Waterput: Na Gesprek met Projectleider Heiderijk
 

Na Gesprek met Projectleider Heiderijk


    20 april 2010 - door Waterput

SAMENVATTING
Half april 2010 is er een gesprek geweest met de projectleider, de heer Ruesen van het project Heiderijk. Er is een uitgebreid verslag geschreven over dit gesprek dat je kunt lezen door hier te klikken. Hieronder volgt een samenvatting vanuit mijn perspectief.

De kern van het probleem blijft het verschil in houding ten opzichte van bosbeheer. In Twee Visies op Massale Boomkap schrijf ik daar uitgebreid over. Er is een ecologische elite die samen met bosbeheerders en geldschieters de macht heeft om te bepalen wat ze met de bossen in Nederland willen doen, waarbij er altijd wel ergens bedreigde insecten of reptielen te vinden zijn die ingezet kunnen worden om tientallen hectaren bos te kappen en nog eens vele tientallen hectaren bos (drastisch) uit te dunnen. De stem van de andere groep heeft nauwelijks macht. Dit betreft de mensen die graag genieten van een bos met veel bomen, waarbij je soms zelfs even het gevoel kunt krijgen dat je je in een wat ongerepter stuk Nederland bevindt, waar je uren door bossen kunt lopen zonder dat je om de haverklap wordt geconfronteerd met kunstmatig aangelegde cultuurheide.

Daarbij spelen ook economische motieven een rol omdat hout nu eenmaal geld oplevert. Een bos dat je verdunt levert meer geld op dan een bos dat je maar zijn gang laat gaan. Een bos dat je kapt levert ook meer geld op dan een ongekapt bos. Verder is de mogelijkheid aanwezig dat het omzetten van bos naar heidegebieden veel werkgelegenheid en daarmee inkomsten genereert via subsidiegelden. Tegelijkertijd kost het project ook veel geld. Alleen door subsidiegelden vanuit de provincies en het ministerie van LNV kunnen dit soort projecten worden uitgevoerd. Ook het voortdurende onderhoud aan de vele heidecorridoren zal het nodige geld blijven kosten. In die zin is heide economisch gezien weinig lucratief: buiten de eventuele extra inkomsten door het vele hout dat vrijkomt is het op de langere termijn toch vooral een blijvende kostenpost, al betrof het alleen maar de inzet van de schapenkuddes en de herder.

Ook al verkeert Staatsbosbeheer financieel in zwaar weer lijkt het er vooralsnog niet op dat er sprake is van een enorme toename aan houtkap. De afgelopen tien jaar zijn er meerdere jaren geweest met ongeveer dezelfde hoeveelheid boskap. De houtprijs staat er in vergelijking met 2005 nog wel een stuk gunstiger bij, waardoor het kappen van hout op de kortere termijn nog wel degelijk geld in het laatje brengt. De opbrengsten door houtverkoop mogen de afzonderlijke partners ook zelf houden. Om welke bedragen het gaat heb ik op dit moment nog niet inzichtelijk kunnen krijgen. Hierdoor is het niet duidelijk of de partners er uiteindelijk financieel op vooruit gaan of niet met een dergelijk project. De aard van de contracten met Essent en Nuon voor de 'biomassa-aanlevering' blijven ook geheim. Wel werd in het jaarverslag van 2008 (p.60) van staatsbosbeheer melding gemaakt van een nieuw contract met Essent waarbij dubbel zoveel biomassa geleverd zou gaan worden. De totale hoeveelheid biomassa voor alle biomassa-verwerkers zou daarmee op 60.000 ton komen.

We leven momenteel in een tijd waarin een groepje ecologen de macht heeft om te bepalen wat er met de bossen in Nederland gaat gebeuren. Een onderzoeksrapport met daarin genoemd enkele bedreigde diersoorten is voldoende om de subsidiekranen open te zetten en met enkele europese regels in de achterzak kunnen allerlei boomvernietigingsprogramma's worden opgezet. Doordat de gewone burger geen ecologische of bosbouwkundige achtergrond heeft kunnen zij snel overrompeld worden met wetenschappelijk gefundeerde informatie en argumenten waardoor ze zich al snel neigen terug te trekken om niet als 'domme en onwetende burger' weggezet te worden.

Zoals we in het verleden echter wel vaker gezien hebben is het niet altijd verstandig om maar te vertrouwen op wat de beleidsbepalers denken. We kennen daar genoeg voorbeelden van. Het blijft altijd van belang om waakzaam te blijven en de bestuurselite te blijven controleren en niet zomaar je eigen kritische vermogens op zij te zetten. De keuze voor het beschermen van een paar insectensoorten (die er hoogst waarschijnlijk een paar eeuwen geleden ook niet waren) middels het aantasten van grote bosgebieden kan vooral bestaan omdat er door de ecologische elite in Nederland geloofd wordt in de ultieme maakbaarheid van de natuur. De waarde van bomen is bij deze houding vaak van ondergeschikt belang. Het lijkt soms wel alsof bomen vooral beleefd worden als een soort onkruid dat een bedreiging vormt voor de natuurwaarde en de biodiversiteit.

Dat bomen en - vooral grote aaneengesloten haast ongerepte bosgebieden - voor veel bosliefhebbers een grote waarde hebben wordt vaak niet meegenomen in de berekeningen van de ecologen en de bosbeheerders.

Lees meer...

Zie ook:

Auteur - Naar boven - Mailcontact