Grensschap

Albertkanaal             

Grenzschaft – Fronté - Frounty

Start Omhoog Windmolens Industrie Natuurbeleid Woningbouw Euregio Fietsroutes Erfgoed Landbouw Stedenbeleid Infrastuctuur Algemeen Leemwinning Toerisme Dousberg info

Europees landbouwbeleid

Visie LTO-Nederland:  Wonen in het groen baat stad noch land

Verdwijnt de landbouw van het platteland, dan ontstaat er een vreemde situatie: het karakter is ontleend aan het gebruik. Een argument om te komen tot een nieuwe prioriteit is de opbrengst: wonen als lucratievere economische drager van het landelijk gebied. Volgens landbouwvoorman J. Heijkoop (LTO-Nederland) is dat “een gigantische misvatting”.

Het leidt ertoe dat zowel stad als platteland erop achteruit gaat, stelt hij. “Wonen in het groen is voor kopers die forse bedragen kunnen neertellen. Die vormen een heel klein segment. Maar het wordt wel de doodsteek voor de grote steden. Die krijgen een nog eenzijdiger bevolkingsopbouw.” Veel geld zal later nodig zijn”, voorziet hij, “om de gevolgen daarvan aan te pakken. De opbrengst van wonen in landelijke gebieden weegt daartegen niet op.”
In het dagelijks bestuur van LTO-Nederland beheert Heijkoop de portefeuille planologie en ruimtegebruik. Hij meent dat scherpe ruimtelijke contouren en een vitaal platteland prima samengaan. “Laat steden steden, dorpen dorpen en zorg dat er veel landelijk gebied blijft”, luidt zijn devies. “Want mensen willen individueel wel graag in het groen wonen, collectief zijn ze voor het behoud van het agrarisch cultuurlandschap.”
Landbouw valt in zijn ogen uitstekend te combineren met recreatie en natuurontwikkeling. “Dan heb je een gebied waar stedelingen hun ontspanning kunnen vinden. Dat is goed voor de regionale economie en voor Nederland als geheel.”

Dom
Het economisch belang van de landbouw wegwimpelen noemt hij “een onvoorstelbaar domme zet. De landbouw is de derde economische pijler van Nederland, na de dienstensector en de logistiek. Vooral de glastuinbouw doet het enorm goed, met nog steeds een groei van 3 tot 5 procent per jaar. In Nederland zijn we maar in een paar dingen goed, dat zijn deze sectoren. Daarop moeten we ons richten. In alle overige zaken zijn we gemiddeld of minder.”
Een aantrekkelijk agrarisch buitengebied is de moeite waard vanwege de directe opbrengst, schetst hij. “Maar er is ook een enorm indirect resultaat. Landbouw, (agrarische) natuur en recreatiebedrijvigheid staan echter niet op zichzelf. De som van het geheel is meer dan de waarde van de onderdelen.”
Ruimte is daarbij essentieel, weet hij, vandaar zijn pleidooi voor scherpe contouren. “Anders krijg je fragmentering, een moeras hier, een woongebied daar, dat moet je niet hebben.”

Koeien
Dat het agrarisch platteland intussen een kale bedoeling wordt, bestrijdt hij. “De koeien moeten weer naar buiten, koeien in de wei horen erbij. Maar het open landschap, hier en daar een boerderij, de polderstructuur, dat zijn op zichzelf ijzersterke karaktereigenschappen.”
Schaalvergroting in de landbouw hoeft volgens hem geen bedreiging te zijn voor dat landschap. “Die schaalvergroting is hard nodig om sterke bedrijven te houden. Gekoppeld aan agrarische natuurontwikkeling, vergoedingen voor landschapsbeheer en recreatieve voorzieningen kan de komst van grotere bedrijven juist samengaan met verbetering van de landschapskwaliteit.”
Het kabinet wil het slot van het platteland halen. Dorpen moeten kunnen bouwen om niet in de versukkeling te raken. “Prima, dat dit gebeurt”, reageert Heijkoop tevreden op deze beleidsomslag. “Maar de nieuwbouw moet wel aansluiten op de bestaande bebouwing. Voor dorpen is het belangrijk dat ze de eigen inwoners kunnen huisvesten, dat kan ook compact. Als je strakke contouren trekt, zul je zien dat er slimmer wordt gebouwd. Wat is er bijvoorbeeld op tegen” stelt hij, “om ook in een dorp wat meer gestapelde – luxe – woningen te bouwen. Er bestaat een koopkrachtige groep die op die manier wil wonen, eventueel met verzorging erbij.”
Volgens Heijkoop gebeurde het in het verleden nogal eens dat landelijke gemeenten – om hun geldnood te lenigen – het toch al bescheiden contingent aanwendden voor dure woningen, in plaats van voor de eigen woningzoekenden te bouwen. Zodat die laatsten noodgedwongen stadwaarts gingen, tegemoetgereden door stedelingen die naar het dorp gingen.

Iconen
Het aantal boeren neemt af, dat proces blijft doorgaan. Boerderijen, de iconen van het cultuurlandschap, komen daarmee beschikbaar voor andere bestemmingen, bijvoorbeeld wonen. Als woonboerderij zijn ze goud waard. “Van mij mag een voormalige boerderij een woonbestemming krijgen”, zegt Heijkoop. “Als je maar zorgt dat het uiterlijk niet verandert. Je kunt een boerderij ook splitsen in een groter aantal woningen. Die zijn dan voor meer mensen, ook uit de eigen gemeente, betaalbaar. Dat is een vorm van intelligent aanpassen. We moeten af van de boekhoudersmentaliteit die zegt: één boerderij, één woning. Het verheugt me dat de minister ook die kant op wil.”
Maar de ruimte eromheen blijft wat hem betreft voor de landbouw; het cultuurlandschap moet geen fake-landschap worden. Het is nog steeds zo, weet hij, “dat het in Nederland barst van de gemotiveerde, vakbekwame boeren.” Meer dan er land is, daarom slaan velen hun vleugels uit in het buitenland. “In sommige regio’s in Denemarken is al een kwart van de boeren uit Nederland afkomstig.”
De kennis, innovatie, samenwerking en arbeidsmentaliteit zorgen in Nederland volgens hem voor een prima infrastructuur en een goede naam. “Juist daarom verhuist een grote Spaanse kweker binnenkort naar Nederland.” Zijn specialiteit: veel tomaten. “Hij bouwt er een kas voor van 35 hectare.”

Dagblad de Limburger,  donderdag 4 december 2003

Strengere regels waterbeheer boeren

 

Boeren in Limburg worden in de toekomst gedwongen regenwater op akkers en weilanden langer vast te houden. Nu gebeurt dat op vrijwillige basis, maar te veel boeren onttrekken zich aan die regeling.

Het provinciebestuur gaat het waterbeheer in de landbouw aanscherpen. Doel daarvan is het peil van het grondwater minstens tien centimeter te verhogen omdat veel landbouw- en natuurgebieden nu verdrogen.

Begin december worden de strengere regels voorgelegd aan een adviescommissie waarin ook de Limburgse Land- en Tuinbouwbond en het Waterschap Peel en Maasvallei zitten. In januari buigen Gedeputeerde Staten zich er over. De Limburgse boeren is drie jaar geleden gevraagd vrijwillig een bedrijfswaterplan te maken. De provincie beloofde in ruil tot 2010 geen grondwaterheffing in te voeren, maar eiste wel dat minstens 80 procent van de boeren zou meedoen. Dat percentage wordt nog nergens gehaald. In het stroomgebied van de Oostrumsebeek doet 70 procent mee. Elders heeft minder dan de helft van de boeren een bedrijfswaterplan gemaakt. Vooral in de regio Nederweert laten agrariërs het massaal afweten. Dat is reden voor de provincie om niet tot 2006 te wachten met een evaluatie. ,,Het roer moet om", zegt beleidsmedewerker J. Vecht van de provincie. Het laat zich volgens hem raden waarom boeren het laten afweten. ,,Er is geen enkele sanctie."

Bij de boeren die wel deelnemen, blijken de maatregelen te werken. Een van de onderdelen van het bedrijfswaterplan is het project 'Beregenen Op Maat'. Als een boer beter kijkt naar weersvoorspellingen en de toestand van het gewas, kan hij al 25 procent grondwater sparen. Het provinciebestuur gaat de beregeningsregels voor akkerbouwers en vollegrondsgroentetelers nu ook opleggen aan de kassenteelt, de boomteelt en aan boeren die grondwater gebruiken voor bijvoorbeeld het schoonmaken van asperges en prei.

Er komen nog meer verplichtingen op de boeren af. In de afgelopen drie jaren zijn circa achthonderd stuwen aangelegd in boerensloten. Die zijn aangelegd door het waterschap Peel en Maasvallei met geld uit Brussel. De boeren mogen deze stuwen zelf bedienen en kunnen dus op eigen houtje het water ophouden of weg laten stromen. Aan die situatie wil de provincie een einde maken door vaste stuwpeilen aan te geven. Bij elke stuw wordt een peilbuis in de grond geslagen om te kijken welk effect de opstuwing heeft op het grondwater. Voor akkerland wordt bijvoorbeeld verplicht gesteld dat de grondwaterstand tussen de vijftig en tachtig centimeter onder het maaiveldniveau moet liggen. ,,Alleen als er echt redenen zijn om er tijdelijk van af te wijken, staan we dat toe", zegt Vecht.

In Noord-Brabant lijkt de aanpak succesvoller. Hier hoeven de boeren geen bedrijfswaterplan te maken, maar worden ze financieel beloond als ze deelnemen aan Beregenen Op Maat. De deelnemers hoeven dan geen grondwaterheffing te betalen, die in Noord-Brabant in 2000 is ingevoerd. Wie niks doet, moet 1,9 eurocent per kuub gebruikt grondwater betalen. Ruim 2800 van de 8000 Brabantse boeren die regelmatig beregenen, doen om die reden al mee. ,,Zij gebruiken 32 procent minder grondwater dan normaal", zegt R. Schrauwen van de Zuidelijke Land- en Tuinbouw Organisatie (ZLTO) in Tilburg. Met de 2800 deelnemende boeren wordt overigens twee derde van de Brabantse landbouwpercelen bereikt. Dat betekent dat vooral de grote boeren deelnemen aan het project. De provincie Noord-Brabant maakt er dan ook niet zoveel werk van om de resterende vijfduizend 'ponyboeren' te dwingen om in de pas te lopen.

Schrauwen stelt vraagtekens bij de Limburgse aanpak, waar de zaken volgens hem teveel ,,van boven af" worden geregeld. ,,Dat werkt weerstand op", zegt hij. Binnenkort wordt een studie gepresenteerd van de Universiteit Wageningen, waarin de Brabantse en Limburgse aanpak met elkaar worden vergeleken. Schrauwen meent dat de Limburgse aanpak best effect kan sorteren. ,,Maar dan is er wel een legertje ambtenaren nodig om de boeren te controleren. Ik denk dat de meeste Limburgse boeren positief staan tegen waterconservering, alleen de poeha er om heen wekt weerstand op."

 

Twee Vlaamse websites die informatie geven over het Vlaamse beleid.

Een eerste over landbouw en milieu met de verslaggeving van de studiedag, die op 24 oktober 2003 in het Vlaamse parlement georganiseerd werd: "landbouw en milieu: duurzaam op weg?". Vanaf heden zijn de verslagen en de teksten van de openings- en slottoespraak te vinden op http://mina.milieuinfo.be/studiedaglandbouw.html.
Ook de inventaris van initiatieven en instrumenten voor een meer duurzame landbouw is op dezelfde website te vinden. Deze informatie is ondergebracht op de site van AMINAL (de Vlaamse administratie voor Milieu en Natuur).

Als aanvulling op bovenstaand krantenbericht over agrariërs en waterbeheer, kan je kijken naar de Nederlandse site over het belang van medebeheer van waterconservering door agrariërs, zowel voor landbouw- als natuurdoeleinden is http://www.waterconservering.nl.

 

Dagblad de Limburger,  maandag 06 oktober 2003

 

Autobanden weg van boerenerf

 

VALKENBURG - Alle oude autobanden van het boerenerf af. Dat is wat de Limburgse Land en Tuinbouw Bond (LLTB) wil bereiken met een grote inzamelactie bij boeren in Zuid-Limburg.

De LLTB heeft zich tot doel gesteld minimaal vijftigduizend autobanden op te halen. Volgens R. Smeets van de LLTB is het project enerzijds bedoeld om het platteland een beter imago te geven. ,,Vroeger hadden de autobanden een duidelijke functie, namelijk om te zorgen dat het plastic over het veevoer bleef liggen. Nu wikkelen de boeren dat vaak helemaal in plastic, waardoor die autobanden overbodig zijn geworden.''

In de toekomst wordt strenger opgetreden tegen opslag van grote aantallen, landschapontsierende autobanden.

Daarnaast wil de LLTB er ook voor zorgen dat de banden op een verantwoorde manier worden afgevoerd. De provincie heeft inmiddels steun gegeven voor een eenmalige inzamelactie. Wanneer de actie precies begint, is nog niet bekend, omdat er nog afspraken moeten worden gemaakt over wie de banden gaat ophalen en verwerken.

De kosten van de afvoer van de autobanden komen voor rekening van de boer, maar volgens de LLTB kan er vanwege de grote aantallen wel een lagere verwerkingsprijs worden bedongen.
 

 

Project Aan de Boerentafel

    De consument van de landbouwbedrijven moeten weer aanschuiven aan de        boerentafel. Dat vindt de boerenbond.

Nu is de kloof met “de mensen" te groot. Bedoeling is dat wij weer bij de boer langslopen en er een deel van onze inkopen doen. De Boerenbond heeft z’n nieuwe project voorgesteld in Wilsele-Putkapel.

De Boerenbond startte daarom met de campagne ‘Met 100 rond 1 boerentafel’, de vereniging doet hiervoor een beroep op reclamemaker Wim Schamp uit Herent.

 Bedrijfsbezoeken en rondleidingen voor scholen zijn één ding, daarnaast moeten we weer vaker op de boerderij langslopen voor onze emmer melk of onze eieren, vindt de boerenbond.

Meer info hierover: www.landelijkegilden.be waar u volgende info vindt (naast het belang dat de Landelijke Gilden (gelieerd aan de Boerenbond) hechten aan het platteland):

 

1 boer zet eten op tafel voor 100 consumenten

 

Als 1 boer zorgt voor het voedsel van 100 consumenten, waarom zouden die consumenten dan niet rond de tafel gaan zitten met de boer ?
Voor wat te doen ? Om tweemaal per jaar de boer en de boerin op hun bedrijf te ontmoeten. Verder hangt dat van u en de boer af. Misschien wil uw zoon met zijn klas een bezoek brengen aan de boerderij. Misschien zit de boer met een probleem waarvoor u toevallig de oplossing kent. Wie weet wil uw dochter tijdens de vakantie gaan meehelpen op het veld. Om nog te zwijgen van oma die voortaan elke week verse groenten van de boerderij wil.
Er zijn 101 redenen om met elkaar kennis te maken. Dit kan rond de nieuwe ‘boerentafel’. Rond de boerentafel zijn er 100 plaatsen voorzien voor u. Wedden dat er rond die tafel ook 101 ideeën opborrelen ? Wedden dat het ook plezant gaat worden ?
Schuif zelf aan, schrijf nu in ! Adressen in Limburg:

Melkveebedrijf
Johan en Ria Hillen - Plessers
Oude Postbaan 20A, 3530 Helchteren

Vleesvee
Jef en Denise Fagard - Gielen
Luikersteenweg 525, 3700 Vreren


Fruitteelt
Stephan en Marianne Vandenwijngaert – Van de Velde
Betserbaan 59A, 3545 Halen

 

Natuurinformatie

Kompveld (Gellik): Onderzoek weilanden met wasplaten
Er  werd een ondersteuningsovereenkomst afgesloten met een landbouwer voor de bescherming van een weiland te Gellik met zeldzame planten en paddestoelen. In het weiland werden reeds 7 soorten wasplaten aangetroffen. Wasplaten worden soms de orchideeën onder de paddestoelen genoemd, niet alleen omwille van hun vaak opvallend mooie kleuren maar ook omdat zij vaak verbonden zijn aan oude, onverstoorde schrale graslanden. De meeste soorten staan in de Rode Lijst in de categorie bedreigde en kwetsbare soorten.
De tijd dat de mycologen in de winter konden slapen is voorbij. We richten speciaal een tocht in om kennis op te doen over houtzwammen en mogelijk de pijpknotszwam waar te nemen.  

www.landwerk.nl 

Dit is de website van het tijdschrift LANDWERK. Dit is een actueel, lezenswaardig en toegankelijk tijdschrift over de inrichting van het landelijk gebied. Het is een forum waar een voortdurende ontmoeting plaatsvindt tussen bestuur, beleid, wetenschap en praktijk. LANDWERK is daarom hét blad voor iedereen die zich professioneel of uit interesse bezig houdt met de toekomst van het landelijk gebied.

U kan zich  abonneren op hun Emailnieuwsbrief    'Groene Ruimte'

Wilt u op de hoogte blijven van wat zich in het landelijk gebied afspeelt? Neem dan kosteloos een abonnement op onze elektronische nieuwsbrief "de Groene Ruimte". Eenmaal per twee weken worden de meest interessante ontwikkelingen in het landelijk gebied overzichtelijk gebundeld en kort beschreven. Bovendien kunt u voor meer informatie doorklikken naar het originele artikel.

Omzetting EU-landbouwbeleid
Sinds de recente hervormingen hebben de Lidstaten van de EU meer ruimte om zelf werk te maken van de vergroening van het landbouwbeleid. Tegen 1 augustus 2004 moet Vlaanderen (België) de Europese Commissie laten weten hoe wij deze mogelijkheden invullen. We hopen dat Vlaanderen gebruik maakt van de geboden mogelijkheden om werk te maken van duurzame landbouw. We vragen in het bijzonder dat Vlaanderen 10% van de subsidies gebruikt voor plattelandsontwikkeling. (de zogenaamde 'nationale enveloppe'). Vlaanderen moet ook nauwgezetter toekijken op de naleving van milieunormen als voorwaarde voor het verlenen van subsidies.

 

Dagblad de Limburger,  donderdag 11 december 2003

Midden-Limburgse boeren benutten nieuwe kansen

Het gaat goed met de streekproducten in Midden-Limburg. Zo wordt het Melicker ijs inmiddels in Noord-Brabant verkocht. En binnenkort is het ijs ook in heel Nederland verkrijgbaar.

Alhoewel er nog steeds geen winst wordt gemaakt op het Melicker ijs, noemt de voorzitter van de stichting Plattelandsvernieuwing C. Wolfhagen, het product nu al een succes. En als het aan hem ligt blijft het daar niet bij. ,,Streekproducten kunnen een belangrijke bijdrage leveren aan de identiteit en de economische vitaliteit van de streek. En we wonen in een van de mooiste streken van Nederland. Dat moeten we uitdragen.''
Maar het gaat niet alleen om de promotie van de streek, de ontwikkeling van nieuwe streekproducten is bittere noodzaak voor veel agrarische bedrijven. ,,Vanwege beperkingen van overheidswege kan een boer bijna niet meer leven van het land, heeft een traditioneel boerenbedrijf bijna geen bestaansmogelijkheden meer. Boeren zijn gedwongen hun inkomsten aan te vullen. Er moet brood op de plank komen. Dus moeten we het zoeken in de breedte,'' aldus C. Wolfhagen.
Hiervoor is de stichting Plattelandsvernieuwing opgericht. Wolfhagen maakt nu de balans op van de projecten die afgelopen jaren onder de paraplu van Ons Waardevol Cultuurlandschap (Ons WCL) zijn gerealiseerd.
Zo speelt de agrarische sector tegenwoordig een belangrijke rol in de toeristische sector. ,,Jaarlijks zijn er 30.000 overnachtingen bij de boer in Midden-Limburg. ''
In de regio genieten vooral de streekproducten bekendheid. Aan het lange rijtje artikelen, zoals moffelkoek, aspergelikeur, blauwe bessenwijn, stekworst, appelsiroop, kan binnenkort ook het Roerdalerbier worden toegevoegd dat zal worden gebrouwen door een kleine ambachtelijke brouwer. Deze producten worden onder meer verkocht op de boerderij.
,,Vijf jaar geleden hebben we het concept de boerderij-plus-winkel ontwikkeld. Ze zijn bij uitstek geschikt om onze streekproducten te verkopen. Tegelijkertijd bevorderen ze ook de leefbaarheid in de dorpen, waar vaak de laatste kruidenier de deur heeft gesloten'', aldus Wolfhagen. ,,De mensen willen graag de service bij hen in de buurt en zijn bereid daarvoor iets meer te betalen. Ze weten dat ze een kwaliteitsproduct krijgen. En de prijzen liggen niet veel hoger, omdat de tussenhandel wordt uitgeschakeld. We hebben nu acht boerderij-plus-winkels. Ik verwacht dat het aantal nog kan worden uitgebreid tot twaalf.''
Andere boeren richten zich op de zorg. In Herkenbosch, Asselt en St. Odiliënberg zijn al zorgboerderijen waar mensen met een functiebeperking een dagbesteding krijgen. Binnenkort wordt ook in Echt een zorgboerderij in combinatie met agrarisch natuurbeheer geopend.
,,Zo kan iedereen zijn of haar specialiteiten uitbuiten.''

 

Het Belang van Limburg, donderdag 11 december 2003

Extra centen voor aanplant hagen

Limburgse boeren krijgen binnenkort extra premies als ze bloemrijke graslanden laten groeien zonder pesticiden, lage hagen planten of de bodemerosie bestrijden. Dat liet Vlaams minister Sannen gisteren weten, op een boerderij in Neerrepen waar 17 boeren aan een 100-tal collega's toonden dat het landschap helpen beschermen hun stiel of grond niet bedreigt.
 "Ik vond het een goed project, wij hadden hier een nieuwe stal gebouwd en Regionaal Landschap Haspengouw wilde het afdekken met groen, bomen planten, een dreef.Waarom niet? Het is geen verplichting, kost me niets en ziet er goed uit," vertelt landbouwer Camille Wouters, één van de 17 Haspengouwse boeren die het aandurfde om groene jongens op zijn boerderij aan de slag te laten gaan.
 Boeren in heel Haspengouw kregen een tijdje geleden dat voorstel in de bus: of ze niet wilden helpen dat typische Haspengouwse landschap te herstellen? Door bijvoorbeeld hagen aan te planten, opnieuw hoogstamfruit in hun achtertuin te poten of weer weelderige graslanden te laten bloeien. Heel wat boeren reageerden argwanend: als de natuurbeschermers hier komen, is het meteen gedaan met boeren, vreesden ze. Maar een 17-tal landbouwers ging de uitdaging aan.
Het resultaat blijkt serieus mee te vallen, aldus die pioniers. Hun erf is er alleen maar fraaier op geworden, en ze zijn geen metertje grond kwijtgeraakt. Vandaar dat Regionaal Landschap gisteren hun collega's mee de boer opnam: "Om te tonen hoe het kan, om hen eventueel zelf te overtuigen,"zegt Peter Vanlommel van Regionaal Landschap Haspengouw.
Meteen mochten ook Vlaams minister Sannen en Boerenbond-voorzitter Noël Devisch ten velde komen. "Boeren zijn bang bij zo'n projecten: als je die groene jongens een vinger geeft, nemen ze meteen een hele arm. Daarom moeten we zekerheid hebben dat die 750.000 hectare landbouwgrond in het Ruimtelijk Structuurplan ook landbouwgrond blijft," benadrukte Devisch.
Geen probleem, liet Sannen weten, en hij deed er nog een schepje bovenop: "Volgend jaar gaan we extra premies voor landbouwers toekennen als ze zorgen voor bloemrijke graslanden met minder pesticiden, als ze bodemerosie bestrijden én als ze lage hagen aanplanten. Da's belangrijk voor de streek: nu waren er alleen premies voor hoge hagen maar in Haspengouw waren net die lage hagen typisch voor het landschap," benadrukte de minister. Ook voor het onderhoud van de hagen zouden er voortaan premies komen.