Zomer 2001
Vrijdag 15 juni
Om 5:30 liep
de wekker af. De auto was al ingeladen, maar toch vertrokken we pas om
6:45. Veel te lang bezig geweest, maar dat zal wel wat met de katten te
maken gehad hebben... De reis verliep zonder problemen, en om 18:15 hadden
we een leuke plek gevonden: een camping aan de Chiemsee. In de zon de tent
opgezet, en daarna de camping verkend. Ondanks het ontbreken van een ANWB
keurmerk zag alles er toch keurig uit. Tijd om wat te gaan eten. Gelukkig
was er op de camping een restaurantje, waar we om ongeveer 8 uur een bord
eten bestelden. We kregen een bord vol, voor weinig, en prima te eten.
Daarna naar even ouders gebeld en toen onder de wol.
Zaterdag 16
juni
De eerste
nacht in onze nieuwe tent was niet zo goed bevallen. Het was gaan waaien,
wat nogal herrie veroorzaakte. Ook was het gaan regenen. Niets aan te
doen, als de tent het maar houdt. Eerst douchen, broodjes halen en
ontbijten. Om 10 uur gingen we op stap.
In Untersee
boodschappen gedaan en toen door naar Grassau. Dit was niet echt een leuk
plaatsje, waardoor we al snel besloten door te rijden om te kijken of we
een boottochtje konden maken naar één van de eilanden in de Chiemsee. Dit
was snel gevonden in Prien en dus waren we al gauw op we naar de
Herrenchiemsee, het grootste eiland. Hierop staat het Königsschloß, een
replica van het kasteel van Versailles van koning Louis XIV, gebouwd door
koning Ludwig II. Het was een imposant gebouw. Binnen mochten we geen
foto’s maken, dus hebben we maar een boekje gekocht. Het was niet zo duur,
en je kan noch eens nalezen wat je tijdens de rondleiding gehoord (of
gemist) hebt.
Toen we weer
buiten waren, bleek de zon volop te schijnen. Snel nog wat foto’s gemaakt
van het kasteel, en toen een wandeling over het eiland gemaakt. Om 15:25
hadden we de boot terug. Nog even in Prien naar het zwembad gelopen.
Misschien zouden we daar die avond nog naar toe gaan.
Toen we weer
bij de tent waren begon het voor de verandering weer te regenen. De bui
groeide uit tot een heftige onweersbui, met hagelstenen als knikkers.
Hiermee was meteen het plan om te gaan zwemmen ‘in het water gevallen’. We
durfden de tent niet alleen te laten. Om 22:00 uur zijn we maar gaan
slapen. Je kan per slot van rekening niet op blijven...
Zondag 17 juni
Weer een
rusteloze nacht achter de rug. Het was ondertussen wel droog, en de wind
was gaan liggen. Niet voor lange duur, want al snel barste het weer los.
Het zag er niet naar uit dat het nog droog zou worden, dus in de stromende
regen hebben we de tent opgeruimd. Hij bleek niet in een vuilniszak te
passen, dus hadden we hem maar op de hoedenplank gelegd, met een zeiltje
er onder. We zouden later wel weer verder zien...
Onderweg bij
Werfen besloten we de Eisriesenwelt te bezoeken. Dit is een ijsgrot van 41
km lengte. Eerst en stuk omhoog gereden, toen een eind gelopen naar de
kabelbaan, deze ging bijna recht omhoog. En als je denkt dat je er dan
bent, mag je nog eens 15 minuten klimmen. In de grot was het 0°C
en ontzettend donker. Een op de drie a vier mensen kreeg een gaslampje
mee, dus uitkijken voor je kleren. De route door de grot was ongeveer 1
kilometer heen en 1 kilometer terug, het zou ongeveer een uur duren en we
moesten 700 traptreden omhoog, en weer 700 traptreden naar beneden. Extra
verlichting werd verzorgd door de gids, die af en toe een soort sterretjes
aan stak, wat een mooi blauwachtig licht gaf. Als we er weer eens zijn, en
het weer is beter, moeten we zeker nog eens omhoog gaan. Nu hebben we
niets van het uitzicht gezien, door de dichte mist die er hing.
De rest van
de route naar Saalfelden duurde langer dan verwacht. Uiteindelijk wel het
doel bereikt, en ook het pension was zo gevonden. Alleen leek het wel of
we niet werden verwacht...
De auto
moesten we in het dorp parkeren, op een centrale parkeerplaats ‘met nog
veel meer auto’s met gele nummerplaten’. Daar konden we rustig even de
tent uit de auto halen, om zoveel mogelijk water er af te laten lopen. Dit
ging vlotter dan verwacht, de hele achterbank stond onder. We hebben de
tent uiteindelijk maar door de hele auto uitgespreid. Na het eten kregen
we weer de vraag of we wel in dit pension moesten zijn. Klopt het dan echt
niet?
Maandag 18 juni
Een blik
naar buiten vertelt ons dat het slecht weer is. Bed uit, aankleden en
ontbijten maar. Tijdens het ontbijt wordt ons verteld, dat we inderdaad in
een ander pension hadden moeten zitten. Geluk voor ons dat ze nog een
kamer over hadden.
Bij
de VVV werd ons verteld dat de wijziging in hotels al drie dagen na de
reservering bekend was en doorgegeven aan de reisorganisatie. Foutje van
aktivatours???? Ook werd afgeraden om over de toppen te gaan vanwege het
slechte weer. De kaartjes voor de lift hebben we wel mee gekregen, voor
het geval het de laatste dag wel mooi weer is en we wel nog naar boven
kunnen. Voor de regen kregen we een paar extra sokken mee. De wandeltocht
ging ondanks het slechte weer vrij vlot en we waren niet al te nat. De
sneldrogende broeken waren in ieder geval geen slechte koop. In Ruhgassing
een paar foto’s gemaakt (het was toevallig droog met een redelijk
uitzicht). In Maishofen hadden we een gebakje gegeten. Echt trek om te
eten hadden we nog niet. Daarna direct door gegaan naar Kircham om te
kijken waar ons hotel stond. Dat was snel gevonden, omdat we onderweg er
al langs liepen.
Gezien het
tijdstip besloten we om nog maar een stukje verder te lopen, met het
resultaat dat we een hert tegen het lijf liepen. Deze moest natuurlijk op
de foto. Helaas was de eekhoorn ons te snel af. Na het extra rondje, toch
maar even kijken of we ons hotel al in konden. Bij binnenkomst zagen we
onze tassen al staan en ook dat was gelukkig goed gekomen. En daar zaten
we dan. Rond een uur of drie op de plaats van bestemming. Wat doe je
dan...Precies nog een eindje lopen in de regen. Nu een stukje richting
Maishofen en dan via een ommetje terug. Bij Schloss Kammer waren we een
stukje omhoog gelopen om te kijken hoe de route voor de volgende dag zou
lopen. Om 17.30 waren we weer terug op de hotelkamer. Qua avondeten
mochten we niet kiezen, maar dat was niet erg. Het smaakte prima. Het
toetje kwam alleen iets te snel. Kennelijk zat ik iets te veel te kuchen,
want op den duur kwam de eigenaar met sterke drank aanzetten. Onbeleefd
dit te laten staan ging natuurlijk niet, dus....
Dinsdag,
19 juni
Een blik
naar buiten vertelt ons al genoeg. Het regent weer. Aangezien iedereen er
melding van maakte dat het weer beter werd, probeerden we de Schwalbenwand
een beetje te bedwingen. Na twee uur door de regen te hebben gezwoegd,
waren we na 1250 meter toch maar weer naar beneden gegaan. Het pad wat we
als alternatief in gedachten hadden, was echter niet te vinden en we kw
amen
dus op een andere plaats uit dan we dachten. Dit nieuwe pad voerde ons
door weilanden, omgevallen bomen en gesloten hekken. Al met al was deze
dag een goede oefening voor de eerstkomende dagen (indien mogelijk zouden
we de lift de volgende dag naar boven nemen).
Ook dit keer
was het hotel snel gevonden en ook hier was alles goed verzorgd en zeer
ruim. Aan onze kant liep een snelstromend watertje wat erg veel herrie
maakte. Wel erg gezellig, maar we kregen het idee dat het erg hard waaide.
Tijdens het avondeten zaten we aan tafel met een stel Nederlanders. En
jawel....zij liepen de ANWB-route. Het eten was wel redelijk. De nudels
waren niet echt super, maar na dat wandelen krijg je zo’n trek dat je van
alles eet. Het eten werd ook hier iets te snel opgediend.
Woensdag, 20 juni
Het was niet
te geloven, het was droog. Met de spierpijn viel het ook wel mee. Na het
ontbijt maar weer op pad. Gezien het weer probeerden we de route zo hoog
mogelijk op te pakken. De lift draaide nieten we moesten dan toch naar
boven lopen. Dit viel gelukkig wat minder zwaar dan gisteren. Op den duur
kwamen we op een mooie alpenweide terecht ter hoogte van de lift. Onderweg
passeerden we wat ouder Duitsers, die dezelfde route aan het wandelen
waren. Toen de wolken eenmaal begonnen te breken zagen we hier en daar wat
besneeuwde bergtoppen. Op 1420 m besloten we koffie te drinken. Aangezien
de thermometer buiten 12 graden aangaf stond binnen de openhaard aan. Knus
en gezellig was het er.

Even later
kwamen twee Nederlanders binnen. Ook zij liepen zowaar dezelfde route. Het
was erg toevallig dat we elkaar tegen kwamen, omdat we beiden niet meer
wisten welk pad we gevolgd hadden. Nadat we ontdekt hadden waar we zaten,
weer bergafwaarts gegaan. Gaandeweg werd het weer nog beter en bij onze
eindbestemming hadden we lekker op het terras in het zonnetje wat
gedronken. Dit terras lag zowat in de skipiste. Een erg geschikte
wintersportplaats. Ook dit keer hadden we een hotelkamer langs een
snelstromend watertje, maar met uitzicht op de Schwalbenwand.
Donderdag, 21 juni
7.30 De
wekker liep af. Zou het nu dan toch nog mooi weer zijn geworden? Een blik
naar buiten zei genoeg. De regenpakken konden we wel thuis laten. Ook al
liep de wekker een half uur later af, toch stonden we voor 9.00 uur weer
buiten. De eerste helft van het pad ging vrij steil omhoog en was zwaar.
Onderweg kwamen we een uitzichtje op de Hochkonig tegen en een klein
stuwmeertje. Ook hadden we uitzicht op Hintermoos, de Schwalbenwand en
Hundstein. Het kapelletje wat we volgens de routebeschrijving moesten
passeren waren we bijna voorbij gewandeld.
Op
de top moest ook een eetgelegenheid zijn, maar deze lag niet echt op de
route en ook hier waren we bijna aan voorbij gegaan. De Zweden voegden
zich al snel bij ons en even later volgde de Nederlanders en de Duitsers.
Daar besloten we met zijn allen toch nog een stukje verder te lopen, omdat
het nog vrij vroeg was. Als het gezellig is gaat de tijd altijd snel en al
gauw was het al een uur later. Nadat we van de gastvrouw uitgelegd hadden
gekregen wat nu de Hochkonig was en waar we de Dachstein konden vinden
gingen we snel op pad. Maar eerst even naar het toilet. Deze bevond zich
in de koeienstal en was nog niet zo lang geleden aangelegd.
De rest van
de weg was een beetje sompig en voerde ons langs vele koeien, waarvan de
stier een beetje nukkig was. Al snel hadden we Dienten in zicht en waren
we om 15.30 in het dorp gearriveerd. Na een beetje zoeken het hotel
gevonden. Ook dit zag er erg netjes uit. De hotelkamer was dit keer wel
iets kleiner, maar zag er ook wel netjes uit. Hier lag een zeepje,
naaisetje en sterke drank voor ons klaar. Het eten hadden we nog nooit zo
lux gehad. Dit was een 5 gangen menu. En wij maar denken dat we voor drie
gangen hadden betaald.
Vrijdag, 22 juni
Helaas, het
was niet zo zonnig als de vorige dag. Regenjas maar weer meegenomen, maar
gezien onze sneldrogende broeken lieten we de regenbroeken thuis. Volgens
de routebeschrijving zouden we een vlakke route krijgen. Nou was dat maar
waar. We begonnen een stuk met klimmen, waarna we vervolgens hetzelfde
stuk weer konden dalen. Via een smal bospaadje (stijgend en dalend)
moesten we een watertje oversteken. Of dit mocht kon je je afvragen, omdat
het bospad met lint was afgezet, maar ja we moesten wel. Daarna was het
weer een flink eind stijgen via een sompig paadje. Verder weer heel wat
koeien, vliegen en hekken gepasseerd en toen was eindelijk de Erichhutte
in zicht. Na 2 1/4 uur via een vlakke weg, moesten we nog een flink eindje
stijgen voor een bak koffie en ei met spek. Wat lieten wij ons dat goed
smaken. Nadat we uitgerust waren, weer dezelfde weg terug, bij de afslag
rechts en via een steengletsjer weer verder stijgen en dalen. Tjee wat was
dat zwaar zeg. En tot overmaat van ramp begon het weer te regenen ook. Op
de Pichlalm passeerden we de Duitsers en het pad werd beter begaanbaar. Na
een laatste stop bereikten we al snel met Kitty en Piet het dorp. Ook hier
was het hotel snel gevonden.
Zaterdag, 23 juni
De laatste
loodjes wegen he zwaarst. De start ging wat moeizaam, maar uiteindelijk
waren we al snel op pad. Het weer zag er veelbelovend uit. Hadden we toch
nog de kans om de bergen rond Maria Alm en Saalfelden te zien. Na 1,5 uur
wandelen door de bergweiden, bereikten we de eerste berghut al waar we een
bakje koffie gingen drinken. Al snel voegde Kitty en Piet zich bij ons.
Met z’n vieren besloten we via de Natrunhohe te lopen. Deze weg voerde ons
via een kort steil stuk naar boven en was een leuke route om te lopen en
ging helemaal door de bossen. Door de bossen heen, waren mooie
uitzichtpunten. Al snel moesten we afdalen naar Maria Alm. Het wandelpad
naast de stoeltjeslift was moeilijk te vinden, maar uiteindelijk was het
dan toch nog gelukt om via de weilanden terug te lopen.
Aangezien
het al 12.00 uur was geweest besloten we eerst wat boodschappen te doen
voordat we bij ons overnachtingshotel gingen eten. Daar schoven we weer
aan bij Piet en Kitty. Na 1,5 zitten gingen we weer op pad. De weg voerde
ons langs de golfbanen en was dan ook niet echt steil meer te noemen.
Eenmaal in Saalfelden aangekomen, bleek het VVV al dicht te zijn. Dit was
erg vervelend, omdat we de adresgegevens van ons hotel niet hadden. In
alle informatieboekjes die voor het grijpen lagen, stonden ook geen
adresgegevens en we waren blij dat we wel een telefoonnummer en telefoon
hadden. Na een belletje bleek het hotel aan de hele andere kant van het
dorp te liggen. Gelukkig was de auto dichtbij en konden we die ophalen.
Het hotel
was erg groot, maar zeer lux. We hadden een zwembad, apart toilet en een
apart leesgedeelte. Ook kon je de paarden mee nemen en organiseerde ze van
alles en nog wat. Ook dit keer was het eten lekker en bestond uit 4
gangen. De gastheer wees ons erop dat aan de Ritzensee de sonnewende werd
gevierd. Wij op naar de Ritzensee. Een apart schouwspel, omdat alle
bergtoppen met fakkels of iets dergelijks verlicht waren. Hoe dat allemaal
op die bergen was gekomen was een compleet raadsel.
Zondag, 24 juni
Helaas het
luxe hotelleven zat erop, over tot andere luxe: kamperen. Eerst nog maar
even met de stoeltjeslift naar boven om vanaf daar de boel te bekijken. En
wie kwamen we daar weer tegen: de Zweden. Bij het restaurant kregen we aan
aardige indruk van de route die we de eerste dag hadden gelopen. Aangezien
het lekker weer was en toch voldoende tijd hadden, besloten we nog een
stukje van de originele route te lopen. We waren uiteindelijk tot de
Durchkopf gegaan. Toen werd de route ons toch iets te zwaar. Te meer omdat
we dit keer niet zo goed waren voorbereid.
Op de
Durchkopf hadden we uitzicht op de Zellersee. De tocht geduurde tot twee
uur en we moesten ook weer via dezelfde weg terug en besloten dan ook maar
weer om te keren. Het bospaadje was wel smal, maar goed begaanbaar en we
waren dan ook zo weer terug (bergafwaarts gaat altijd sneller als op). Al
met al zou het een zware route zijn geweest voor de eerste dag. Het
laatste stukje hadden we dan ook geen zin meer om te lopen en waren we met
de rodelbaan naar beneden gegaan. De rodelbaan was 1,6 km lang en ondanks
de snelheid duurde het lang voordat we beneden waren.
Al snel
zaten we in de auto om richting Zell am See te gaan om daar op de camping
onze tent op te slaan. Rond een uur of half 4 waren we aangekomen en
hadden we een plaatsje uitgezocht langs het meer. Er was weinig anders
groots beschikbaar.
Maandag, 25 juni
Lekker
geslapen en rond half 8 wakker geworden. De plannen voor vandaar luidde:
naar de stuwmeren van Kaprun. Het weer zag er alleen aan die kant niet erg
veelbelovend uit, maar we vert
rokken
uiteindelijk toch die kant op. Onderweg kwamen we de Sigmund Thun klamm
tegen en besloten daar doorheen te lopen. De klamm was niet echt imposant,
maar toch wel leuk. Aan het einde van de klamm hadden we uitzicht op het
onderste stuwmeer. Het weer zag er vrij redelijk uit en gingen we alsnog
naar boven. Voor de drukte was een parkeergarage gemaakt, maar het was
reuze rustig. Om bij de stuwmeren te komen, moesten we met de bus verder.
Een zeer spannende onderneming, omdat de weg vrij smal was en de bus
relatief snel reed. Ook was de weg zeer donker, vanwege de vele tunnels en
bochten die erin zaten. Het ging allemaal zeer vlot. Ook de overstap naar
de goederenlift. Echt tijd om rond te kijken en foto’s te maken was er
niet. De goederenlift was een heel erg aparte ervaring. Het was een grote
bak die steil omhoog ging op een rails. Eenmaal boven gekomen stond de
volgende bus al weer klaar. Pas tijdens deze tweede rit kwam het tweede
stuwmeer pas in zicht. Al snel stonden we tussen beide meren in. De meren
waren dit helemaal gevuld, maar waren ook zo erg groot. Na 1,5 uur rond
wandelen hadden we het wel gezien (veel zin om nog meer te lopen hadden we
niet) en gingen we weer via dezelfde spannende weg naar beneden. Dit keer
duurde het wat langer, omdat we op een trekker moesten wachten. Eenmaal
bij de auto bleek het al 4 uur te zijn en gingen we weer naar de tent.
Dinsdag, 26 juni
Het zonnetje
schijnt. We besluiten om te kijken of we met de kabelbaan naar Langeck
kunnen om naar de Hundstein te gaan. Helaas, deze bleek niet te draaien.
Als alternatief gingen we naar Muhlbach. Daar was niet veel te beleven en
waren we verder door gereden naar Bisschofshofen. Daar waren we naar de
Gainfal en naar ruïne Bachfalls gelopen. De ruïne stelde niet echt veel
voor, de waterval en de springschansen waren veel leuker. Na 1,5 uur
rondkuieren vertrokken we naar de Lichtensteinklamm. Deze klamm was
absoluut de moeite waard. Hij was lang, donker en erg smal. Zo smal dat
zelf een tunneltje gehakt moest worden om bij het eindpunt te komen. Het
einde was een zeer hoge waterval.
Woensdag, 27 juni
Ook vandaag
was het zonnig weer en daarom besloten we er een rustdag van te maken.
Oftewel we vertrokken richting Zell am See. Zo’n 3 km heen en terug lopen.
Een kippe-eindje. Na een klein uurtjes hadden we het dorp al weer gezien
en hadden we even aan het meer gezeten. Ook dat was snel bekeken en we
besloten dan ook maar om weer richting tent te gaan. Daar bleek dat we
nieuwe buren hadden gekregen. Van het soort dat je niet naast je wilt
hebben staan. 6 jonge jongens in een 3-persoons tent. We waren toch al van
plan om op het gras wat te gaan zonnen, maar nu wisten we het zeker. Daar
was het tenminste lekker rustig. Naast het in de zon liggen hadden we
zelfs nog verkoeling gezocht in het meer. Om te zeggen dat dit erg warm
was...Na een tijdje ging het dan wel, maar het bleef koud. Ondanks de
zonnebrand ging het verbranden erg snel en moesten we al weer snel terug.
Aangezien we geen boodschappen hadden gedaan zat er niets anders op dan
uit eten gaan. Gelukkig was een restaurantje op de camping en hoefden we
niet ver te lopen. Het eten was zalig.
Donderdag, 28 juni
Het is
werkelijk waar niet te geloven. Alle dagen was het prachtig weer en wij
moeten weer een natte tent inpakken. Het begon allemaal met wind, regen en
onweer. Gelukkig hoefden we niet in de stromende regen de tent in te
pakken. Na flink wat haringen trekken (een haringtrekker zou in de
toekomst aan te bevelen zijn) zaten we om 9.30 in de auto om richting
Duitsland te vertrekken. Om 18.40 kwamen we na wat files en aardig wat
kilometers op Landel Greenparks Sonnenberg te Leiwen aan. Ook al was de
receptie om 18.00 uur gesloten we werden toch nog geholpen. Snel de tent
opzetten (wat uiteraard niet lukt met spijkerharingen), patatje eten en
toen zwemmen.
Vrijdag, 29 juni
Heerlijk om
8.30 wakker geworden van de stilte. We hadden een grote plaats aan de rand
van het bos en lag lekker achteraf. In het winkeltje lekker verse broodjes
gehaald, opgepeuzeld en daarna een rondje over het terrein gemaakt. De
huisjes zagen er goed verzorgd uit en het terrein was weids opgezet. Wel
iets om het een week in uit te houden.
Na een korte
wandeling besloten we om richting Trier te gaan. Dit is de oudste Romaanse
stad in Duitsland. Via de markt liepen we langs de Steipe, Rote haus en de
Sankt Gangolfkerk naar de Porta Nigra. Een mooie imposante stadspoort.
Daarna via dezelfde weg terug om een aantal kerken te bekijken. De Dom was
een aparte kerk vanwege de Romaanse e Gotische stijlen. Ook lag in de Dom
de heilige tuniek van Christus. Achter de Dom lag de Kruisgang. Een soort
binnenplaats zoals je ze ook in kloosters ziet. Om nog meer Romaanse
indrukken tee krijgen waren we nog naar de Kaiserthermen en het
Amfitheater. Ondertussen was het al vrij laat geworden en we besloten dan
alleen nog naar de brug te gaan. Helaas was deze niet zo mooi als
verwacht. Na een aardig Romaans dagje en wat boodschappen waren we weer om
18 uur bij de tent.
Zaterdag, 30 juni
Alweer 8.30
voordat we wakker waren. Aangezien het een beetje warm werd in de tent
besloten we er maar uit te gaan. Na een ietwat moeilijke start zijn we
vertrokken naar Bernkastel-Kuez. Een leuk oud dorp, met semi houten huisjes.
Wat het leuke was, was de stand van de huisjes. De ene stond hol, de ander
bol en de volgende viel weer bijna om. Verder viel er weinig te zien dan een
lelijk opgeknapte ruïne en een waterval. En het was weer niet te geloven,
onderweg naar huis begon het weer te regenen. Gelukkig waren de handdoeken
niet al te nat en konden we nog zwemmen. Tijdens de wandeltocht richting
zwembad begon het keihard te regenen, maar gelukkig hield de tent het. Het
vervelende was allen dat nu de tentstok helemaal gebroken was.
Zondag, 31 juni
Helaas het zat
er weer op en...we hadden weer een natte tent. Gelukkig hoefden we pas om
12.00 uur van de camping af te zijn, dus we besloten om eerst rustig te
ontbijten en in big slowmotion de tent af te breken om deze nog de
gelegenheid te geven om te drogen. Om 11.45 was dan ook pas de plaats leeg
en konden we huiswaards. De weg naar huis ging vrij vlot en we waren dan ook
voor 6 uur weer thuis om de poezen te knuffelen en de cavia op te halen.