Grensschap

Albertkanaal             

Grenzschaft – Fronté - Frounty

Start Omhoog Windmolens Industrie Natuurbeleid Woningbouw Euregio Fietsroutes Erfgoed Landbouw Stedenbeleid Infrastuctuur Algemeen Leemwinning Toerisme Dousberg info

Dagblad de Limburger,  woensdag 3 december 2003

Extra huizen Zuid-Limburg

Binnen nu en tien jaar kan de regio Zuid-Limburg minimaal 1000 en maximaal 2000 extra woningen bouwen.


Peet Adams- De CDA-fractie komt volgende week met een notitie en een motie in de vergadering van Provinciale Staten om het contourenbeleid in Zuid-Limburg te versoepelen. Dat beleid werd vorig jaar vastgesteld in het Provinciaal Omgevingsplan Limburg (POL) en legt via lijnen op de landkaart tot op de meter nauwkeurig vast, waar wel en waar niet gebouwd mag worden en welke plekken absoluut groen moeten blijven. De motie krijgt vrijwel zeker een meerderheid. Meerdere fracties, waaronder de VVD, hebben de bouwcontouren altijd als te knellend ervaren. Het oprekken van die contouren betekent dat elke gemeente ruimte krijgt om per jaar gemiddeld zo'n vijftig tot honderd woningen extra te bouwen. Gedeputeerde G. Driessen (CDA, Ruimtelijke Ordening) oordeelde al eerder dat de lijnen van die contouren te strak zijn getrokken en er op bescheiden schaal best nog ruimte te vinden is voor woningbouw in de 22 gemeenten in Zuid-Limburg. Voorwaarde is wel dat waardevolle natuur niet mag worden opgeofferd. Van het oorspronkelijke voornemen om ook bouwcontouren toe te gaan passen in Midden- en Noord-Limburg heeft het provinciebestuur inmiddels al afgezien. Uitgangspunt van de CDA-notitie is dat er op korte termijn al een streep gehaald moet worden door de 'onlogische kronkels' in de huidige contouren. Daarbij gaat het bijvoorbeeld om bouwkavels aan het eind van lintbebouwing, of kavels tussen woningen waarvoor bij de invoering van het POL een bouwverbod werd afgekondigd. Het CDA geeft in de notitie aan, dat er op termijn in Zuid-Limburg weer meer woningen gebouwd moeten worden.
Het CDA waarschuwt dat de Zuid-Limburgse gemeenten wel meer initiatief moeten tonen en de boer op moeten om potentiële bouwgrond aan te kopen, zodat het niet projectontwikkelaars zijn die met de winsten aan de haal gaan.
Het initiatief om de bouwcontouren in Zuid-Limburg op te rekken, staat los van het zogenaamd duizend-woningen-plan om in de hele provincie goedkope koophuizen te bouwen voor starters op de woningmarkt.

Het Belang van Limburg  30/09 "Limburg mag woonuitbreiding aansnijden"

De provincie Limburg mag beginnen met het aansnijden van woonuitbreidingsgebieden. Daardoor kunnen de gronden die in het Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen (RSV) voor woonuitbreiding gereserveerd zijn, op de markt gebracht worden. Eén en ander maakte Vlaams minister van ruimtelijke ordening Dirk Van Mechelen (VLD) dinsdag bekend tijdens een werkbezoek aan de bestendige deputatie van de Provincie Limburg.

Het bezoek van Van Mechelen aan Limburg is meteen ook de start van zijn werkbezoeken aan de in totaal vijf Vlaamse provincies. Hiermee wil de minister voor ruimtelijke ordening nagaan hoe de implementatie van de planningsprocessen en structuurplannen praktisch gezien verloopt. Waar nodig zal Van Mechelen ook zijn hulp aanbieden om eventuele lokale knelpunten weg te werken. Tijdens zijn werkbezoek aan Limburg ging de minister in op de vraag van het provinciebestuur hoe het nu met de terreinen voor gemotoriseerde sporten zit. Ook de problematiek van de illegale weekendverblijven kwam aan bod. Na afloop van de bespreking met de minister liet sp.a-gedeputeerde voor ruimtelijke ordening Sylvain Sleypen weten dat de minister groen licht had gegeven voor de inrichting van vier permanente motorcrossterreinen.

Ook met betrekking tot de weekendverblijven werd met het kabinet van de minister overeengekomen dat de 10 Limburgse gemeenten die nagelaten hadden om een inventaris van illegale weekendhuisjes over te maken, door het Limburgse provinciebestuur zullen aangemaand worden om dat alsnog te doen. Zoniet zullen de eigenaars van illegale weekendverblijven door het parket vervolgd worden.

Van Mechelen maakte tot slot nog bekend dat eigenaars van vierkantshoeves in agrarisch gebied in de toekomst probleemloos hun accommodaties tot gastenverblijven voor toeristen zullen kunnen omvormen.

Dagblad de Limburger,  maandag 08 december 2003
Aantal verhuizingen gehalveerd

Tussen 1998 en 2002 is het aantal verhuizingen in Maastricht en het Heuvelland gehalveerd. De scherpe daling bewijst dat de woningmarkt in stad en ommelanden deels is vastgelopen. Want hoe meer wordt verhuisd, hoe meer woningen beschikbaar komen voor mensen die een huis zoeken dat aansluit bij hun behoeften.

In het net verschenen WoningBehoefteOnderzoek 2002 van het ministerie van VROM, dat elke vier jaar wordt gehouden om de dynamiek op de woningmarkt te meten, staat dat Maastricht en omgeving qua beweging op de huizenmarkt terug zijn op het niveau van begin jaren negentig van de vorige eeuw. Verhuisden in 1998 nog 17.600 huishoudens, in 2002 was dat aantal teruggelopen tot 8500, vijftig procent minder. Van de totale woningvoorraad wisselde de afgelopen vier jaar acht procent van bewoner.
De sterkste daling deed zich voor bij mensen die willen doorstromen naar een woning die beter aansluit bij hun behoeften en bij starters op de huizenmarkt.
In het rapport wordt de dramatische terugval van het aantal verhuizingen gerelativeerd. 1998 was namelijk een topjaar qua dynamiek op de woningmarkt: veel verhuizingen en een grote woningvraag. De onderzoekers constateren wel dat de daling in Maastricht en omgeving veel groter is dan landelijk, waar de terugloop van 1998 tot 2002 zo'n twintig procent betrof.
Met name demografische ontwikkelingen zijn van invloed op de sterk verminderde dynamiek op de woningmarkt. Het aantal jongeren neemt af, het aandeel mensen in de middelbare leeftijdsgroepen groeit. Daardoor melden zich minder starters op de huizenmarkt. Ook de verslechterde economie speelt een rol. In 1998 zat Nederland in een periode van uitzonderlijke hoogconjunctuur. Sindsdien is het alleen maar minder geworden. Het aantal mensen dat doorstroomt naar een betere woning of een huis dat beter aansluit bij de wensen van de woningzoekende is daardoor verminderd. Doorstromers reageren sterk op economische prikkels. Gaat het goed met de economie, verhuizen ze sneller.
Als derde verklaring voor de afgenomen beweging op de huizenmarkt wordt de woningproductie genoemd. Die blijft achter bij de vraag. De prijsstijgingen die het gevolg zijn van de grote vraag heeft ook een rem gezet op de verhuizingen, staat in het VROM-rapport.
De verminderde dynamiek is zowel geconstateerd in de huur- als in de koopsector. De verhuizingenterugloop is echter in de huurmarkt het grootst. Als verklaring wordt aangegeven dat de afgelopen vier jaar meer koop- dan huurwoningen werden gebouwd.
De verhuisbehoefte blijft overigens vrijwel onveranderd groot, van 18.500 in 1998 naar 16.500 in 2002. In die periode is de vraag naar duurdere huurwoningen gegroeid. Met aantal senioren dat het eigen huis verkoopt om te verhuizen naar een voor ouderen geschikt huurappartement neemt toe. In het Heuvelland is het aantal verhuizingen in de koopsector veel groter dan in Maastricht, omdat het aandeel eigen huizen in de plattelandgemeenten ook veel groter is dan in de stad.
De uitkomsten van het landelijke WoningBehoefteOnderzoek 2002 zal de gemeente Maastricht gebruiken om een nieuwe woningbehoefteprognose tot 2015 te laten opstellen. Het bouwbeleid zal daarop worden afgestemd.