Grensschap

Albertkanaal             

Grenzschaft – Fronté - Frounty

Start Omhoog Windmolens Industrie Natuurbeleid Woningbouw Euregio Fietsroutes Erfgoed Landbouw Stedenbeleid Infrastuctuur Algemeen Leemwinning Toerisme Dousberg info

Eureg diversen Euregio kaart

Euregio

Dagblad de Limburger,  donderdag 11 december 2003

Euregionale tv krijgt gestalte

De gefuseerde commerciële televisiestations TV Totaal en TV Sittard gaan samenwerken met TV Limburg in Hasselt, België. Vanaf januari opereren ze allebei onder de naam TV Limburg.

Dat hebben directeur W.Claessen en zijn Belgische collega E.Bujok gisteravond bekendgemaakt. Doel is de kijkers in de beide Limburgen beter en ruimer te informeren over wat er dagelijks in de Euregio speelt. ,,TV Limburg komt op precies het goede moment. We zochten na de fusie een ideale naam. Die hebben we nu gevonden'', aldus Claessen. Collega Bujok vult aan: ,,L1 is een dominante speler op de markt. Samenwerking met TVT en TV Sittard is alleen maar goed.''
Beide stations gaan nieuws uitwisselen en op commercieel gebied samenwerken. De plannen moeten nog nader uitgewerkt worden. Claessen: ,,Wij gaan commercials werven voor Hasselt en zij voor ons. Dat moet beide stations 200.000 tot 300.000euro per jaar extra opleveren. Ook willen we samen programma's gaan ontwikkelen en personeel opleiden.''
L1, sinds kort via de satelliet te ontvangen binnen Europa, wil graag ook op de kabel in Belgisch-Limburg. Gedeputeerde O.Wolfs (PvdA, Mediazaken) juicht dat plan toe, mits TV Limburg in Hasselt aan deze kant van de grens te ontvangen zal zijn. Gisteravond vond hierover een vergadering plaats in het provinciehuis in Maastricht met alle betrokken partijen.
Een eerdere poging beide zenders uit te wisselen mislukte. Probleem is dat de programmaraden van Essent Kabelcom en Nutsbedrijven Maastricht de vereiste wettelijke goedkeuring nog niet hebben gegeven. Ook in België moet een wettelijke regeling komen, weet Bujok. Gaan de programmaraden alsnog overstag - vóór 1februari moet er duidelijkheid zijn - dan kunnen beide kabelnetwerken gekoppeld worden. Dat kost 80.000euro, plus jaarlijks 60.000euro aan onderhoudskosten. ,,Dat zullen we als provincie moeten betalen'', aldus Wolfs in een reactie.

 

Het Belang van Limburg, donderdag 11 december 2003

TV Limburg ook in Nederlands Limburg

De regionale televisiezender TV Limburg heeft een samenwerkingsverband afgesloten met de commerciële Regionale Televisie Nederlands Limburg (RTNL) uit Sittard. Die zender start vanaf januari volgend jaar met een nieuwsuitzending. Het is de bedoeling dat beide zenders nauw gaan samenwerken op het vlak van informatie- en programma-uitwisseling om op die manier de beide kanten van de grens in beeld te brengen.
Dat hebben directeur Wim Claessen van RTNL Sittard en Ernest Bujok, directeur radio en televisie van Concentra Media donderdag in een gezamenlijke mededeling bekend gemaakt.
TV Limburg en RTNL zullen onafhankelijk ten opzichte van elkaar opereren, maar vanaf volgend jaar onder de naam 'TV Limburg" op de beeldbuis verschijnen. Daarmee willen ze de band met de provincie waarover ze berichten onderstrepen. TV Limburg werkt al een tijdje op een gelijkaardige manier samen met de Nederlandse publieke omroep L1.
De bestaande Nederlandse zenders, TV Totaal en TV Sittard, zijn recent gefuseerd met de Regionale Televisie Nederlands Limburg.
De bestaande Nederlandse zenders zullen vanaf januari 2004 geleidelijk opgaan in de nieuwe Nederlands Limburgse zender TVL.
Beide zenders zullen ook nauw gaan samenwerken op het vlak van de verkoop van advertenties, met als doel de adverteerder aan weerszijde van de grens aan te moedigen en te helpen om in de Euregio te adverteren, zo luidt het verder.

 

Dagblad de Limburger, zaterdag 18 oktober 2003

 Akkoord over blauwdruk voor Drielandenpark

VAALS, - Na twee jaar onderhandelen hebben de Nederlandse, Belgische en Duitse autoriteiten overeenstemming bereikt over een blauwdruk voor het zogeheten Drielandenpark, het 'groene hart' tussen Sittard, Maastricht, Aken en Luik.

De verschillende overheden willen de karakteristieken van het grensoverschrijdende, nog ruimtelijke Heuvelland zo veel mogelijk handhaven. Daartoe zullen de komende jaren tal van projecten worden opgezet op het terrein van agrarisch natuurbeheer en waterhuishouding, het herstellen van ecologische verbindingszones en het verbeteren van de toeristische infrastructuur. De financiering zal met name uit Euregio-fondsen komen, Brussel en de nationale overheden.

De eerste aanzet werd gisteren gepresenteerd in kasteel Vaalsbroek in Vaals met het 'Ontwikkelingsperspectief Drielandenpark'. Het is het raamwerk voor het Drielandenpark dat een looptijd van dertig jaar krijgt. Hoewel de plannen in het stuk nog tamelijk abstract zijn, waren de verwachtingen gisteren bij de tientallen beleidsmakers uit Nederland, Belgie en Duitsland hooggespannen.

In het verleden zijn dit soort Euregionale-plannen nogal eens een stille dood gestorven maar burgemeester M. Quint van Vaals verwacht dat het met Drielandenpark anders zal gaan. ,,In dit project zit een heel duidelijk gemeenschappelijk belang, namelijk de kwaliteit van dit open gebied tot in lengte van jaren te garanderen'', aldus Quint.

Het grote voordeel is dat de landen nu een gemeenschappelijk doel voor ogen hebben en dat je daarmee een blok subsidie kunt proberen binnen te halen in Brussel of bij de nationale overheden. ,,Want alleen red je het niet meer.'' Ze noemt het voorbeeld van de streekproducten.

,,Boeren heb je nodig voor je landschapsbeheer maar we weten dat boeren het steeds lastiger krijgen. Je zou er dus aan kunnen denken om beperkt op streekproducten over te schakelen en afzet en distributie gemeenschappelijk en grensoverschrijdend te regelen.'' De VVV's in de drie landen kunnen vervolgens een taak krijgen om de streekproducten te promoten.

Volgens projectleider A. Blokland kan het beleidsdocument voor het Drielandenpark worden gezien als een grensoverschrijdend streekplan. ,,Heel globaal weliswaar maar deze toekomstvisie is in feite een vertaalslag van de streekplannen van de verschillende landen. In de toekomst is het zeer goed mogelijk dat de onderlinge streekplannen meer op deze ontwikkelingsvisie worden toegesneden. Of dat er deel-streekplannen worden gemaakt om bepaalde grensoverschrijdende projecten te kunnen uitvoeren.''

 

Bericht 3/014.  

Project SOS II (Sustainable Open Space II)

Persbericht 29-9-2003

Europees geld voor ontwikkeling Groene Hart

Convenant transnationale samenwerking ruimtelijke ordening


Op vrijdag 26 september zijn in Oudewater de laatste handtekeningen onder het convenant voor het Europees project Sustainable Open Space II gezet. Namens de provincie Utrecht, de trekker van dit project, heeft gedeputeerde Lokker het convenant ondertekend.

Daarnaast hebben namens de andere partners uit het Groene Hart (de provincie Zuid-Holland en de WLTO), gedeputeerde Dwarshuis respectievelijk directeur Heikoop het convenant ondertekend. De ondertekening betekent het officiële startsein voor dit project.

13 miljoen euro
SOS II (Sustainable Open Space II) bevordert transnationale samenwerking op het vlak van ruimtelijke ordening. De doelstelling is het ontwikkelen en opwaarderen van duurzame open ruimten in Noordwest Europa, op basis van landschappelijke identiteit. Aan SOS II nemen in totaal 16 partners uit zeven regio's in vijf Noordwest-Europese landen deel. De zeven regio's zijn Groene Hart (NL),
Maastricht-Hasselt-Aken-Luik (NL/D/B), Vlaams-Brabant (B), Ile de France (F), South Pennines (UK), Frankfurt/Rhein-Main (D) en Oberrhein (D/F). Met het project is 13 miljoen Euro gemoeid, waarvan de helft komt uit het Europees programma Interreg IIIB. Aan de hand van concrete projecten in de regio's zullen planningsconcepten, marketingstrategieën en een kennisnetwerk worden ontwikkeld. Daarnaast zal de partnership verder invulling krijgen als lobby- en kennisnetwerk voor open-ruimtevraagstukken op Europees niveau. SOS II loopt tot en met 2005, waarna de resultaten zullen worden aangeboden aan de Europese Commissie.

Projecten Groene Hart
In het Groene Hart zullen krijgen drie projecten geld die een voorbeeldfunctie zullen hebben voor deze en andere regio's. Grootste project in het Groene Hart is de ontwikkeling van Fort Wierickerschans als informatie-, bezoekers- en cultureel centrum van het Groene Hart. Hierbij worden functies als zorg, cultuur, recreatie en natuur gecombineerd. Een ander Groene-Hartproject in SOS II is Groen Hartelijk Welkom van de WLTO. Dit project stimuleert samenwerking tussen agrarisch ondernemers op het gebied van Groene Hart-producten en marketingstrategieën. Het derde Groene Hart-project is Focus Locus van de provincie Zuid-Holland. Dit project ontwikkelt samen met bewoners van de Oude Rijn-zone een beeld van de identiteit van het gebied. Dit beeld wordt vervolgens als uitgangspunt gebruikt voor de herinrichting van dat gebied.

Europese problematiek
De open ruimten van Noordwest Europa liggen in een brede zone van Midden-Engeland tot Noord-Italië. In deze zone zijn de economische activiteiten geconcentreerd en woont 80% van de bevolking op slechts 20% van de oppervlakte. De open ruimten zijn belangrijk voor de omliggende agglomeraties, maar worden door hun strategische ligging ook door hen bedreigd. Zo wordt bijvoorbeeld de druk op de lokale bevolking steeds groter, nemen grondprijzen schrikbarend toe, verdwijnt de landbouw, verdwijnen de landschappelijke identiteit en de ecologische kwaliteiten en worden de regio's gekenmerkt door mobiliteitsproblemen en bereikbaarheid. Om deze problematiek onder de aandacht te brengen van de Europese Commissie, werken de partners van het project Sustainable Open Space als sinds 1998 samen in zeven regio's met een vergelijkbare problematiek. Van 1999 tot 2001 deden zij dit in het kader van het eerste SOS-project onder Interreg IIC. Van 2003 tot en met 2005 zullen zij dit doen in het kader van SOS II.

 
Meer informatie: Franca Olthof, telefoon 030-2583325
of Franca.Olthof@provincie-utrecht.nl

 

Goedgekeurde projecten

Ruim € 6 miljoen Europees geld voor samenwerkingsprojecten open ruimte in stedelijke gebieden

Provincie Limburg doet mee aan project 'Sustainable Open Space' (SOS-2)

Dagblad de Limburger. 7 maart 2003 - Zeven stedelijke regio's in Noordwest Europa krijgen gezamenlijk een bedrag van ruim € 6 miljoen van het Europese Regionale Ontwikkelingsfonds Interreg IIIb. Daarmee financiert de EU de helft van de totale projectkosten van ruim € 13 miljoen. Het project 'Sustainable Open Space (SOS)' is een samenwerkings-verband tussen stedelijke agglomeraties in Noordwest Europa die zich voorgenomen hebben de open ruimte tussen hun steden open te houden en duurzaam te beheren.

De Provincie Limburg is één van de deelnemende partners en vertegenwoordigt de "MHAL-regio", het gebied tussen de steden Maastricht – Heerlen – Aken en Luik. Andere deelnemers zijn het Groene Hart Holland, Vlaams Brabant, de agglomeratie Frankfurt – Rhein- Main, het gebied Oberrhein (de bovenloop van de Rijn bij Basel, Stuttgart en Straatsburg), de regio "Ile de France" rond Parijs, en de South Pennines in Engeland. De samenwerking bestaat al sinds 1998. Aanvankelijk was deze vooral gericht op uitwisseling van ideeën en ervaringen tussen die verschillende regio's. Eind vorig jaar is een nieuwe aanvraag voor financiering van concrete uitvoeringsprojecten ingediend. Met het positieve besluit van de EU kunnen de uitvoeringsprojecten daadwerkelijk van start gaan.

Aantrekkelijk maken
De concrete projecten richten zich op het behoud van de open ruimte tussen de steden door deze nieuwe functies te geven, aantrekkelijker te maken en beter te benutten. Dat gebeurt bijvoorbeeld door het opknappen van specifieke landschapselementen, de natuur en karakteristieke gebouwen. Zo krijgt het grote publiek meer waardering voor de cultuurhistorische en landschappelijke waarden van de regio. Dit gebeurt ook door het beter benutten van de landbouwkundige mogelijkheden, promotie van streekproducten en het toerisme.

Uitvoering
Met de uitvoering in Limburg zijn organisaties bezig die zich inzetten voor landschaps- en natuurbeheer, zoals het IKL, Natuurmonumenten en het Centrum voor Natuur- en Milieueducatie. Concreet wordt gewerkt aan de aanleg van erfbeplantingen, herstel van groeven en archeologische objecten en de inrichting van natuurparken aan de stadsranden. Het landgoed Terworm bij Heerlen is daarvan een voorbeeld. Verder wordt er een (internet-) netwerk gecreëerd voor de uitwisseling van informatie over duurzaam beheer van open ruimte.

Drielandenpark / Vitaal platteland Zuid-Limburg
Het project past uitstekend in de visie op internationalisering van de Provincie Limburg, meer in het bijzonder binnen de ideeën over regionale samenwerking met de buurlanden in het kader van het Drielandenpark. "Door de uitwisseling met partijen in de andere Europese stadsregio's hopen we niet alleen veel van anderen te leren, maar ook onze eigen ervaringen met regionale ontwikkeling naar Europa te kunnen uitdragen. Bovendien is het een welkome aanvulling op het budget voor het programma Zuid-Limburg-Vitaal Platteland" zegt gedeputeerde Odile Wolfs, als gedeputeerde verantwoordelijk voor het SOS-2 project.

De totale kosten van alle deelnemende projecten tezamen bedragen ruim € 13 miljoen, waarvan de helft door de EU zal worden gesubsidieerd. De deelnemende partners betalen de andere helft. In de provincie Limburg dragen de gezamenlijke partners ca. € 1,1 miljoen bij, waarvan de Provincie Limburg € 200.000,- voor haar rekening neemt. Het project SOS-2 loopt tot 2006. Verwacht mag worden dat het SOS-netwerk daarna op eigen kracht blijft voortbestaan
.

 

## Toegekende subsidies Belvedere-regeling voorjaar 2003

 

Te raadplegen op www.belvedere.nu.  Enkele selecties:

 Vereniging Natuurmonumenten, Eindhoven

Een nieuw elán voor Fort Sint Pieter en de Fronten

€ 70.000,00
 
Het Fort Sint Pieter is in 1703 ten zuiden
van Maastricht gebouwd om de stad te beschermen tegen aanvallen vanuit het zuiden. Onder het fort ligt een doolhof van mergelgangen, die nu fungeert als verblijfplaats van vleermuizen. Het fort is de toegangspoort naar de Sint-Pietersberg, een natuurgebied met een ongekende rijkdom aan plantensoorten. Natuurmonumenten wil de uitstraling en de toegang tot het fort en de waardevolle natuur verstreken. Historische, stedenbouwkundige, landschappelijke en ecologische waarden vormen de input voor het plan dat onder andere in samenwerking met architectenbureau Hamers, Voorvelt en Nijsen, bureau Mens en Ruimte, de stedenbouwkundige Paul Lievevrouw en landschapskundige Marc Appelmans wordt opgesteld. In het najaar van 2004 worden de resultaten gepresenteerd.

 

 

 

Mark Eker landschapsarchitectuur.

Grenslandschap – ontwerpend onderzoek naar het landschap in de invloedssfeer van de nationale grens € 69.914,00

 Door de eenwording van Europa vervagen de landsgrenzen. Dit heeft gevolgen voor het Nederlandse grenslandschap. Landschapsarchitect Mark Eker heeft een onderzoeksvoorstel opgesteld om onze landsgrens integraal in beeld te brengen. Wat is de historie en wat is de vorm en betekenis van de grens in het toekomstige Europese landschap? Het onderzoek wordt uitgevoerd door de aanvrager, het Centre for Border Research van de Katholieke Universiteit Nijmegen, een sociaal geograaf, een kunsthistorica en een stedenbouwkundige. Van de betrokkenen zullen in een aantal vakbladen essays over de betekenis van de grens en de periferie verschijnen. Ook is het project te volgen op een website. De resultaten worden daar naar verwachting in de zomer van 2004 getoond