goed is. Kinderen op die leeftijd moeten beter niet geconfronteerd worden met allerlei opstandige gedachten, ze moeten daar eigenlijk tegen beschermd worden.

Het probleem zou echter wel eens kunnen liggen in de kenmerken van onze samenleving. Stel je eens voor dat er misschien wel eens van alles beïnvloed en gemanipuleerd wordt zonder dat wij er erg in hebben, zonder dat iemand het eigenlijk echt in de gaten heeft. Ik heb het hier niet over een groot complot, maar meer over gewoontes die generatie na generatie worden doorgegeven die wellicht wel eens een vrij storende invloed kunnen hebben op de ontwikkeling van een kind.

In dit artikel wordt gespeeld met de mogelijkheid dat kinderen misschien juist vooral beschermd moeten worden tegen veel van die maatschappelijke gewoontes die we aan elkaar doorgeven.

MIJN ACHTERGROND
Het is wel zo prettig om een beetje een idee te hebben van wie hier eigenlijk aan het woord is. Ik ben een dertiger, een vader en al sinds mijn eigen jeugd heb ik dat gevoel gehad dat er van alles 'niet klopte' in de manier waarop we met elkaar omgaan. Het is niet eenvoudig geweest om dat gevoel vast te houden, maar het lijkt vooralsnog aardig gelukt. Ik geloof ook dat we niet al te veel hoeven te verwachten van volwassenen in het algemeen: die zijn over het algemeen zó enorm bezig met van alles en nog wat dat er weinig tijd overblijft om met dit soort zaken bezig te zijn. Ik denk dat het vooral de pubers zijn die iets zouden kunnen veranderen, en vooral als ze het op een goed onderbouwde manier doen.

HET GELOOF IN BEZIG-MOETEN-ZIJN
Eigenlijk zou je wel kunnen stellen dat er in Nederland een soort geloof bestaat dat weinig tot niets te maken heeft met een god of een religie zoals we dat traditioneel kennen. Er is meer een soort gemeenschappelijk gedeeld geloof dat bepaalde zaken belangrijk zijn. Dit zou je de pijlers van dit 'nieuwe geloof' kunnen noemen, of als je wat somberder bent, zou je het de dogma's van onze samenleving kunnen noemen. Ik praat liever over de pijlers van het Nederlandse geloof.

Eén van de grootste pijlers is wel het geloof in het 'bezig-moeten-zijn'. Kinderen wordt aangeleerd dat het goed is om bezig te zijn met van alles. Dit idee wordt er zo ingeramd dat volwassenen er ook niet of nauwelijks meer van los kunnen komen. Ze verzinnen van alles om altijd maar bezig te zijn met iets, waarbij het dan niet zo heel veel uitmaakt wat ze doen, als ze maar iets doen.

John Lennon zong daarover in het nummer 'Nobody Told me' (of op YouTube):

Always something happening and nothing going on
...strange days indeed.
Everybody's runnin' and no one makes a move
Everyone's a winner and no one seems to lose.
There's a little yellow idol to the north of Katmandu.
Everybody's flying and no one leaves the ground
Everybody's crying and no one makes a sound.

HET GELOOF IN RELATIES
Een ander idee dat je met de paplepel wordt ingebracht als kind is het belang van samenleven met anderen. Op vele manieren wordt een kind opgevoed met het idee dat je pas helemaal goed bent als je een partner hebt. Een ideaal leven kenmerkt zich doordat je niet alleen bent maar samen met iemand anders leeft. In Nederland is er dan nog relatieve vrijheid over met welk geslacht je mag samenleven, maar de combinatie tussen succes in het leven en samenwonen of getrouwd zijn met een ander is van groot belang. Vaak wordt aan kinderen gevraagd of ze al een vriend of vriendin hebben. Als ze ouder worden en ze hebben nog geen vriend of vriendin dan gaan er allerlei alarmbellen af.

Ook dit idee sterft niet zomaar uit, nee, het blijft ook in de geest van volwassenen uitermate actief. Goed, veel mensen weten dit geloofselement wat naar de achtergrond te drukken door zich vast te klampen aan het bovengenoemde geloof in het 'bezig-moeten-zijn', maar er blijft toch altijd dat stemmetje dat zegt: eigenlijk moet je toch een vriend of een vriendin hebben, dan pas ben je echt geslaagd.

Je kunt er in Nederland niet vanuit gaan dat er instemmend geknikt wordt als je besluit geen vaste relaties aan te gaan met anderen. Het is van belang dat je gelooft dat je zelf niet goed genoeg bent. Je bent pas echt OK als je een relatie hebt met een ander.

HET GELOOF IN WERKEN
Een ander diepgeworteld geloof is het idee dat een goede baan van groot belang is. Goed, er zijn ook de nodige mensen die kinderen de vrijheid laten om te gaan voor een baan die ze ook prettig vinden, maar daarbij blijft het geloof intact dat werken van wezenlijk belang is.

Je zou zelfs kunnen stellen dat kinderen vanaf de basisschool al worden voorbereid om hun rol in het arbeidsproces op te nemen. Hierbij wordt steeds op allerlei manieren benadrukt dat het werken later belangrijk is. Sterker nog, kinderen wordt geleerd zich al op een jonge leeftijd te gaan identificeren met een beroep. Het is volledig normaal als volwassenen aan kinderen de zijnsvraag stellen: Wat wil je later worden? Ze zien ouders die zichzelf de broek onder de reet uitwerken.

Kinderen worden zo getraind in het geloof dat werken echt een soort levensinvulling kan zijn. Kinderen leren te denken dat ze pas geslaagd zijn in het leven als ze een baan hebben, en dan nog het liefst een baan waarmee veel geld verdiend kan worden. Als je ziet hoeveel tijd volwassenen doorbrengen op hun werk dan is de boodschap duidelijk: werk speelt een cruciale rol in het leven, en het is vaak nog belangrijker dan het tijd doorbrengen met kinderen.

HET GELOOF IN SEX EN VOORTPLANTING
Een ander geloofselement dat vrij populair is, betreft het idee van voortplanting en sex. Natuurlijk is deze gekoppeld aan het geloof in relaties, maar als je later kinderen krijgt dan heb je het ook goed voor elkaar, zelfs als je relatie weer uitgaat. Hierbij wordt ook benadrukt dat het niet alleen om voortplanting gaat maar dat sexueel verkeer ook prettig en belangrijk is. Als je lange tijd geen relatie hebt of lange tijd geen sex hebt dan is er ook iets niet helemaal goed met je. Dat idee komt over het algemeen wat later in de puberteit opzetten.

HET GELOOF IN AUTO, HUIS, VAKANTIES
Ook populair is het geloof dat het van belang is in wat voor een soort huis je leeft, wat voor een auto je rijdt en waar je allemaal wel niet op vakantie gaat. De nodige kinderen wordt bijgebracht dat je meer waard bent als je in een groot huis leeft en dan nog het liefst een koopwoning. Sommige kinderen wordt bijgebracht dat een BMW beter is dan een SKODA. Ook worden er kinderen opgevoed in een sfeer waarbij benadrukt wordt dat het hebben van veel technische apparaten belangrijk is. Je kunt dan denken aan allerlei soorten mobieltjes, PC's, TV's e.d.

Kinderen die hun ouders veel bezig zien met dit soort apparaten trekken al snel de conclusie dat het wel belangrijk moet zijn om daar veel mee bezig te zijn.

HET GELOOF IN EXTERN VERMAAK
Een ander idee dat kinderen al van jongs af aan wordt aangepraat is vaak dat het gewenst is om te zoeken naar extern vermaak. Dit geloof heeft raakvlakken met het geloof in 'bezig-moeten-zijn', maar heeft toch ook unieke kenmerken. Het externe vermaak dat gepropageerd wordt als wenselijk en goed is bijvoorbeeld het surfen op internet, het spelen van games, het veelvuldig kijken naar de TV, het bezoeken van bioscopen, het downloaden en bekijken van films, het drinken van alcohol, het roken van sigaretten, het downloaden en luisteren naar muziek. Het lezen van kranten en tijdschriften. Allemaal uitingen van het extern gericht zijn van volwassenen. Kinderen leren hierdoor dat het van belang is om vooral hun aandacht naar buiten te richten.

TOENEMENDE SCHEURINGEN BINNEN HET 'GELOOF'
Dit hele geloofssysteem dat generaties lang goed gewerkt heeft lijkt wat scheurtjes te gaan vertonen. Wat zouden de oorzaken kunnen zijn voor het ontstaan van deze 'scheurtjes' in het Nederlandse maatschappelijke geloofssysteem? Een groot deel van het antwoord kan gevonden worden in het omdraaien van de verschillende geloofselementen.

Wat moet een samenleving als er steeds meer mensen niet meer mee willen of kunnen doen met die hele brei aan geloofsideeën? Wat als mensen niet genoeg voldoening meer halen uit het kijken naar de TV en het spelen van computerspelletjes? Wat als er steeds meer mensen komen die niet een groot huis hebben, noch een grote auto en niet ver op vakantie kunnen? Wat als er steeds meer mensen komen die geen vaste relatie hebben of die niet veel sexueel verkeer hebben? Wat als er allerlei mensen zijn die geen plezier meer beleven aan hun werk, of juist zoveel werken dat ze nergens anders aan toe komen? Wat als mensen op een gegeven moment van gekkigheid niet meer weten wat ze moeten doen om maar bezig te blijven, om de omgeving in ieder geval maar de indruk te geven dat ze actief bezig zijn met iets, dat ze druk zijn.

WERKEN AAN EEN ALTERNATIEF
Wat als er bij steeds meer mensen het besef begint te dagen dat we ons misschien wel bezig houden met dingen waar we ons misschien wel helemaal niet zoveel mee zouden horen bezig te houden? Stel je eens voor dat kinderen niet langer dit soort geloofsideeën willen accepteren? Bij gebrek aan een alternatief is de kans groot dat kinderen op steeds jongere leeftijd onze geloofsideeën gaan imiteren tot in het absurde. Zo krijg je kinderen die op hun zesde achter internet aan het gamen zijn, kinderen die op 12-jarige leeftijd sex hebben of excessief veel alchohol drinken. Kinderen die al vroeg allerlei (soms slinkse) manieren verzinnen om aan geld te komen, zodat ze ook al de gadgets kunnen kopen die zo belangrijk zijn, want dat hebben ze allemaal van ons geleerd.

Wat zou een levensvatbaar alternatief kunnen zijn voor dit geheel van geloofsopvattingen dat wij aan kinderen meegeven? Voor kinderen die eens wat anders willen proberen dan deze 'dwingende' soep die ze van volwassenen voorgeschoteld krijgen, zouden ze zich hier eens mee bezig kunnen houden, voordat het te laat is en je net zo bent als de volwassenen om je heen:

  • Vraag jezelf af of het wel zo goed is om continu bezig te zijn met dingen.
  • Vraag jezelf af of een volle agenda iets is om trots op te zijn.
  • Durf je ergens een half uur met je ogen dicht te gaan zitten, zonder radio, TV, mobieltje of PC?
  • Vraag jezelf af of je ook waardevol bent als je geen relatie hebt met een ander
  • Denk je dat je ook gelukkig kunt zijn als je geen volle werkweek hebt?
  • Denk je dat jouw geluk gekoppeld is aan het hebben van allerlei dingen?
  • Wil je afhankelijk zijn van anderen voor je eigen gevoel van geluk?
  • Ben je een waardevoller mens als je populair bent op school?
  • Moet je bezig zijn met sex of met sigaretten om erbij te horen?
  • Is een gevoel van innerlijke rust niet veel prettiger dan het gejaag van het ene ding naar het andere?
  • Zou je niet liever nieuwe dingen verzinnen waar volwassenen nog wat van kunnen leren?

CONCLUSIE
Soms denk ik wel eens dat we met elkaar allemaal zó bezig zijn met dingen die buiten ons gebeuren dat we bijna bang zijn geworden om ergens, in stilte, alleen met onszelf te zijn. Dat we het vermogen zijn verloren om te luisteren naar onze gedachten, dat we vergeten zijn dat er in onszelf misschien wel sprake is van een 'innernet' dat vele malen indrukwekkender is dan het internet. Als we zouden beginnen met het aanpakken van onze geloofssystemen dan zou er wellicht echt wat kunnen veranderen. Maar wie is er nu bereid om de hierboven beschreven geloofsideeën opnieuw te bezien? Ik denk niet dat we van volwassenen veel hoeven te verwachten, maar dat we onze hoop voor een andere realiteit vooral moeten richten op kinderen, jeugdigen, tieners, pubers, scholieren die nog niet helemaal geïndoctrineerd zijn in het systeem van de Nederlandse volwassenheid.

Waterput.

Naar boven