Boeddhisme
Christendom
WIE WE ZIJN (over egoloosheid)
Kern 1
route
doel
LEEGTE (en de skandha´s)
kernopvattingen
LIJDEN vergankelijkheid, verborgen tranen
specifiek
DE GEKRUISIGDE en de dood
specifiek
specifiek
overeenkomsten
verschillen
kern 2
VOORDAT HET BOEDDHISME WAS indiase filosofie,
eerdere wijsheidsleren
OUDE TESTAMENT Israels visie op het verleden
ontwikkelingen/kritiek
verhalen
over zien
kernboodschap
concepten
verrassende overeenkomsten!
de organisatievorm
god
ziel
over het kwaad in de wereld
dimensie in ons bestaan
relatie overdracht
r
het geluid van het universum:
wat ze aan elkaar kunnen hebben
filosofie
WESTERS (in tegendelen)
EGO-
psychologie
We hebben te veel ego. Bedoeld wordt dat wat onevenredig gewichtig doen en daarbij ons afscheiden van anderen, distantie maken. Wanneer wij dingen en ervaringen té individueel maken, vertekenen we onze ervaring, er komt teveel ego bij. We verliezen het contact met de werkelijkheid, met dat wat echt is en van belang. Ontvankelijkheid, openheid is dan ver te zoeken,; het gaat niet meer vanzelf, de natuurlijkheid is weg, en wij zijn niet meer met de bron in onszelf verbonden, we zijn losgesneden, maken ons te druk, alsof alles volledig van ons afhangt, en wij uitsluitend weten wat het beste voor iemand anders is. De openheid is weg. Ook de spontaneïteit: als koppige varkens gaan wij domweg onze eigen weg, houden vast aan onze eigen concepten en vooronderstellingen. Als we helemaal opgaan in ons handelen, verliezen we het geheel uit het oog en het contact met alles om ons heen. Dat is ego, de volledige identificatie met onze handelingsakt, waarbij we het bewustzijn van aandacht en aanwezig zijn, verliezen.
Er wordt gezegd dat onze angst hieraan ten grondslag ligt; we menen aan iets vastigs ons te moeten vastklampen, we construeren een identiteit in ons gevoel en in ons denken, we zetten ons daarmee af tegen anderen. We menen dat onze ervaringen uniek zijn, terwijl wij als mensen nou juist in de meeste gevoelens hetzelfde zijn als een ander. We menen ons te moeten onderscheiden, anders worden we bang van de ruimte, het dynamische en spontane.
We maken de werkelijkheid op afstand, objectief, en plaatsen onszelf als subject daartegenover; zo splitsen we, maken dualiteit.
We houden ons ego ook sterk in stand door de verwarrende omgang met drie van onze meest fundamentele menselijke ervaringen: onze omgang met de beweging van tijd, het onstaan van denken en met onze emoties (aldus Andrew Cohen,in : In de wereld maar niet van de wereld, 2001, Altamira.)
We wachten bijna altijd, we hopen op iets dat nog komt, zo gaan we altijd het moment van nu uit; alsof er niet deugt, alsof wij niet deugen, bij wat er is. Zelfs als ik een mooie ervaring heb in meditatie, merkte ik dat ik daarna stopte, uit angst dat ik hem weer kwijt zou raken. Een Duits meisje in een van mijn therapiegroepen kwam eens met de diepe spreuk: ¨O Wanderer, es gibt kein Weg; der rechte Weg entsteht im gehen¨. Meer over de formatie van identiteit; meer over tijd
2. Wij hebben een diepe overtuiging dat het denken onze identiteit is. We denken de hele dag en zo beleven we onszelf. Maar we zijn het denken niet, het is meester over ons in plaats van dat wij meester zijn over ons denken. We kunnen het bekijken, meer en minder denken, tussen de gedachten door kijken enz. (dat is meditatie). Gedachten zijn niet meer dan representaties uit het verleden, toekomstbeelden, concepten die wij ergens op plakken .98 % van ons denken is slechts steeds maar herhalend en beweegt zich in vicieuze cirkels. Wij zijn iets dat voorafgaat aan het bewustzijn van ons denken. Alleen maar denken houdt ons afgescheiden van wereld en ervaringen, en laat geen ruimte voor ons bewustzijn. Meer over denken,bewustzijn
3. Onze ervaring wordt vaak bepaald en vertekend door onze emoties. Dan is onze kijk op de werkelijkheid steeds wisselend en afhankelijk van hoe wij ons voelen.¨Een onvoorwaardelijke relatie met de aanwezigheid van gevoelens is een relatie waarin onze belangstelling voor Bevrijding groter is dan die voor onze emotionele ervaringen¨ . Meer over de hantering van onze emoties , een verwaarloosd gebied´).
Het Boeddhisme heeft dit alles veel over nagedacht, het gaat om de kennis van ons ware zelf, wie zijn we. (en over leegte)
Mooie tekst vond ik bij Toni Parker (in ´Vrouwelijke mystici in de 20e eeuw. Anne Brancoft, Mirananda, 1991). pag. 68, parafraseer ik:
Als je zegt : dit ben ik, en je daar ook een voorstelling van maakt -
En dus kunnen we ons afvragen wie die ik eigenlijk is. Als dat gevoel van ´ik ben
iets´ opkomt, moeten we dat ogenblikkelijk en duidelijk waarnemen. Wat leidt tot
dat gevoel, wat leidt tot die overtuiging? En we moeten luisteren, en innerlijk kijken
naar dat scherm van binnen en zien wat zich daar afspeelt dat mij dat gevoel geeft
dat ik iemand ben die last heeft van -
Vergelijkbare gedachten in het Christendom, hieronder.
De kennis van het ware zelf staat zowel in Zen als Christendom centraal.... Het gescheiden bewuste ego beschouwt zichzelf als het centrum en interpreteert alles in termen van dat zelf; op die manier kan het een direct contact met de werkelijkheid en vereniging met God op een meer effectieve manier blokkeren dan welke zonde dan ook (aldus Thomas Merton)
.....De tragedie is, schrijft Merton, dat ons bewustzijn volkomen is vervreemd van
die innerlijke basis van onze identiteit. Volgens de christelijke mystieke traditie
is die innerlijke breuk en vervreemding de echte erfzonde. Als met erfzonde..nu precies
die innerlijke breuk of dualiteit tussen ons ware zelf en ons bewuste zelf wordt
bedoeld, dan zijn paradijs, zelfkennis, onschuld en zuiverheid van hart de volkomen
ledigheid van het zelf......Eckhart spreekt over een met Zen overeenkomende gelijkwording
van hem met God (dat is een eindeloos diepe afgrond van het ware wezen van het zelf
dat in Eckhart is gevestigd (dus geen aparte plaats voor God). ...Dit ware zelf wordt
in zen aangeduid met ´niet-
Het Boeddhisme kan het Christendom met hun egoloosheid helpen. De laatste gelooft ook dat wij geen onafhankelijk bestaan hebben. Wij delen in de ene werkelijkheid van God. ..Jesus maakte zichzelf leeg, goot zich uit, zijn hele leven was gericht op ´Uw koninkrijk kome´....dat ik uit mijzelf niets doe (joh.8,29). We zouden kunnen bidden: ik weet met geen mogelijkheid wie ik ben, uw koninkrijk kome´.
De confrontatie met zen, maakt het christenen duidelijk dat contemplatie van de christen geen kijken naar Christus is, geen volgen van Christus, maar een transformatie in Christus.. ´Wie zijn leven vindt, zal het verliezen´ (Matt. 10,39).
(vrij overgenomen uit: Zen en Christendom. R. Kennedy. Miranda, 1996)
In de westerse theologie wordt ziel als iets ingestorts van bovenaf gezien, transcendent. Modernere opvattingen zien het als de kern van je wezen, datgene wat je werkelijk bent en niet zozeer is ingestort als wel oprijst uit je we wezen. Er is een nieuw begrip van ziel nodig, een nieuwe taal. (zie ook mijn artikel daarover.) Hieronder een poging van Zukav, naar een wetenschap van de ziel.
De zetel van de ziel.
( uit Gary Zukav, de zetel van de ziel. 1989, Kosmos, Utrecht.) Ook auteur van de dansende Woe Li meesters. Samenvatting.
Psychologie betekent kennis van de ziel. Maar in feite is het dat niet, maar slechts de leer van het kennen, de waarneming, de affecten.
Omdat psychologie gebaseerd is op de waarnemingen van de vijfzintuiglijke persoonlijkheid, is zij niet in staat de ziel te herkennen.
Daarvoor is allereerst nodig, de wetenschap dat we een ziel hebben. Haar temperament, kwetsbaarheid, wat ze al dan niet verdragen kan, wat bijdraagt aan haar gezondheid en deze afbreekt.
Angst, jalouzie, wat de persoonlijkheid misvormt, kan alleen begrepen worden vanuit karma, een leerdoel…..als je jezelf niet goed behandelt, dan kun je het niet verdragen dat anderen dat wel doen, enz. Als je humaan bent, kun je echt houden van een ander, niet uit schuldgevoel, maar met de energie van je ziel.
Er is een spirituele psychologie nodig, wat is een gezonde ziel bijv.? Taal is nodig.
En : wat is intuïtie, als stem van de niet-
Afgescheidenheid brengt een ziel in verwarring. Er is een blauwdruk van holisme in haar. Wreedheid, woede, schokt haar. Wanneer de persoonlijkheid zich daarmee ophoudt, is het alsof ze haar lichaam arsenicum toedient. Deze verwrongenheid wordt door de kleine fysieke tegenhanger van de ziel, de persoonlijkheid, gemanifesteerd om haar te zuiveren, om haar aan andere zielen te laten zien, zodat zij geholpen kan worden.
De persoonlijkheid van een verwarde ziel is onbewust. In dat geval moet het uitgedrukt worden in fysieke systemen. Pijn, crises, zou op zichzelf niet nodig moeten zijn, we kozen op deze aarde voor die weg. Schijnt nodig voordat we echt willen streven naar nietwereldse, niet uiterlijke, maar authentieke macht.
Evolutie :
de definitie van de sterkste overleeft, is achterhaald. Iemand die minder wreed is, liefdevoller is meer geëvolueerd! stelt de liefde boven de fysieke wereld. De verouderde opvatting is gevolg van de beperking van de vijfzintuiglijke mens. Dan wordt angst de grondtoon, en macht nastrevenswaardig. Het zien van macht als iets buiten jezelf, fragmenteert de psyche. (Acute schizofrenie en een wereld in oorlog zijn hetzelfde). We ontwikkelen ons tot authentieke macht.
De gevolgen van onze daden zijn niet alleen fysiek, en niet verder van invloed op ons; gezien vanuit de vijfz. pers. Maar vanuit de multiz.p. zijn ze een leerschool, en werken ze door op ons, alles hangt samen a.h.w. De intentie is van belang.
De ware wetenschapper
gaat door, tot hij het ware referentiekader gevonden heeft, voor vragen die we in
onze tijd stellen. Wat houdt het in als we zeggen dat er een dieper gebied bestaat,
waaraan ons dieper begrip ontspringt, een niet-
Je ziel is geen passieve of theoretische entiteit, die een ruimte in je borstkas
vult, het is een positieve doelbewust kracht in de kern van je wezen. Het is dat
deel dat de onpersoonlijke aard van de energetische dynamiek waardoor je bewogen
wordt, begrijpt, dat liefheeft zonder beperking, dat accepteert zonder oordeel. Het
bewijs voor de niet-
De persoonlijkheid en het lichaam
zijn kunstmatige aspecten van de ziel. Wanneer zij aan het eind van haar incarnatie hun dienst bewezen hebben, laat zij ze gaan. Zij eindigen, maar de ziel niet. Zij keert terug tot haar onsterfelijke en tijdloze staat. Een compleet mens is waar persoonlijkheid en ziel in balans zijn en je het verschil niet meer ziet.
Hart en emoties
De weg gaat niet via intellect, maar de emoties wijzen ons ergens op; leerstof. Zo drukt de ziel zich uit in de materie. Voor de wereld zijn emoties nutteloos, en worden dus onderdrukt.
De meeste dieren hamsteren niet,verzamelen alleen wat nodig is. ben je eerbiedig, dan kun je het leven geen geweld aandoen. Zonder eerbied wordt het leven een goedkoop artikel, waar geen oog is voor het hele sacrale proces van de evolutie. Eerbied is een perceptie van de ziel. Alleen de persoonlijkheid kan het leven zonder eerbied beschouwen. De eerbiedige mens oordeelt niet, want voelt zichzelf niet superieur. (het is een fysieke uiting van de ziel).Eerbied is geen emotie, maar een manier van zijn.
Licht en energie.
we zijn een lichtstelsel, zoals alle andere wezens. De frequentie hangt af van ons bewustzijn. Als je iets verandert aan het niveau van bewustzijn, dan verander je iets aan de frequentie van je Licht.
Emoties zijn energiestromen met verschillende frequenties. Negatieve, als haat, wrok ,hebben een lagere frequentie. Genegenheid, vreugde, een hogere. Bij wanhopigheid voel je een lagere energie, alsof je leeggezogen wordt. Je wordt zwaar en duf. Iedere gedachte roept een andere emotie op. Stelsels met een lagere fr. ontnemen energie aan stelsels met een hogere fr.
De ziel kan verward zijn en van het Licht afgewend, maar zij ervaart geen angst. Die angst hoort bij de persoonlijkheid en is aan tijd en plaats gebonden.. Onvoorwaardelijke liefde hoort bij de ziel, is universeel en niet gebonden.
Je verandert de manier waarop je het Licht dat door je heenstroomt vormgeeft, door je bewustzijn te veranderen (bijv. je te weer stellen tegen negatieve patronen). Andere manieren van denken geven andere ervaringen. De intentie maakt je daartoe toegankelijk.
De ziel en de evolutie van de wereld.
Soms wordt over het collectiefonbewuste gesproken, maar is dat niet. Het is de ziel van het mensdom. Je ziel is de ziel van de menselijke soort in het klein. Een micro van een macro. Je hebt deel aan de macro en kan haar beïnvloeden. Je vormt collectieve energieën die het geheel helpen evolueren.
Het introduceren van bewustzijn in het cyclische scheppingsproces waardoor de ziel evolueert, maakt de schepping mogelijk van een wereld die gemaakt is met het bewustzijn van de ziel, een wereld die de waarden, inzichten en ervaringen van de ziel weerspiegelt..Het laat het bewustzijn van wat heilig is, samensmelten met de fysieke omgeving.
Het archetype van het huwelijk is in ons bewustzijn aan het verschuiven. De rollen man en vrouw zijn veranderd. Ze waren bedoeld om fysiek te overleven. Dat is niet meer functioneel. Het wordt vervangen door een nieuw archetype, bedoeld om de spirituele groei te ondersteunen.Dit is het archetype van spiritueel of gewijd, partnerschap. Ze erkennen elkaars gelijkheid, ze kennen het verschil tussen persoonlijkheid en ziel. Ze kunnen daarom met een geringere emotionele betrokkenheid de dynamiek daartussen bespreken dan ´echtgenoten´. Voor hen is er een diepergaande reden waarom zij samen zijn, voor de evolutie van hun ziel. Het zien van macht als uiterlijk, wordt niet meer getolereerd door hen.
Illusie.
Het is een illusie, want in de niet-
Ook de dynamiek falen-
Illusie wordt beheerst door onpersoonlijke energetische dynamica, een wisselwerking tussen individuen geschikt voor kennisverwerving. Leer je, word je bewust, dan laat je je er niet meer door meeslepen.
Je begint in te zien hoe illusie werkt, en dat is het begin van authentieke macht.
Wanneer je bang bent, niet in staat je huur te betalen, niet in staat voor jezelf te zorgen in deze wereld, wanneer je macht ziet als uiterlijk, en het gevoel hebt niet over voldoende macht te beschikken om je veiligheid en welzijn te garanderen, voel je ongemak of pijn in de maagstreek, bij de plexus solaris. Wat wij ongerustheid noemen, is het gevoel op die plek dat je macht verliest uit het energiecentrum. Het heeft veel invloed op de omliggende delen, indigestie, enz.
Fysiek ongemak, pijn en benauwdheid in de borst of de hartstreek, ontstaat door angst dat je niet liefgehad wordt of niet lief kunt hebben. De; weg van het hart is er een van mededogen; als je niet weet wat je voelt, is er geen bewustzijn over, en geen leren.
Liefde, seksualiteit
Liefde is de energie van de ziel en daarom vindt de persoonlijkheid daarin vervulling. Iedereen streeft ernaar; is het onbewust dan kunnen we niet uit seks halen waar we naar zoeken, dan blijft het een doodlopende straat.
Vertrouwen.
Iedere ziel komt op aarde met gaven. Een ziel incarneert niet alleen om zijn energie te helen en in balans te brengen, maar ook om op een specifieke manier van zijn eigenheid te getuigen. (is dit Jungiaanse roeping, de daimon?). Ben je het werk van je ziel aan het doen, dan ben je opgetogen. Wees creatief, wees wie je bent. Tracht het leven als een goedgeordende dynamiek te beschouwen. Vertrouw. Het is een deelgenootschap met de Goddelijke Intelligentie. Vertrouwen maakt dat je kunt lachen. Zie de frustraties voor wat ze zijn, leerlessen.
Voel je je prettig bij de gedachte dat het Universum vreemd en dood is en niets meer inhoudt dan je vijf zintuigen kunnen waarnemen? Hoe reageert je hart op de gedachte dat het Universum leeft, vol mededogen is en dat je samen met dit Universum en met andere sterke en verlichte zielen je kennis vergaart om in een proces van samenwerking de werkelijkheid die je vergaart te scheppen?
Jezus aan het kruis is een eeuwenlang gebruikt symbool.
Volgens Eckhart Tolle is het het grote JA tegen wat is en je overkomt:
(becoming friendly with what is; you need not something else. Het kruis is symbool
van ´complete surroundingr to what is´. ´Waarom hebt U mij verlaten...; maar uw wil
geschiede´. Het is het grote niet weten. De niet-
Filoseren over dood moet niet te algemeen zijn, maar moet gaan over 'mijn dood'.Zie mijn persoonlijke verhaal bij hedendaags kwaad. De theologie van de dood heeft betrekking op het leven. Het zegt: wij hebben het leven niet in eigen hand. Het 'leven' is onmogelijk door ons te maken. Respect, loslaten, vertrouwen is gelovig.
In het Christendom krijgt het begrip 'dood' ook een zwaar mystieke betekenis. Het
is : niet-
Tollej wijst op het mysterie van het 'nu': kijk naar de lelie op het veld, in als zijn vergankelijkheid is hij zo mooi.
Dood en pijn.
In Boeddhisme : al onze mooie bespiegelingen zijn zonder practisch belang als we het proces van geboorte, lijden en dood niet in overweging nemen. In Boeddhistische traditie 3 soorten pijn:
Het bestaan is pijn, dukkha, niet te ontlopen. Ieder mens huilt verborgen tranen
over zijn vergankelijkheid en verdwijnen. Met name daarover wordt compassie gevraagd
(hetgeen iets anders is dan medelijden). Wij zitten namelijk allen in hetzelfde schuitje.
Door de acceptatie daarvan en onze eigen angst te overwinnen helpen wij tegelijkertijd
anderen. Ook met het besef dat ons bestaan niet van ons afhangt, dat we ons ego los
kunnen laten en ons bewust kunnen worden van een dieperliggende bron die het wonder
van onze geboorte en ons sterven veroorzaakt. Juist omdat de schoonheid van een bloem
vergaat is haar schoonheid die 'zo maar komt', zo vol betekenis. (De oorzaak van
de ervaring van dukkha (lijden), is volgens Boeddha begeerte, gehechtheid, 'dorst'(tanha).
Hij onderscheidt drie vormen van dorst:gehechtheid aan zintuigelijke genoegens (kamatahna),
gehechtheid aan bestaan( bhava-
En nog op een andere manier gezegd:
door het vasthouden blijven we in onwetendheid en vooral in Dukkha: lijden, zowel fysiek als psychisch. Er is nog een andere, derde, vorm van lijden nl. existentiële angst: we splitsen ons op in ziel en lichaam (de mens is ziek volgens de Boeddha) en doen of we onsterfelijk zijn: voortdurend reflecterend en b ezig met zin van bestaan ipv te leven en te ervaren...geboorte, ziekte, dood zijn vervelend niet zozeer omdat ze pijnlijk zijn als wel omdat ze vernederend zijn (voor ons narcisme). Naast deze drie vormen van lijden, lijden we onder het feit van vergankelijkheid (anicca): "alle samengestelde dingen zijn onderworpen aan vergaan (Er is geen zijn, alleen wording, van wat ontstaat, vergaat, verandert).
We zitten gevangen omdat we de 4 EDELE WAARHEDEN nog niet dóór hebben:
In Boeddhisme :
1e stap: het hinayanapad: het nauwe pad van eenvoud. Het meester worden over onze neurosen en gedachten. Door meditatie als scheppen van een ruimte waarin we onze neurotische spelletjes, ons zelfbedrog, onze verborgen vrees en hoop kunnen blootleggen en ontwarren. We verschaffen ruimte door de simpele discipline van niets doen. Aanwezig zijn op deze plaats (hulp: ademhaling, beweging, innerlijk lichaam).
2e stap:Mahayanapad. Een open snelweg van medogend handelen.
3e stap: Vajrayana-
In Christendom:
Jezus heeft gezegd: Ik ben de weg. Dit wordt in de christelijke traditie nauwelijks uitgewerkt. Er zijn wel pogingen gedaan.
Bijvoorbeeld door Ignatius, rond 1560, met zijn boekje over de ´Geestelijke oefeningen´ dat door Jezuieten eeuwenlang als leidraad is gebruikt bij de trainingen die zij gaven aan leken, priesters en zusters.
Later is de Imitatio Christi van de Nederlanders Thomas à Kempis een volgboek geworden. Maar beide werken gaan erg uit van Jezus als voorbeeld en er is nauwelijks aandacht voor de bron die in de mens zelf gelegen is; het is geen mystiek van de meer moderne innerlijke beleving.
De innerlijke belevingskant (is behalve in de mystiek) als gevaarlijke ondermijning van het gezag, terzijde geschoven.
Maar hier een staaltje van verbinding van mystiek met psyche. Het is een appèl, een oproep om je eigen egomuren meer los te gaan laten in dit leven. Daarmee stijgt het ver uit boven het heden in zwang zijnde Ietsisme van vele mensen van ´er moet toch iets zijn´. Dit is veel meer, een oproep er iets van te maken. Eigenlijk is het een moderne (spirituele) levenswijze, een weg. Hieronder geef ik een passage daarover die ik in een boek opneem dat ik momenteel daarover aan het schrijven ben. Meer
Net zoals Rogers, begon Freud zich in de laatste jaren van zijn leven steeds meer
te interesseren voor de oorspong van religie. Hij werd geconfronteerd met zijn joodse
wortels toen hem gevraagd werd een inleiding te schrijven bij een Duitse vertaling
van het werk van Isaac Luria (1534-
Zo groeien wij spiritueel. Met name door ons eigen ego te relativeren en de waarden van deze wereld kritisch te bezien. Door ons lichaamsbewustzijn opnieuw ons toe te eigenen en van daar uit de toegang tot onze ziel, is een nieuw bewustzijn mogelijk. Juist de secularisering en de verdwijning van een voorbij concept over god, maakt dit mogelijk.
De Boeddha.
Je bent goed zoals je bent, je bent de Boeddhanatuur. Daarom hoef je niet steeds
anderen te volgen, naar andere staten te verlangen, uit -
De grote vraag is of de christelijke beleving van Jesus als incarnatie van een God daarboven wel deugt.(p.131, Zen en Christendom, door Robert Kennedy.Mirananda 1996)
De confrontatie met zen, maakt het christenen duidelijk dat contemplatie van de christen geen kijken naar Christus is, geen volgen van Christus, maar een transformatie in Christus.. ´Wie zijn leven vindt, zal het verliezen´ (Matt. 10,39).
Christus is het woord voor de verrezene, de gezalfde; de geest in ons na de verrijzenis. Het is een andere benaming dan Jezus, de historische figuur. Het is net zoiets als de Boeddhanatuur. Wij zijn door hem verheven, het menszijn is de moeite waard, iedere mens, ook de minste, de hele menselijke natuur en zijn condities zijn voldoende; zeg Ja tegen wat je overkomt, zoals ook het lijden. Hij liet de weg zien, de zaligsprekingen, de bekoringen, de dwaalwegen van de gevestigde religie, de dogmatische lijden brengende stereotiepen waar we ons van kunnen bevrijden, enz. Zo ontstaat een transformatie, zoals ook bij de Boeddhistische verlichting.
Er is maar één Christus, de geredde menselijke natuur. Zoals Paulus schreef : Ik leef, niet ik leef, maar Christus leeft in mij....
Zoals Teilhard de Chardin schreef: ´In werkelijkheid wordt er één mens gered: Christus, het hoofd en levende samenvatting van de mensheid. Elk van de uitverkorenen is geroepen God te zien van aangezicht tot aangezicht. Maar de daad van het zien zal wezenlijk ongescheiden zijn van de verlichtende en verheffende handeling van Christus. In de hemel zullen wij God aanschouwen, maar, als het ware, door de ogen van Christus. (Le milieu divin, 1964).
En het is helemaal niet zo dat Christus het alleenrecht heeft, het is hetzelfde als de Boeddhanatuur: ´Ik zeg U dat velen uit het Oosten en het Westen zullen komen en met Abraham en Isaac en Jacob zullen aanzitten in het Rijk der Hemelen (Matt. 8,11) en een vers eerder over de h e i d e n s e honderdman: Zo groot geloof heb ik hier in Israël (het zogenaamde uitverkoren volk) nog nergens gevonden! Hij ging grenzen over, hield niet van formele of bureaucratische houding, het gaat om het innerlijk en daarbij wordt geen mens uitgesloten
Beiden een symbool en leiden naar beleving van het essentiële van de werkelijkheid: het immanent onnoembare ervaren.
De theeceremonie is een manier om zeninzicht te verwerven. 1. Kom vroeg (" prachtig, de stemming van dit moment, ver weg, uitgestrekt, mij alleen bekend"). 2 Zuivering van hand, mond, geest; zitten zodat we één zijn met de hele wereld (als belijdenis en contact met overledenen) 3 Iets moois wordt neergezet, zodat de schoonheid van gewone dingen wordt beseft.(offerande). 4Verkondiging, soms slechts één woord. 5. Dienst in het hart van de liturgie, de theemeester bedient, zoals Jesus met een doek de voeten wast van hen.6. Tenslotte ontvangt ieder in de mate waarin hij gewaar is. We geloven als Christenen dat het sterven van Christus niet alleen maar in onze herinnering leeft, maar dat het een altijd aanwezige en levende werkelijkheid voor ons is. ..Deze liturgie is absoluut uniek. Ze komt nooit terug... (p.112, R.Kennedy, Zen en Christendom).
Basaal gezien zijn er verrassende overeenkomsten (wellicht is Jezus ook door Boeddhisme beïnvloed via de zijderoute, maar zeker is dat het hier om universeel basale spirituele opvattingen gaat. Er zijn vele verkeerde stromingen en dwalingen zowel in Christendom als Boeddhisme.) Ik ga hier uit van wat ik als de meest authentieke beschouw en de overeenkomsten daartussen:
Een minder diepgaan maar heel concreet boekje over de overeenkomsten is: 'Jezus en Boeddha, paralelle uitspraken. Marcus Borg en Jack Kornfield.. Kuncahbpublicateis, 2002. Hierin ook een historisch overzicht van pogingen die mensen gedaan hebben om overeenkomsten te bestuderen.
* Oog voor het individuele of het algemene.
In het Boeddhisme zullen we niet snel de N.T. tekst tegenkomen: ´Ik heb je naam geschreven in de palm van mijn hand´. En ook niet de parabel van de verloren Zoon, die met open armen weer thuis door zijn vader ontvangen wordt, en over de vreugde in de hemel over één zondaar die zich bekeert, of over het verloren schaap dat teruggevonden wordt. Met de term "Abba" die Jesus gebruikt, die de gevoelswaarde van "pappa" heeft, wordt de werkelijkheid als heel persoonlijk voorgesteld.
In het Boeddhisme wil men de werkelijkheid ook wel als intiem en liefdevol voorstellen,
en niet als ´het´, niet als onzijdig. In het echte kijken naar iemand, in het tegenwoordig
zijn in het ´nu´van de ontmoeting, in het niet objectiveren van met wie je praat,
ligt dezelfde aandacht voor de ander als subject. Toch moet je deze gedachten met
een lampje zoeken in het Boeddhisme, zeker in de niet-
* Absolutisme en godsvoorstelling.
Er zijn veel teksten over: “Ik ben de weg, de waarheid en het leven”., die als “
wij zijn de enigen die de absolute waarheid bezitten”, zouden kunnen worden uitgelegd.
En dat gebeurde -
Godsdienstoorlogen zijn het gevolg van het valse idee dat men dé absolute waarheid bezit en als het ware ´bij god op tafel zou kunnen kijken´.
Het Boeddhisme benadrukt de Boeddhanatuur in ieder van ons; en dat we die in onszelf moeten ontdekken en niet meer allerlei goeroe´s moeten nalopen na enig onderzoek. "Doodt het Boeddhabeeld in jezelf". Het is maar een kleine groep Christenen die hetzelfde durven zeggen: "Doodt het godsbeeld in jezelf, om de waarheid te vinden..."., aldus de mystiek waaronder Meister Eckhart. Het Boeddhisme kenmerkt zich vooral dat het geen God kent, geen godsdienst is in die zin. Eigenlijk is het in het Christendom ook zo, maar bijna niemand wil dat geloven (uitgezonderd de innovatieve richtingen zoals in mijn web en de door de kerkverketterde mystici
* Concreet, alledaags,
De evangelieverhalen lijken volkser, van de straat. Het Boeddhisme heeft veel abstracte moeilijke termen, maar ze gaan in feite wel over innerlijke ervaringen (denken, voelen, etc.). Er zijn wel vergelijkingen in het Boeddhisme om dingen duidelijk te maken, maar gaan ze niet iets te veel over koningen?? Hoewel de werkelijkheid in het Christendom als Liefde van de vader wordt omschreven, is de kern van het bestaan ook in het Boeddhisme, hart en liefde. En weer: het lijkt of je Liefde in het Boeddhisme intiemer in de ervaring van het ware zelf kunt beleven. Dus wie is er nu eigenlijk concreter! Het Boeddhisme vertoont meer samenhang met ons gewone bestaan: denken, voelen, kijken, alles heeft te maken met onze tocht door dit bestaan richting het vinden van het uiteindelijke, de verlichting.
Kerstverhaal: de verlosser blijkt in doeken gebonden. De koning die verwacht wordt is een kindje. De stad die de eer wil opeisen blijkt een kribbe te zijn. Het gaat dus om het gewone alledaagse niet uitzonderlijke menszijn waar het heil te vinden is (geboren uit ons vleesch), niet om een verre transcendente God. En de verlossing gaat niet via grootse wereldlijke waarden, maar wordt gevonden bij 'de armen van geest'enzovoorts.
Parabels: Jesus schrijft in het zand: "wie zonder zonde is werpe de eerste steen"(tegen de omstanders die willen dat hij een zondares aanklaagt). Tegen wie zich laten voorstaan op hun lidmaatschap (van kerk of Jodendom) prijst hij het geloof van een heidense (buiten de grenzen wonende) honderdman.
Tegen wie de komst van hemel enz. zitten te berekenen, zegt hij: leef nu, iedere dag heeft genoeg aan zichzelf.
Tegen wie zich te druk maakt en te bezorgd is, zegt hij: "kijk naar de leliën op het veld, de vogels in de lucht, ze maaien niet en zaaien niet, en toch hebben ze genoeg...". Hij wijst op de herder die vol zorg een verloren schaap zal zoeken en op de vreugde (en niet de strafbehoefte) van de vader wanneer de verloren zoon huiswaarts keert". De waarden worden omgekeerd,!
ons existentieel verstaan van onszelf realiseert zich niet naakt, maar in symbolen. De mythe verklaart niet, maar opent. Is voor iedereen en daarom vaak ´concreter en feitelijker dan een concreet feit.
Boeddha -
Van de man die eerst alle metafysische vragen opgelost wil zien voor hij op deze verlichtingsweg wil ingaan, wordt gezegd: "Hij is als de man die stervende is, na getroffen te zijn door een giftige pijl. Hij wil zich niet laten behandelen voor hij de herkomst van gif, pijl en schutter kent". Voor al die vragen zijn beantwoord, zou hij sterven.
Een radeloze vrouw die eindelijk een kindje kreeg, en vergaat van ellende, radeloos op zoek naar een medicijn om het kind tot leven te wekken, wordt gezegd: "ga langs de huizen, en vraag een mosterdzaadje in de huizen waar nog nooit iemand gestorven is". ....Zij vindt er geen een, en komt zo tot besef van sterfelijkheid.
“Meester, hoe word ik verlicht?”. “Hoor je het geluid van de bergbeek” ...
“En als ik dat nou niet zou horen?”. “Dan beginnen we daar!”.
Een heel centraal begrip binnnen het Boeddhisme, maar moeilijk te begrijpen.
1. Het gaat er bijvoorbeeld helemaal niet om dat een steen geen fysieke inhoud zou hebben. Het gaat meer over een wijze van kijken. Het gaat erom meer dan dit ene ding te zien. De ruimte eromheen, de transparantie ervan, de samenhang met alles. Het is meer dan dat ene woord waarmee we dit voorwerp benoemen.
Je niet blind staren op dit ene object. Er contact mee maken zodat het in ons leeft en niet geplastificeerd aan de buitenkant van onze ervaring blijft; het is werkelijk, had er ook niet kunnen zijn. Daarom wordt voor deze wijze van kijken wel eens het woord ´wezenschouw´gebruikt.
2. Er wordt nog meer mee bedoeld; het gaat namelijk nog een stapje verder. De wijze waarop wij gewoonlijk kijken hangt samen met de manier waarop wij krampachtig willen vasthouden aan een ´ik´: ´ik´ hier en dat object daar. We creëren een afstand die er eigenlijk niet is; dit schijnen we te doen omdat we een houvast willen scheppen. Vasthouden aan ons ´ego´ geeft ons gewichtigheid en biedt een tijdelijk comfort. We worden bang van de enorme schittering die van een ongefilterde werkelijkheidsbeleving uitgaat en durven het niet aan om niet zelf te bestaan maar alleen in zo een flow. Voor mij is dit nog heel moeilijk.
Wat er over geschreven wordt is:
1. een aansporing om op een bepaalde wijze te kijken naar de werkelijkheid. Emptiness, void , openheid, transparantie(doorschijnend) of 'wezensschouw' zijn de meest gebruikte vertalingen van het basiswoord 'Sunyata'. De wortel van dit woord is 'sun', wat zwellen betekent. Een gezwel is te veel aan substantie, dat zich pijnlijk vestigt op de huid en deze zijn natuurlijke gladheid doet verliezen. De gedachte die aan 'sunyata' ten grondslag ligt is: door ons denken en doen maken we de wereld tot een groot gezwel. Prik dit gezwel door en de oorspronkelijke glans van de werkelijkheid wordt manifest. ...In het licht van bevrijding wordt onze normale waarneming en onze alledaagse wijze van kennisverwerving, als ook de meer verfijnde wetenschappelijke en wijsgerige vormen van weten onder kritiek gesteld. Wij zien de werkelijkheid allereerst als een verzameling van 'dingen'...De werkelijkheid wordt overzichtelijk in vakjes ingedeeld....pen, bureau, computer, man, vrouw...Hoe groot het voordeel van deze empirische kennis ook moge zijn, door gewenning en gewoonte dresseren we onze blik op de wereld op eenzijdige wijze, waardoor 'iets' niet meer gezien wordt. Er wordt 'iets' vergeten. ...Buiten beschouwing blijft het onomvatbare geheel waarin de dingen functioneren.....ook vergankelijkheid, de onverzadigbare worm die aan dit bestaan knaagt, dreigt ofwel als een vijand gezien te worden ofwel geheel uit het beeld te verdwijnen......
Bruikbare kennis en vertrouwde interpretaties doen verder gemakkelijk vergeten dat de grenzen die de begrippen aan de dingen stellen, bij alle effectiviteit, ook kunstmatig zijn. Er is geen ding dat buiten zichzelf, binnen zijn eigen grenzen bestaat....De tafel bestaat met medewerking van alles wat niet deze tafel is.........
"Als jullie een rijstkom vasthouden en je voedsel eten, houden jullie er een 'kom-
Sunyata (´leegte´) is een zienswijze. Het vraagt -
2. Het is vooral uit angst dat wij een fake 'persoonlijkheid' creëren: een constructie en houvast tegen een vijandig geachte buitenwereld. Dat bombardement van zelfhandhavingdialogen kunnen we horen in de interne dialoog die wij voortdurend met onszelf voeren en die in meditatie iets meer transparant kan worden. Het construreren van 'fake ' gaat in 5 stappen (de skandha's:groepen die de menselijke persoonlijkheid opbouwen):
De gehele ontwikkeling van de 5 skandha's is een poging ons af te schermen voor
de waarheid van ons niet-
(In Ria Kloppenborg: Autonomie en non-
door het vasthouden blijven we in onwetendheid en vooral in Dukkha: lijden, zowel fysiek als psychisch. Een derde vorm van lijden is existentiële angst: we splitsen ons op in ziel en lichaam (de mens is ziek volgens de Boeddha) en doen of we onsterfelijk zijn: voortdurend reflecterend en b ezig met zin van bestaan ipv te leven en te ervaren...geboorte, ziekte, dood zijn vervelend niet zozeer omdat ze pijnlijk zijn als wel omdat ze vernederend zijn (voor ons narcisme). Naast deze drie vormen van lijden, lijden we onder het feit van vergankelijkheid (anicca): "alle samengestelde dingen zijn onderworpen aan vergaan (Er is geen zijn, alleen wording, van wat ontstaat, vergaat, verandert).
Deze vicieuze cirkels is het gebied van samsara. Deze procesmomenten duren een fractie
van een seconde. Ze volgen elkaar op als beeldjes in een film. Maar de gaten ertussen,
de achtergrond, is de diepere eenheidswerkelijkheidsbeleving die ieder soms wel kent:
onbevangen waarneming en helder inzicht. We schijnen daaruit weg te lopen omdat het
een doodservaring lijkt waarin ons (geconstrueerde en houvast biedende) ego niet
meer bestaat (willen we de momenten 'vasthouden' -
Naast een 'fakeconstructie van het ego' vindt er dus ook een soort censorfunctie door het ego plaats. Dan vormt zich een cocon om ons heen, een filtering tegen de enorme straling van de werkelijkheidsbeleving en de impact van directe onbemiddelde waarneming van de fenomenale wereld die via de gaten (de pauzes tussen de filmbeeldjes) binnenkomt.
Dit waarnemingsproces in vicieuze cirkels (samsara) kan getransformeerd worden. We
komen dan in de wereld van nirwana terecht. Dit gebeurt door het daagse waarnemingsproces
te ontregelen in bijvoorbeeld meditatie of in een piek-
Een geduldige onbevangen aandacht brengt ook de gaten in het persoonlijkheidsproces aan het licht. Dit kan het gevoel met zich meebrengen dat je uit elkaar valt. Een gevoel van grote droefheid en eenzaamheid kan optreden, alsof een essentieel deel van jezelf, een orgaan dat greep op de werkelijkheid uitoefent, aan het afsterven is. Tegelijk merk je dat de werkelijkheid buiten je een reusachtige stap naar je toe heeft gedaan. Alles wat je ziet wordt intiem, nabij, alsof het gaat om een persoonlijke ontmoeting tussen jou, je zintuigen en wat je waarneemt. Het geeft een gevoel van verbondenheid een gevoel van empathie met de wezens en de dingen. Tegelijk krijgt elk wezen, elk voorwerp, diepte, omdat je oppervlakkige blik van eigenbelang wegvalt.
M. Duchamp schreef een werk over waarneming: 'de bruid ontkleedt door haar vrijgezellen' Een huwelijk met onszelf, transcendent vrouwelijk inzicht in leegte. Leegte betekent 'zonder bedekking', want ze verschijnt als een naakte vrouw, gloeiend van passie. In haar linkerhand een schaal waarin een stof om de ontregelende kracht van de liefde aan te wakkeren. In haar rechterhand houdt ze een mes waarmee ze alle conventionele voorstellingen doorsnijdt...
De bovengenoemde 'achtergrond' is als een partner, maar 'geliefde' is wellicht een betere benaming zijn, geliefde en vereniging in één. Als je haar ontmoet, weet je dat zij het was, waar je je hele leven naar verlangd hebt, zonder te weten waarnaar je verlangde. ......De ' achtergrond' is zij niet een deel van onszelf? Daarom zeggen ze dat het verlangen de geliefde is. (Het gehele stuk vrij naar en Uit: De verbeelding aan de macht. Meino Zeillemaker. In : Humanisme en Boeddhisme. F. Elders (2000). Asoka)
De leegte heeft geen houvast nodig. Je wezen is een niet-
Ik-
Het besef van het ‘ik’ gesitueerd in het bewegende deel van het centrum van het leven, is de plaats waar de andere wereld door deze wereld heen breekt, waar het eeuwige de tijd binnengaat in ons, waar de menselijke persoon ontstaat en dan terugkeert naar haar goddelijke grond (Dunne, the peace of the present).
Ons lichaam is niet een losstaand object buiten ons. Wij zijn het, maar daar doorheen veel meer. Wanneer ik de diepte van de werkelijkheid soms ervaar, dan is er tevens een intense lichaamsbeleving, mijn lippen, mijn ogen, is voel ze tegelijkertijd. Zij zijn de ingang naar het diepere. Boeddhisme en Christendom komen voor mij hier verrassend dicht bij elkaar.(1 en 2)
In het hierna volgende wordt gesteld:
1. Boeddhisme : dat we slechts door onze wijze van kijken een splitsing maken tussen lichaam en geest.
Mijn eigen vakgebied: hoe de psychotherapie het lichaam uit het oog verloor en terug vindt. (Zie psychotherapie. Voor Plato is het lichaam het oog van de ziel
Het lichaam en de dood behoren tot dezelfde illusie die geschapen is door de ikzuchtige toestand van het bewustzijn, die niets weet van de Bron van het leven en zichzelf beschouwt als een op zichzelf staand iets dat voortdurend bedreigd wordt. Dus schept het de illusie dat je een lichaam bent, een verdicht stoffelijk voertuig dat voortdurend bedreigd wordt.
Jezelf te zien als een kwetsbaar lichaam dat geboren is en even later sterft -
We hebben de neiging een splitsing aan te brengen tussen onze geest en ons lichaam (uit angst creëren we een soort 'houvast' buiten onszelf). Het Boeddhisme waarschuwt voor deze menselijke neiging.
In meditatie gaan Prana (beweging in de ademhaling, ritme van het universum) en Asaka (ruimte die het schept, het medium van de beweging) samen.
In Christendom is de kern van de boodschap aanvankelijk dat wat we onder 'God' verstaan wezenlijk geïncarneerd is, mensgeworden is; daar is het waardevolle te vinden. Onze menselijke conditie is ín deze wereld; in het gewone menszijn begint de verlossing. Met de verrijzenis wordt onze visie van scheiding tussen lichaam en geest, waarvan het Boeddhisme de illusie daarvan bespreekt, ook opgeheven.
In de loop van de geschiedenis heeft het Christendom het lichaam verketterd, gegeseld,
ascetisch angstig haar lusten proberen te onderwerpen, vanuit een verkeerd begrip
voor het Hogere. De Westerse filosofie en wetenschap heeft sinds Descartes de splitsing
lichaam-
3. Meer over het verwaarlozen van het lichaam in de westerse gesprekspsychotherapie en innovaties op dit gebied: lichaam)
is geen verheven staat op het Zenkussen bereikt, het is interactie, een wijze van
handelen tussen mensen. Het kan het bestaan van de ander 'verlichten'. Verlichting
moet steeds veroverd worden, het is geen blijvende constante toestand . Het is als
geloven: er mee bezig zijn, ernaar verlangen, het missen enz. Een ander nuchter woord
ervoor is wel voorgesteld: 'realiseren', gewoon in de praktijk brengen in je handelen,
in je omgaan met mensen, het is verwerkelijken als proces, dichter bij brengen.
Verlichting kan men veiliger realisatie noemen. Het is geen vage metafysische staat,
maar NIRWANA in de zin van vrij zijn van verlangens, haat en illusie (tegendeel van
'kwaad'). In het algemeen is dit iets wat steeds bevochten moet worden en soms even
gevoeld. Het is ook ontwaken, d.w.z. Zich bewust worden, niet meer in illusies en
fantasieën leven . Een essentieel onderdeel van het ontwaken is het herkennen van
het niet-
De verlichtte moet ook door de gemeenschap gecontroleerd worden, het is niet te koop. Het betreft reacties waarop mensen elkaars vragen beantwoorden, elkaar ontmoeten, zwijgen, een wijze van zijn die werkt....Deze bevrijdende communicatie is als trampoline springen. De ene keer ben ik het vangnet, de andere keer de springer die door de ruimte zweeft om ergens neer te vallen...Het vergt improvisatie...De bevrijdende werking kan immers pas plaatsvinden als mijn bewustzijn niet te los en niet te strak gespannen is en als ik mij durf over te geven aan een vrije val....Intimiteit betekent hier geraakt kunnen worden en op basis van de eigen veerkracht antwoorden. Maar 'intimiteit' betekent ook mij zelf te laten gaan 'zoals ik ben', een waarachtig mens, een waarlijk 'ik'...(pag.126 Tijdeman).
Doel van Boeddhisme is dan ook feitelijk niet het nastreven van verlichting, maar meer het Bodhisattva=ideaal (bodhi=verlichting; sattva=essentie). Geen ideaal alleen voor monniken, maar voor iedere mens. Want het gaat niet om het streng naleven van allerlei regels of ascese weg uit de wereld. Als er iets is wat het bodhisatvva (het verlichtingsbewustzijn) dichter bij brengt, dan is het wel ons hart openstellen en meevoelen met andere wezens, een geesteshouding die niets of niemand in bezit neemt of naar een beloning voor zichzelf streeft. Daarnaast intensieve studie en verwerving echte kennis, meditatie. Zo streeft men naar innerlijke eenwording en transformatie (zie ook elders op deze pagina). Zie voor een prima concretisatie daarvan en meer over de kern van het Boeddhisme: onder leegte
Toch -
De oorzaak van de ervaring van dukkha (lijden), is volgens Boeddha begeerte, gehechtheid,
'dorst'(tanha). Hij onderscheidt drie vormen van dorst:gehechtheid aan zintuigelijke
genoegens (kamatahna), gehechtheid aan bestaan( bhava-
(Samenvatting van artikel Secularisme en spiritualiteit. H. de Wit : In F.Elders (2000), Humanisme en Boeddhisme,Asoka . cursief zijn mijn vragen.
Volgens het Boeddhisme zijn de mensen 'ziende blind en horende doof'. Als dan al
over de of het Onzienlijke wordt gesproken, dan wordt déze werkelijkheid bedoeld.
Niet-
Deze natuurlijke werkelijkheid toont zich wanneer onze bevangenheid, of ons geloof in bovengenoemde werkelijkheid van onze mentale constructie, doorbroken wordt. Hoe en in hoeverre? En is dit wel als zuiver en geheel los van de relatieve werkelijkheid mogelijk? Voorbeeld: hoe vaak proberen we niet om pijnlijke gebeurtenissen dragelijker te maken door er een bepaalde zin of bedoeling aan toe te kennen: op die wijze is het isolatiemateriaal tegen de realiteit van het bestaan. En zo juist een van de oorzaken van menselijk lijden, juist omdat we dan niet meer naar oorzaken zoeken om het lijden op te heffen Is dat niet wat veel beloofd; kan het lijden opgeheven worden of kunnen we alleen leren er niet in onder te gaan? Er zit wel een geheim in de aanvaarding en acceptatie denk ik; moeilijk om geen doel of zin of mooie visie aan lijden en narigheid van vergankelijkheid te verbinden.
Bij de verlichte mens -
We zitten namelijk gevangen omdat we de 4 EDELE WAARHEDEN nog niet dóór hebben:
Om dit alles te ervaren en te weten te komen is de (westerse ) RATIO alleen, een
te beperkt kenvermogen (zie meer: westerse filosofie) .Een tweede (ervarings)vermogen
is nodig omdat het redelijk denken alleen niet bij machte is om de bevangenheid in
een niet-
In onze bevangenheid leggen we immers een conceptueel waas over onze werkelijkheidsbeleving, zijn vaak maar half aanwezig (meer: zie zelfherinnering), bang. Hier kan ik mij veel bij voorstellen.
Dat is de reden dat ´blindheid,´ bijgeloof en onwetendheid en in het kielzog daarvan hardvochtigheid, volgens het Boeddhisme niet alleen het gevolg zijn van verkeerd denken, maar ook van niet helder of niet bewust ervaren.
Tenslotte: natuurlijke humaniteit, (leven in kontakt met onze natuur) betekent het 'verlangen naar goedheid' en de bloei van de totale levenssituatie, bevorderen. Bevangen zijn in een inhumane werkelijkheidsconstructie doodt dit bovengenoemde universele verlangen, we hebben er dan geen contact meer mee, laat staan dat we er een uitweg naar toe, vinden.
De angst voor lijden overheerst het verlangen om lijden te verzachten .ja, ik kleineer het vaak, ook bij anderen, omdat ik het eigenlijk niet aan kan/wil: alles moet als oude katholiek 'mooi' blijven.
Lijden wekt dan niet langer compassie op maar agressie. De angst is schijnbaar bezworen, maar de bezwering is duur gekocht: we scheppen een wereld die geregeerd wordt door hebzucht en agressie, waarin humaniteit versmald is tot de kleingeestigheid van 'verlicht' eigen belang.. “ Laat me met rust dan laat ik u met rust”.
De ingang die het Boeddhisme voorstaat is dan ook het cultiveren van moed. De moed om lijden onder ogen te zien en met knikkende knieën in de volle werkelijkheid te staan en deze tot bloei te brengen.
Net als in het Boeddhisme wordt ons namelijk een andere wijze van zien voorgesteld. In de navolging van Jezus in het Christendom.moeten we verlost worden van een beperkte zienswijze en leren niet helemaal alleen maar ´van de wereld´ te zijn . (Dit wordt wel eens uitgedrukt in de formule: ´in de wereld, maar niet van de wereld´).
Jesus heeft tegendraadse dingen gezegd die anders zijn dan ´de´ wereld gewoon is te denken, zoals: ¨hebt uw vijanden lief; zalig de zachtmoedigen enz. ; maak je niet overbezorgd, de mus,de bloem, ze maaien niet en zaaien niet en toch worden ze gevoed¨; onze werkelijkheid heeft een diepe dimensie die te vertrouwen is. Onze betrekking ermee is ´als met een pappa´. (Dat intieme woord, Abba, gebruikt hij om onze verhouding tot die dimensie te beschrijven)
Over het christelijk begrip ´verlossing´ is veel onzin verkocht als zouden wij door het bloed of het kruis van Jesus verlost zijn.
Dit is voor een modern mens niet te begrijpen. Er wordt hier een analogie getrokken tussen het oudtestamentische offerlam, dat geofferd moet worden. Maar wie offert nu zijn eigen zoon? Zo ver gaat zijn liefde, dat hij hem voor ons de wereld in gestuurd heeft., aldus de verklaarde betekenis.
Als we naar het voorbeeld van Jezus kijken, kunnen we een zodanig leven leiden dat het 'goddelijke' het echte, in ons geraakt wordt. Dan leven we in de geest van de Christus, die ons voorleefde te leven volgens onze eigen menselijke natuur. Dát is goddelijk volgens hem. (Namelijk: Wie mij heeft gezien, die heeft echt de goddelijke vader gezien Zo komt het dan toch weer verrassend dichtbij het Boeddhisme! .Vergelijk: Verlichting.
De drie juwelen zijn: de kennis, de gemeenschap en de verlichte. De drie Juwelen kunnen niet zonder elkaar. De Verlichte staat niet boven de wet. De Verlichtte moet getoetst worden door de gemeenschap en soms opnieuw getest. De overgedragen leer (1) en de gemeenschap (2, de Sangha) en de Leider (3) kunnen niet buiten elkaar. De laatste moet getoetst aan de eerste twee. De Sangha is een gemeenschap van vrije individuen verbonden in zingeving en samen gedeelde interpretatie. De verlichte bljft een mens die kan falen of minder verlichte momenten heeft (zoals de zondaar Petrus de rots was waarop de eerste christelijke kerkgemeenschap gegrond werd. Petrus werd niet gechekt op zijn ´fouten´, maar op de warmte in zijn vriendschap. Dus het democratische begrip ´de drie juwelen´is enigszins te vergelijken met Kerkgemeenschap in het Christendom.
Vergelijkbaar met de Drie Juwelen in het Boeddhisme. De zogenaamde onfeilbaarheid
van de Paus is een angstige ontsporing van de RK Kerk. (De concilies hebben trouwens
-
...." Tegenwoordig zou het duidelijk moeten zijn dat onderlinge afhankelijkheid en het bestaan in relaties de werkelijkheid van ons leven vormen en dat individuele autonomie een fictie is, een van de trucs van het ego. Ik zou, om het begrip een nieuwe inhoud te geven, eenvoudigweg willen voorstellen om de diepzinnige en uitdagende categorie "Sangha"in te vullen met de feministische waarden gemeenschap, koestering, communicatie, verbondenheid en vriendschap" (p.33. Samy. Waarom kwam Bodhidharma naar het westen.1998 Asoka)
Ons omgaan met de beweging van tijd . Meer op mijn site onder ´dimensies´
We hopen vaak op iets dat nog komt, zo gaan we altijd het moment van nu voorbijt; alsof niet deugt wat er is, alsof wij niet deugen. Zelfs als ik een mooie ervaring heb in meditatie, merkte ik dat ik daarna stopte, uit angst dat ik hem weer kwijt zou raken. Een Duits meisje in een van mijn therapiegroepen kwam eens met de diepe spreuk: ¨O Wanderer, es gibt kein Weg; der rechte Weg entsteht im gehen¨.
Door weg te lopen uit het ´nu´ doen we aan wasting time instead of experiencing time. Dat is doodzonde, we leven immers maar één keer.
"Ruimte en tijd zijn niet omstandigheden waarin wij leven, maar manieren waarop wij denken" (Einstein). De ervaring van de lineaire tijd is de manier waarop de natuur ons ervoor behoedt alles tegelijk te ervaren. Want:
ZERO POINT FIELD: het veld van nulpuntenergie. Zelfs in een leeg universum blijft er nog een ware bijenkorf van activiteit over, ontdekte kwantumfysici in de vorige eeuw. Over deze zee van energie die als een gigantisch netwerk alles met alles lijkt te verbinden, worden steeds meer fascinerende feiten ontdekt. Het is een informatiedrager, een blauwdruk van het universum. Zelfs onze herinneringen liggen niet in onze hersens opgeslagen (de ontvanger die frekwenties oppikt) maar als holografische info in dit veld. Einstein spreekt over spookachtige verbindingen op afstand; en dit veld is de enige realiteit. Bestaat er wel zoiets als een ´ik´, afgescheiden van zijn omgeving, als alles met elkaar is verbonden en zelfs onze eigen herinneringen voor ieder toegankelijk zijn.....Die atomen die op allerlei manieren met elkaar en met ons in contact staan, vormen zo nu en dan tijdelijk ons lichaam.....Geen atoom is na 7 jaar meer dezelfde! We dragen verantwoordelijkheid voor dat veld. Gandhi: Be the change you wish to see in the world. (overgenomen uit Ode, nr. 61.
Literatuur hierover: ´Het veld¨. L. mctaggert. Ank Hermes. En Bezielde Kosmos: Ervin Laszio . Ook uitgegeven bij Ank Hermes.
Hier volgt nog een diepgaande tekst over tijd:
Uit: The quest of the Overself. Paul Brunton. Rider and Company, London,1970 .
(sorry, this text is scanned, so there me some lettermistakes)
Our intellects are limited and finite, they cannot measure more than the seconds
and minutes and days of time-
As soon as one attempts to enter into an interior relationship with time one realizes that he lives for ever in the present. Past remembrances and future anticipations are alike unreal bodiless ghosts, which lapse again into dark nothingness, for the present is inexorably inescapable and devours every minute. .
....For every past event was a present one when it actually occurred. In the same
way every future event will be experienced at the time as a present event alone.
Past and future, when analysed, are there-
In other words, time is an unbroken chain formed by successive links of present events only. It cannot be truthfully split up into an absolute past and an absolute future for it is itself indivisible; it is an everlasting NOW. The relationship which exists between past and future has been created by the unifying power of man's memory; it exists in man, not in time.
The present alone is real time.
Now because the present itself cannot be observed as something objective, it must
necessarily be subjective, i.e. within the conscious-
Nothing really appears at a single instant but always in time-
Hence we are living right here and now in the fullness of true eternal life, only we are quite unaware, quite unconscious of it. The restoration of this missing awareness would necessarily revolutionize our lives. This is a point of vast and vital importance.
One cannot represent it properly by a chalked line upon a board, for instance, as one may symbolically represent anything in Nature from the minute atom to the colossal solar system. For the observer and his act of observation and the drawn line are all so fixed to time themselves that normal scientific observation is vitiated, from the beginning. All extemal things are observed from the present moment; but as the latter is not external it cannot itself be observed as an object of thought.
Therefore to fulfil science's latest bidding and get the interior perspective In
the previous chapter the understanding was reached that the self is fundamentally
traceable to a single and persistent thought. which seems to be inextricably bound
up with the unending series of thoughts which, in their totality, are called intellect.
Being thus involved in an activitv of constant mental movement, one normally never
has the opportunity to regard the self-
We have also here arrived at presupposing an absolute present, although we are unable
to conceive it. A way will now be shown whereby investigation may be raised to an
astonishing height. The idea of time is inseparably connected with the idea of motion.
It is a sensation of succession. Thus there is a movement of concepts and percepts
within the mind, one succeeding the other like the snapshots on a reel of cinema
film -
It is this inherence in a succession of mental impression and physical sensations
and events as they pass through consciousness which creates one's sense of time and
one's personal memories because there is no movement without time. It is this eternal
sinking of attention in thoughts other than the ‘I-
……..
A method of attaining higher perception is being placed before it in these pages…..
p.93
So long as one identifies oneself with thoughts, so long will time condition one’s existence. That alone can transcend time which transcends the intellect. But it has already been shown that the real self transcends intellect….The overself is above the movement of thougt (in meditation)..The sense of now will go on as something absolute, unchanging and infinite .. because there will be no succession, no movement, and no memories in the Overself’s consciousness….
It can only be an independent mode of being which entirely transcends all concepts of then, now and after..It is an unbroken whole……Mankind has divided a portion of cosmic time for practical purpose into cycles of days, month and years,; because the train of thoughts, being successive, may also be divide up; but eternity, being in deeper dimension than thought and consequently beyond time, cannot be divided, experiences no successions, is never new and never undergoes the transitions from then to now and after. Eternity is ever here…..
The religious angle on time:
· I am that I am..(Old Testament)
· There should be time no longer (N.T.)
· Before Abraham was, I am (N.T/)
· I am yesterday today and tomorrow, I am the divine hidden soul (Egyptisch dodenboek)
· Lord of Time, who conducted Eternity (papyrus)
· I am that which was, which is, and which is to come. No mortal has yet raised my veil (inscription on temple) (The meaning of the last phrase is not that eternal existence cannot be found, but that its seeker must first overcome that which limits him to mortality, i.e. his perishable personal ego) existence
Time is an invention of the mind, to calculate its own activity during its runnings and flights.
De tijd: een practische beschouwing over onze tijdsbeleving.
De natuur kent de tijd als de aaneenschakeling van de dagen en van de seizoenen. Nietzsche spreekt over de eeuwige wederkeer van hetzelfde en dat is precies wat die vorm van tijd ons laat zien: de herhaling van hetzelfde in de vorm van de dagen en de seizoenen, en de jaren.
Die vorm van de tijd is cyclisch en is een weergave van de natuur. Voor zover wij weten heeft de mens in alle culturen van het verleden deze cyclische tijdsopvatting gekend. De westerse cultuur kent zowel vanuit de religie als vanuit de klassieke filosofie een andere tijdsopvatting. De Grieken uit de oudheid verbraken het cyclische begrip van de tijd omdat ze streefden naar onsterfelijkheid. Deze onsterfelijkheid was niet hetzelfde als de eeuwigheid van het hiernamaals; het was het opgenomen zijn in de verhalen van de cultuur. Hiermee kreeg de tijd een meer lineair karakter, immers er was plotseling een begin van het verhaal dat aangewezen kon worden, namelijk de dood van de man die dan in de grote verhalen wordt opgenomen. We kennen nog een flink aantal van zulke onsterfelijken: Socrates, Plato, Herodotes en Alexander de grote zijn voorbeelden van deze onsterfelijkheid, waarbij we een datering van geboorte en dood van ieder van deze grote namen weten.
Wanneer het christendom haar intrede doet, wordt de tijd helemaal losgemaakt uit het cyclische. Dan kennen we plotseling naast het aanwijzen van de geboorte en de dood van de grote namen ook het voorspelde einde van de tijd. Het laatste oordeel is gedurende alle eeuwen waarin het christendom de belangrijkste religie was, een belangrijke motor voor het menselijk handelen geweest. Dan zou iedereen immers geoordeeld worden op zijn of haar daden. Daarmee was de betekenis van het cyclische karakter van de tijd volkomen naar de achtergrond gedrongen.
In de individuele ervaring is het lineair karakter van de tijd terug te vinden in de vorm van de opeenvolging van gebeurtenissen. Wij kijken naar de tijd in de vorm van onderscheidende gebeurtenissen. Die dateren we en het verhaal dat een aantal gebeurtenissen met elkaar verbind noemen we geschiedenis. Waar het gelijke het voornaamste kenmerk is van het cyclische tijdsbesef, is het verschil dus het kenmerk van het lineaire tijdsbesef.
Onze beleving van de tijd is hiermee voor een deel wel te verklaren. Wanneer er ‘niets’ gebeurt, hebben we niet de ervaring dat er tijd verloopt; de tijd kruipt en we vervelen ons. Wanneer er veel gebeurt en er dus veel verschil is in de ervaring, dan hebben we het gevoel dat de tijd heel snel gaat. Soms kan het verloop van de gebeurtenissen ons zo opslokken dat we niet eens besef van tijdsverloop hebben, maar in tegenstelling tot de verveling gaan we dan volkomen op in de wereld van het gebeuren, met het gevolg dat de tijd verloopt zonder dat we dat ervaren.
Wat is de tijd voor jou? Wat betekent de tijd voor jou? Ervaar je de tijd cyclisch, lineair of heb je er een andere ervaring bij? Meer op mijn site over de tijdsdimensie ´meer´
Tijd is de meest fundamentele ruimte. Duits Zeitraum. Pas je niet aan, neem het heft in handen.
Natuurlijke tijd (itt kloktijd) gaat uit van de eenheid der dingen. Tijd is een zielemaat
en geen rekeneenheid. In de Islam volgen de gebeden de tijd: : eerste gebed: fadjir
de dageraad. 2e azzoerh het midden van de dag.3e al-
´En ik zag een nieuwe hemel en een nieuwe aarde´ (boek van de openbaringen, NT)
Wat in het Boeddhisme het 'eerste oog' genoemd wordt, kan ook in het Christendom teruggevonden worden. Johannes 9 spreekt over het Zien van een blinde. Nicolaas van Cusa, (13e eeuw, ) zegt: "het oog waarmee ik naar U kijk, is hetzelfde oog als waarmee U naar mij kijkt". Mystici schrijven veel over schouwen. Er is een verschil tussen louter objectiveren, taxerend of diagnostisch kijken, werkelijk kijken en dan zien, en schouwen. De verschillende wijzen waarop wij kunnen zien, heeft al heel lang mijn belangstelling en heb ik uitgewerkt in het onderdeel ´dimensies´, meer.
Ik heb geschreven over het therapeutisch bewustzijn dat gecentreerd is wanneer de therapeut ervaren en niet angstig is. Het is als met het kijken van een bergbeklimmer. Wij kunnen begrijpen dat er een verschil is tussen het functioneel kijken wanneer een bergbeklimmer zich een weg omhoog zoekt, en het ah...genietend kijken op de top wanneer niets meer hoeft.me
Dit is er wanneer de gedachten stoppen en we ons openen voor schoonheid, een kort moment zonder interpretatie en gedachten. Sta je deze momenten toe en leer ze als zodanig erkennen (dat is de weg naar verlichting en niet door er steeds hardnekkig naar te streven, want dan heb je er alleen een probleem bij) .
Ren er niet uit weg, ontken het niet, hopend op een volgend moment, zogenaamd om jezelf te completeren, wat een wanhoop die niet nodig is.
Wanneer het gedachteproces verminderd wordt, ontstaat er meer stilte, want minder innerlijke stemmen (van afkeuring, oordeel en labeling van wat we zien)., minder compulsief denken, we komen dan in het gebied dat achter gedachten ligt, en we naderen het gebied van aanwezig zijn: een openheid voor wat i s, voor wat voorbij de vorm is, voorbij de ´wereld´. Dan hebben we onze ´mentale posities´gerelativeerd (die we anders heftig verdedigen vanuit ons ego).
In Christendom centraal begrip. Erg tijdsafhankelijk gemaakt en geïnfantiliseerd.
Er staat : Ik ben die ben. Waarschijnlijk te almachtig gemaakt (macho-
(zie hiervoor ook Nelson of zingeving) Eigenlijk is het geen abstract begrip, maar een sociale oproep tot gelijkheid (we hebben allen slechts één en dezelfde Vader of Oorsprong. Meer).
In Boeddhisme worden er geen gedachten aan 'God' gewijd; hoewel sommigen wel over de werkelijkheid als een 'du'of 'gij'' wensen te spreken. Komt in de buurt van de westerse mystici. Dood eerst het beeld van God of Boeddha in jezelf, zodat je je eigen menszijn en ervaringen serieus neemt, en je niet verdiept in intellectuele vragen waar je toch niet uitkomt. 'The little voice within'
Volgens prediking en mystieke traditie van het Christendom (Gregorius van Nazianze
(330-
Wie zegt God te kennen is volgens Basilides pervers, want hij dwaalt niet alleen maar is zo volkomen op de verkeerde weg dat hij een gevaar is voor zichzelf en voor hen die hij onderricht. ....
God is geen object dat we kunnen liefhebben, omdat er geen sprake is van een object....We kunnen zelfs niet zeggen dat God goed is. (dan projecteren we onze eigen opvattingen over goed en nietgoed op God en dat is fataal voor ons vertrouwen....
Het enige dat we kunnen zeggen (Gregorius van Nyssa) is dat God i s en dat God er i s voor ons....Wat Jahweh bepaalt, dat is recht (Ps.19,9)...Het is droevig dat de georganiseerde religie, die ons ontvankelijk zou moeten maken voor en ons voor zou moeten bereiden op dit ontzagwekkende mysterie, in plaats daarvan zo bedillerig en waanwijs is. (pag. 40 uit:Zen en Christendom, R. Kennedy. Mirananda, 1996).
In Christendom aanvankelijk wel genoemd (leerlingen van Jezus) maar in latere geschiedenis niet zo uitgewerkt. Althans niet voor 'leken' (die moesten luisteren naar het clericale gezag).
In Boeddhisme gelooft men er sterk in. Voor een chela (leerling) is een goeroe tijdelijk
nodig. Het meest waardevolle, de ervaring, kan alleen 'face to face' worden overgeleverd.
Niet via boeken. Anders is de leerling iemand die doelloos door een landschap dwaalt
zonder kennis van de topografie. Of vastloopt in eigen gedachten. De goeroe houdt
van hem, en inspireert zodat de kern niet de ascese en de wil om dingen af te leren
is, maar juist een positieve fascinatie. De leerling wordt geleerd zichzelf te leren
kennen en kan het daarna alleen (of dan wordt de goeroe weer chela). Er bestaan initiatie-
Westerse mensen moeten eerst de overdadige prikkels van buiten kwijt raken en het vermogen tot verbeelding en naar het innerlijk luisteren, weer leren.
Demon duivel en zonde zijn de termen die in het Christendom gebruikt worden. Zoals alle goden werd de duivel gepersonifieerd. Maar het woord ´zonde´is helemaal verkeerd vertaald. Letterlijk betekent het dat je het doel mist, zoals een boogschutter zijn doel mist. Het betekent onhandig blindelings leven, het doel van het bestaan missen. En nu is de betekenis bijna identiek als die in het Boeddhisme!! Het Boeddhisme kent geen 'kwaad' in die zin, maar alles wordt gerelateerd aan de vraag of iets heilzaam is op de weg naar verlichting. Op een andere pagina van mijn website ga ik uitgebreid hierop in, op kwaad, verleidingen, bekoringen enz. Meer
heeft dualiteit tot grondslag en abstracte of 'zuivere' ideeën .
Men vergeet dan dat de logica van de taal slechts een van de vele mogelijkheden is. Men doet alsof woorden en begrippen rechtstreekse expressies van de werkelijkheid zijn. (het 'ding an sich' dat net als ieder ander absolutum slechts in het denken kan bestaan)
Wetenschap vertelt wat we zien, niet wie we zijn.
De Chinese logica is niet aan woorden maar aan voorstellingen gebonden of symbolen.
De Japanse logica is sterk verbonden met de natuur en haar analogieën. De Indiase
logica stoelt op een vierledige these: Het is; het is niet; het is niet maar toch
is het; het is en toch is het niet. De wereld is hier een spanningsveld tussen polariteiten.
Op het eerste gezicht lijkt het te gaan om tegenstellingen-
De dynamiek van het universum berust grotendeels op de wisselwerking tussen de krachten van binding en vrijmaking. Binding manifesteert zich in de vorm van weerstand tegen verandering...Vrijmaking manifesteert zich als de tendens tot voortbeweging, positieverandering of verandering van omstandigheden...De resultante van binding en vrijmaking in het universum is een beweging die het vermogen tot verandering verbindt met bestendigheid: een kringloop of spiraalvormige beweging die tot haar uitgangspunt terugkeert, voorspelbaar is en onderhevig aan willekeur (transformatie, geen vernietiging).
De (westerse) rechtlijnige verplaatsingen zijn niet meer dan veronderstellingen van een abstracte manier van denken. Slechts zo kan een begrip als 'onveranderlijk'of 'eeuwig' verzonnen worden en tot ideaal verheven.
Niettemin hebben bijna alle religies hun oorsprong in dit abstracte denken: ze berusten op wensvoorstellingen en misleiden de mens met valse voorspiegelingen die vierkant in strijd zijn met de natuur en de waarneembare feiten. Het ergste van alles is echter dat ze de mens laten geloven dat alleen hij een uitzondering zou vormen op de natuurwetten en als enige onder alle levende wezens is toegerust met een 'eeuwige' ziel die dwars door alle veranderingen en transformaties heen blijft bestaan.
Het Indiase denken beschouwt daarentegen elk levend wezen en ieder ding als een unieke uitingsvorm van het grote geheel waarvan het deel uitmaakt omdat het er door talloze relaties mee verbonden is. Dit is de 'betrekkelijkheid' of 'relativiteit' waarover de Boeddha het had. Alles wat buiten deze relatie wordt gepostuleerd alsof het buiten het grote geheel zou bestaan, existeert slechts als een bedenksel en staat in geen verhouding tot de werkelijkheid. Daarom is het strijdig met het verstand om te spreken van een 'Absolute' dat een zuiver abstracte speculatie is. Het wordt slechts gehanteerd door degenen die er de voorkeur aan geven iedere definitie te vermijden, omdat ze niet in staat zijn er iets concreets over te zeggen.
(uit: Lam A. Govinda (1998). Westers Boeddhisme. Asoka). Zie daarom ook hieronder bij 'ziel'.
Vergelijking tussen westers-
Een gedicht van Gerrit Achterberg:
Reagens:
Samengesteld met dood, kan ik u enkel nog ontleden voor wat scheikundigen reeds weten: zand, zink, lood.
Het andere reageert alleen op vreemde indicatoren, die tot geen wetenschap behoren: schijn, waan, droom
In Christendom lang gezien als een van bovenaf ingestorte essentie van een menselijk wezen. De vraag is in hoeverre de traditie ons verkeerd is doorgegeven.
Nu zou men kunnen zeggen: dat wat uit het organisme zelf oprijst, en de essentie het meest eigene van iemand uitmaakt. Bijvoorbeeld in de zin: 'Arafat verkocht zijn ziel', of de 'ziel der russische cultuur. De morgenwind woei aan de ziel der Perzische rozen....´Zie mijn artikel over ziel.
Ziel is dan synoniem aan 'ware zelf' (dat wat in potentie aanwezig is, al wat is); het zelf is dat wat al verwezenlijkt is van iemand; het 'ik' is dan de sturing.
In het Boeddhisme betekent het 'ik' of 'uitsluitend ego' iets heel verderfelijks; het is slechts image, buitenkant, te grote identificatie met iets wat eigenlijk niet als losstaand object bestaat. Het bestaat wel, maar dan in de ruimte, en transparant, vloeiend, aspect van. Niet te verwarren met individualiteit van iemand: dat wat iemand aan persoonlijke expressie van het universele gestalte heeft gegeven. Ziel is ongeveer 'atman' (anatta), maar volgens sommigen ontkent het Boeddhisme ´atman´, het is anatman, geen atman. Dit dan in tegenstelling tot oudere wijsheidsleren, zoals het Brahmanisme, waar het echt om het bewustzijn van het ware zelf gaat. Meer daarover,
Beginnend in het Oude Testament heeft Israël haar geschiedenis vastgelegd. Zet zich af tegen haar omgeving van vele goden en van minachting voor de vrouw bijv. Zo moeten ook de scheppingsmythen gelezen worden: zonder historisch te zijn, wel veelzeggend over menszijn. Voortbouwend en kritiek leverend op de vastgeroeste traditie van het Oude Testament, verkondigde Jezus vanaf zijn 30e jaar een verlossende boodschap. Kern daarvan,zie onder Jezus. Het Christendom heeft zich daarna sterk bezondigd aan denken in termen van macht. Meer. Veel teksten van het Nieuwe Testament zijn niet meer die van Jezus zelf, maar vervormd door de kerkgemeenschap. Vaak omdat ze het niet aankunnen dat Jezus pleit voor de bijzonderheid van een gewoon mens, en dat zelf ook is. De zaak wordt dan opgesmukt.
Hetzelfde geldt overigens voor het Boeddhisme. Boeddha had alles gezien en ging onder een boom zitten; had het over het nu, de bijzonderheid en rijkdom van onze menselijke natuur en de acceptatie daarvan. Vaak is het later opgesmukt met 'verlichting' en eeuwig nirwana. De vraag is of deze absoluutheden op realiteit berusten.
Ten tijde van Siddhattha Gotama, de Boeddha, in de 5e eeuw v. Chr. bevond het n-
Wat is de schriftelijke overlevering van het Boeddhisme waard? Men baseert zich met
name op de vertaling naar het Chinees in 647 (en de meest gebruikte in 693) van de
Sutra van Volmaakte verlichting. Daar zijn vele commentaren op geschreven. (een recente
is: Sheng -
Het Boeddhisme kent drie hoofdrichtingen in de loop van haar geschiedenis. (drie yana's of voertuigen naar verlichting).
Er volgen allerlei stromingen daarna. Bijvoorbeeld Zen (zie onder meditatie). Verlichting is niet zo een eindeloos lange weg; men kan nu in het hier en nu het zijn direct ervaren.
Een sympathieke stroming vind ik het SHAMBALA-
Boeken van T.Rinpche: Shambala, het pad van de krijger; Meditatie in actie; de mythe van vrijheid (aanbevolen); het tibetaans dodenboek ; waanzinnige wijsheid.
Internet: www.shambhala.org en www.shamhbala.nl
Over andere richtingen en stromingen Boeddhisme www.boeddhisme.pagina.nl
Voor kern boodschap boeddhisme, zie bodhisattva-
Essenties moeten voor iedere cultuur en tijd hervertaald worden om betekenis te behouden of te krijgen. Dat is in vele stromingen achterwege gebleven en er moet veel achterstallig onderhoud verricht worden.Meer hierover
De gangbare westerse psychologie en het Boeddhisme denken hier heel verschillend, althans in woorden. Wat men in Oosten onder 'ik' verstaat is het 'alsof imago' van iemand. Daarmee wordt namaakgedrag bedoeld, dat niet van binnenuit komt, niet gebaseerd is op spontaan jezelf zijn. Het is ook een helemaal opgaan, een identificatie met wat je op dat moment doet, je handeling, automatisch zonder je bewustzijn. Wat men in het Westen onder 'ik' verstaat (Freud) is een interface tussen binnen en buitenwereld, de schors. Deze huid is doorlaatbaar, je laat informatie binnen en je sluit je af; het is de manier om met de werkelijkheid om te gaan. Hiermee reduceert het Westen de psyche tot een soort mechanisme en verliest het de meer universele betekenis van Mind en ziel (die het bij de Grieken nog wel bezat).
De werken van Almaas ) maken een verbinding tussen Oost en West en laten zien hoe identiteitsformatie van een kind meestal zo gaat dat hij zich gaat identificeren (nabootsen) met iets (objectformatie) en daardoor het gevoel van 'zijn' en 'zelf' kwijt raakt. De constructie van een 'persoonlijkheid' kan dan gezien worden als een scherm, een afweer uit angst, je vastgrijpen aan een soort houvast dat je niet zelf bent.
In 'The pearl beyond price' bekritiseert Almaas (1993) begrippen die we dagelijks
gebruiken in de therapeutische praktijk. Voor hem is het ego een spiegeling van wat
werkelijk is; ego verwijst naar de werkelijkheid van de Persoonlijke Essentie, zoals
de glans van vals goud verwijst naar het bestaan van echt goud. .. Hij reflecteert
op het persoonlijk bewustzijn en bekritiseert de amerikaanse richting van de objectrelatie
theorie, die de vorming der identiteit teveel als een uiterlijk identificatie-
Westerse ego-
Zie vooral ook opbouw en vorming van ego (volgens de 5 skandha's onder leegte.
Westerse psychologie houdt sterk vast aan een 'ik', maar maakt slecht onderscheid
tussen 'ego' (handelend interface in de wereld), 'zelf' (wat tot nu toe gerealiseerd
is) en 'ware zelf' ofwel 'ziel' (niet iets wat van boven is ingestort, maar wat oprijst
uit de stof, de potentie van wie je in wezen bent, en wat je nog kan realiseren dus).(meer
zie mijn artikelen: Het lichaam, ook in individuele gesprekstherapie. en De Ziel
van de Pesso-
Allport laat mooi zien hoeveel niveaus van identiteit wij feitelijk bezitten:
Six planes of identiy.
(bandje Allport).
1. Physical body. "Hier ben ik, blond, 55 j.,dun" Als je ouder wordt kun je in paniek raken omdat deze zekerheden je ontvallen
.2. Psychological domain. domein van de therapie, gelukkig, verdrietig zijn. Domein van de sociale regels. Mensen op straat laten je zien, wie zij denken dat zij zijn (I am cool, man; ik ben moeder; ik ben hulpeloos
3. Place of formation (destiny, mijzelf.) . De levels 4 en 5 en 6 worden niet duidelijk. Het zijn sluiers die van de identiteit afkunnen tot je bij het ware zelf komt
Je kunt dissocieren van al je identiteiten (vader, psycholoog, lichaam, blond, leeftijd
enz.). "Ik was altijd getraind een body, een personality te zijn". Mensen leren vaak
niet met hun non-
Als je wilt ontsnappen uit de gevangenis, is het eerste wat je moet doen, je realiseren
dat je in de gevangenis bent en terughalen wat je vergeten was: je de essentie her
-
Als ze jouw identiteit waar je je aan vast houdt, aanvallen, wordt je onzeker. Maar als je niet ergens staat met vaste grond, hoe kan je dan weten wie je bent. .Het is gewoon just the way things are.Er is een plaats waar alle incarnaties zijn.Je bent in de illusie van de verschillende lagen van je identiteit. En je gaat dood totdat je contact maakt met dat deel van jezelf wat niet "in t ime" is.Als je die plaats vindt in jezelf waar geen space en time meer is,dan sterf je niet langer.Dat is waar Christus en anderen van spraken.
Je bent in time,(maar niet exclusief geïdentificeerd daarmee) en not in time.That is the secret of the game.Er is een deel van je dat is not in time, that was not born en dat sterft niet. en nooit.
The Purpose of life is exploration, adventure, a step to home.Your physical bodies can be seen as symbols of restriction, pain, surprising and alarming needs.Or as chosen vehicles (spaceshuttles) that souls are inhabiting. Ze zijn noodzakelijk voor wie je bent, om de moeilijke weg naar je ziel door te werken. "God" speelt een creative game.Hij creates darkness (the face of the depth).Playing with darkness in a creative form.We áre the creation.En op weg naar licht, beaty, wisdom.God returns to God.The One returning to itself.En het gaat door het vehicle van onze incarnatie en darkness heen. De aarde is ons klaslokaal. (Aldus Allport op zijn bandje. Er zijn echter ook Boeddhistische stromingen die helemaal niets moeten hebben van iets 'eeuwigs' en transcendents)
De leegte heeft geen houvast nodig. Je wezen is een niet-
In een gedicht van Gerrit Achterberg:
De gouden morgen waast tot werkelijkheid. Hier voor mijn voeten sta ik afgebeeld, zo dun van leven, dat het weinig scheelt of ik kan nog verwisselen en tijd
uitschakelen, voordat ik weer verslijt aan deze schaduw, die mij mededeelt aan heel de wereld, tot ik ben verspeeld naar alle kanten en mijzelve kwijt.
Ogenblik van de dag, waarop het licht nog ingetogen en voorzichtig is, zodat het lot aarzelt om in te gaan bij het bekende beenderengewricht;
om weer vanouds het hart te laten slaan en weer het hoofd doen gissen wat het is.
In den beginne was het woord, zegt de bijbel. Hij sprak: 'er zij licht´ enzovoort. Het woord is tot ons gekomen, de expressie van de Godheid. Het universum is geluid, trilling.
In de natuurkunde gaat het over de snaartheorie. Negen basale begrippen als zwaartekracht, snelheid van het licht, enz. Zolang deze negen nog niet in één gemeenschappelijke theorie zijn ondergebracht, ontbreekt er nog iets, zegt de natuurkunde, aan ons begrijpen van de werkelijkheid, er moeten ahw meer dimensies zijn.
Mantra's zingen is niet alleen een concentratietechniek, maar ook om in contact te komen met de trilling van het universum. De bekendste is AUM
Uitleg van AUM. (uit een cursus van Paula de Neve ) Een zeer diepzinnige uitleg: De letters hebben hun letterlijke klank maar worden bovendien gekoppeld aan een van de vier bekende bewustzijnstoestanden
(. 1.Waaktoestand A. 2. Droomtoestand U. 3. Diepe slaap M. 4.Vierde toestand AUM, meer)
A is de eerste letter, omdat hij allesdoordringend is, zoals ook Vishva (de kenner in waaktoestand) het hele universum doordringt in het gedachte.Vishva is ook degene is die deze eerste toestand ervaart waardoorheen Atman passeert, juist zoals A als eerste letter van het alfabet, het hele alfabet doordringt
U. Taiyasa (= de Dromer )wordt superieur geacht en boven Vishva, de Waker omdat hij niet geïnvesteerd is in de zintuigen die Vishva overheersen met al de krachtige illusies die zij scheppen. En ook superieur omdat hij als dromer dichter staat bij het vredige Kaivalya dat overheerst in Sushupti (= de diepe slaaptoestand). Degene die deze waarheid kent is spiritueel superieur in betrekking tot degene die totaal onwetend is van dit, want dat bewijst dat hij een zoeker is en zich beweegt in de richting van de realisatie in Turîya(= volledig bewustzijn)..
De gelijkenis van Taiyasa (=dromer) met de letter U bestaat erin dat hij staat tussen Vishva en Prâjna(=waker in de 'wereld'), zwemmend tussen de kusten van Jâgrat en Sushupti (=wereld en diepe slaap), zoals de U tussen A en M staat...
M "Prâjna die diepe slaap heeft als veld, is M, de derde letter van AUM omdat hij
de ‘maat’ is in dewelke allen één worden. Het Zelf dat diepe slaap ervaart staat
in zichzelf, vrij van projecties (superimposities) die op hem toekomen als hij functioneert
als Vishva en Taiyasa (= waker en dromer). Het Zelf is dan het zuivere Zijn, hetzelfde
als in alle voelende wezens waar het onderscheid tussen mens en niet-
AUM
Turîya (= vierde ultieme bewustzijnstoestand) is niet verdeeld in delen zoals de
klanken, hij is onbegrijpelijk, hij is het ophouden van alle verschijnselen, het
vredige en niet-
Deze shruti vergelijkt Atman niet met de letters van A-
Als Turîya, treedt de mens als ware yogi in de volheid van zijn zelfrealisatie als
dat zuivere, niet-
Eckankar, vanuit een andere optiek, probeert ons het geluid van het universum te laten horen, met de techniek van het derde oog. Voor ieder werkelijkheidsniveau zou er een ander geluid hoorbaar zijn.Op het psychische niveau van resp. fysiek, astraal, causaal, mentaal en intuitie als top zijn de bijbehorende geluiden respectievelijk: donder, roar of the sea, tinkle of bells, running water, buzzing of bees....op het hoogste niveau: het onuitgesproken woord, waar geen woorden meer zijn, music of God, ocean of love and mercy. Meer hierover
We gebruiken het woord tijd heel vaak. ‘We hebben ‘tijd’, ‘een tijdje geleden’, ‘een tijdelijke baan’, ‘kom op tijd’, enzovoorts. Dat we het woord zo vaak gebruiken, betekent nog niet dat we de essentie van dit woord begrijpen. Wat is tijd eigenlijk?
collectieve schuld
Het Pijnlichaam en erfzonde vergeleken.
Het pijnlichaam is een term die ik bij Eckhart Tolle vind. Hij bedoelt dat we steeds beïnvloedt worden en afgeleid van onszelf, door een soort woedende hond in onszelf, die we steeds voedsel geven door er aandacht aan te blijven besteden. Zo is ons vele denken (negatief en piekeren) iets wat onze energie naar beneden haalt en ons verdrijft uit onszelf, ons ware zelfk, onze kern, de bron van waaruit wij leven.
Dit is niet zozeer een persoonlijke aangelegenheid, maar een collectieve schuld, omdat we in de Westerse maatschappij bijna niet anders meer weten en we v oortdurend in ons hoofd zitten. D.w.z. We gebruiken ons verstand op de verkeerde manier, zodat we ons bewustzijn enorm versmallen. Dit is volgens mij precies wat het begrip ´erfzonde´inhoudt. We hebben al generatie op generatie onszelf uit de natuurlijke (is paradijselijke) toestand weggehaald en we worden geboren in zo een maatschappij, die het ons moeilijk maakt contact met onszelf en ons lichaam en daaruit voortvloeiende emoties en ervaringen te houden.
.
Terug
Het zuivere land en het Rijk der Hemelen. Ofwel ´het rijk Gods´. Allemaal hetzelfde.
Over het zuiver e land spreekt een bepaalde stroming van het Boeddhisme., ontstaan
in de dertiende eeuw door Shinran (1172-
Bedoeld als een bevrijdingsbeweging voor iedereen, ongeacht leeftijd, afkomst of
geslacht, dus niet alleen voor (mannelijke) monniken . Dus -
Het is geen leer alleen voor geleerden te begrijpen, het is een mentale instelling, het is geen abstracte leer, maar een eenvoudige realiteit. (Hoewel we bij het woord ´realiteit of werkelijkheid´ al bezig zijn op het slappe koord van geleerde abstracties, en niet op de intieme sfeer van liefde, die het is). De wereld doordrongen van vreugde en dankbaarheid. Dat wil niet zeggen dat alles wat slecht is zou verdwijnen. Het is er. Het is tegenwoordig en toch bestaat het niet. Het is als het ware het niets.. Alle religieuze leringen komen samen op dit ene punt.
Het is wat in Christendom ´genade´ is gaan heten. Niet door onze eigen inspanningen tot stand gebracht, maar ´uit God´, d.w.z. Het wezen van onze menselijke natuur.. Op de objectieve wereld hebben wij geen greep. Wij kunnen ons openstellen en het laten gebeuren. Een gunst aan ons verleend, zegt het Boeddhisme. In nederigheid, als erkenning van de Andere Macht. En niet van de eigen macht.
Iedereen blijft ´slechte gedachten´houden., maar in weerwil daarvan kan er ook een
bevrijding daarvan zijn in zodat we in Zijn Tegenwoordigheid vertoeven. Niet door
eigen inspanning kunnen we verkeren in die Tegenwoordigheid, maar het die Andere
Macht dringt onverwachts tot ons bewustzijn door, zonder dat we het merken. Het neemt
ons bewustzijn volledig in bezit.. We kunnen hem niet tot expressie brengen, alleen
persoonlijk verwerken. We waren blind zonder het te weten. Ook Jezus in het Johannes-
Het is ook een belofte. In het nieuwe testament gaat het over de vervulling van de belofte en over het Beloofde Land. In het boeddhisme. De mythe over Amida en haar oorsprongsgelofte dateert van vóór het ontstaan van de menselijke geschiedenis en diende als inspiratiebron voor Boeddha. Kwam pas in de dertiende eeuw voor het voetlicht (door het rijpingsproces van de karmische geschiedenis: de tijd is klaar voor de manifestatie ervan).
De oorsprongslgelofte is als de wil van de Bron., waaruit de hele werkelijkheid is voortgekomen. Het zijn 48 geloften bij elkaar die er op neerkomen dat Amida alle wezens wil bevrijden zonder uitzondering. Het is als Jezus die het verloren schaap achterna gaat en de verloren zoon verwelkomt. Het is als : Ik heb U geschreven in de palm van mijn hand.
Verdere overeenkomsten met Christendom:
-
-
-
-
-
(Grotendeels geïnspireerd op D. Suzuki, De Boeddha van het oneindige Licht. Uitgeverij
Ankh-
Terug
2. Dat het Christendom met zijn ´God is vlees geworden´ en zijn verrijzenisbegrip hier verrassend dicht bij komt.
Vergelijking Boeddhistisch leiderschap en monnikideaal met dat uit de Christelijke traditie.
Wanneer we het christelijk kloosterleven vergelijken met dat van Boeddhistische monniken dan zijn er veel overeenkomsten.
(Samenvatting van artikel van dr. Henk Witte, hoogleraar theologie Universiteit Tilburg.
Titel 'Benedictus van Nursia' in Frank Bosman en Huib Klamer (red.), De ene Regel
is de andere niet. Vijf spirituele grootmeesters over werk en leiderschap (Kampen:
Ten Have,
2009, 48-
De vraag op wat er met de huidige Westerse cultuur en samenleving aan de
hand is, dat men zich heroriënteert in Oosterse en Westerse monnikentradities. Wat zegt deze
trend over het huidige mensbeeld? Is in die tradities wellicht iets bewaard dat wij dreigen te
vergeten of al vergeten zijn? Luister:
De leider, de abt, is geen alleenheerser, maar moet luisteren naar de anderen, zoals ook de Boeddhistische traditie: de sangha (gemeenschap) is op 3 peilers gebouwd: de leider wordt gecontroleerd door de gemeenschap volgens de heilige wetten en geschriften. Benedictus wilde niet meedoen aan het politieke gemarchandeer van zijn tijd. Hij
zocht een alternatief in een leven als monnik. Na het nodige zoeken en proberen stichtte hij in
529 een kloostergemeenschap op de Monte Cassino. Voor die gemeenschap schreef hij een
leefregel:
1. De leider blinkt uit in luisteren. Naar de stem in zichzelf vooral. In gehoorzaamheid zit het woord horen. Hij luistert bij uitstek naar de werkelijkheid.
2. Het eerste wat de beginneling te horen krijgt is: luister, mijn zoon naar je leraar
en spits het oor van je hart. Dat plaatst hem direct al in de positie van zoon en
iemand die zijn oren spitst, tegenwoordig is en in volle aanwezigheid luistert en
zich toe-
3. Ritme is er in de dag, maar ook stabiliteit, niet weglopen maar blijven bij wat op je pad komt. (Zoals de Boeddhist niet iets anders zoekt, dan er gebeurt). Concreet hier en nu en dat niet uit louter plichtsbesef.
4. De monnik heeft god nog niet gevonden, maar blijft zoeken. (Zoals een Boeddhist ook nooit de waarheid in pacht zal hebben). Hij is geen zendeling, die anderen wil overtuigen, maar blijft een zoekende luisteraar naar een orde die voorbij is
aan de orde van de zichtbare, tastbare, voelbare en denkbare werkelijkheid. Voor nuchtere, moderne en geseculariseerde Westerse mensen is ‘God’ veelal ‘iets’ tussen ‘zal wel’, ‘moeten ze zelf weten’ en ‘zou het dan toch?’ in.
Dat laatste wordt stilletjes gedacht in meer penibele situaties. In dit tamelijk
vage Godsbesef wordt aangegeven dat de moderne mens een bepaald soort naïviteit in het spreken over God voorbij zijn. Terecht. Want het drieletterwoordje ‘God’ verwijst niet, zoals andere woorden van onze taal, naar een werkelijkheid die we kunnen zien, vastpakken, denken of voelen. Het verwijst naar een andere orde.
Daarom lijkt ‘God’ zoveel op ‘niets’. God is allereerst mysterie. De monnikentraditie weet dat. Zij kent een voorliefde voor termen als ‘leegte’, ‘stilte’ en ‘rust’ om iets aan te geven van de aard van dat geheim. God zoeken is voor een monnik dan ook leren omgaan met leegte of leren ervaren wat stilte is. In het architectonisch grondplan van een abdij zijn alle ruimten gegroepeerd aan een vierkante gang met een lege binnenplaats. Het komt overeen met de voorliefde van de Boeddhist voor leegte.
5. De monnik streeft met zijn bewustzijn naar egoloosheid, zoals de Boeddhist. Het monastieke zoeken naar God veronderstelt een bepaald zicht op de mens.
6. Karakteristiek voor dat mensbeeld is de benadering van de mens als iemand met twee
bewustzijnslagen. Meestal zitten we innerlijk vol gedachten, emoties, plannen,
verplichtingen, daden waarover we spijt hebben en commentaren bij alles en iedereen,
vaak al voor we het beseffen. Dat is de bewustzijnslaag van het ego. Ego is de ik
die we denken te zijn en waaraan we menen te moeten beantwoorden. Het is een laag
van onvrijheid en krampachtigheid. Soms is het gordijn van deze ik-
voorzichtig opengaan voor dat geheim en het bij een mens binnen mag en kan stromen. Hij of zij groeit eraan naar een innerlijke vrije en transparante mens. Wie ooit zo iemand ontmoet heeft, weet hoe goed het doet bij hem of haar in de buurt te zijn.
7. Voor Benedictus is en blijft een abt voor alles een gewone monnik, een Godzoeker.
Hij is ook maar een kwetsbaar mens. ‘Hij is zich altijd bewust van zijn eigen kwetsbaarheid
en de beperkte draagkracht van anderen .Daarom is nederigheid voor een abt zo belangrijk,
ook in het leiderschap. Nederigheid (humilitas) is geen valse bescheidenheid of gelegitimeerde
teruggetrokkenheid. Het is de bereidheid telkens weer helemaal vanaf de grond (humus)
met zoeken te beginnen. Een abt moet immers uit de goddelijke wet nieuw en oud naar
voren kunnen brengen (RB 64). Dat veronderstelt onderscheidings-
.
Subwebsite louis sommeling.
Artikelen mogen gratis gedownload worden, maar dan wel graag een link naar jouw website als je die hebt naar de mijne:
http://home.tiscali.nl/sommeling
Terug
Er wordt nauwelijks tot niet over ´liefde´gepraat in het Boeddhisme.
Waarom niet?
Ware liefde in een relatie is altijd een stukje ware liefde en een stukje schijnliefde. Schijnliefde is emotie die bestaat uit emotiegedachten van verwachtigen, hoop en konditionering .en een warm gevoel in je buik.
En als zodanig moeten we leren om die gedachten als ´leeg´te zien, omdat we er anders afhankelijk van worden, en denken dat we ons goed voelen door onze relatie.
Met name in romantische en beginnende relaties lopen de emotie-
In een hechte relatie zullen we soms pijn voelen, omdat de ander niet al onze behoeften vervullen kan.
Het Boeddhisme spreekt wel over mededogen., compassie. Dat is iets anders dan medelijden. Dit laatste heeft de bijbetekenis van neerkijken op, van scheiding alsof de helper meer is dan de geholpenen. Het Boeddhisme spreekt over compassie, dat is evenwaardiger, het is de herkenning van jezelf, we zitten allen in het zelfde schuitje en maken dezelfde soorten pijn mee in ons bestaan.
Compassie is geen eigen verdienste, geen deugd, maar het behoort tot de menselijke natuur. Komen we dicht bij onszelf, dan is er geen afstand tot de ander meer, en komt verbinding, verbintenis als vanzelf, het vloeit voort uit gerealiseerde Boeddhanatuur.
Liefde in Christendom.
Er wordt onderscheid gemaakt tussen ´agapè’ , een liefde tot god en in de christelijke gemeenschap, en ´eros´, liefde van mensen.
Jezus vraagt van zijn volgelingen niet zozeer ´trouw in de leer´, als wel liefde. ´Ik noem u geen leerlingen meer, maar vrienden´.
In de traditie komen er veel mensen voor, zoals sint Maarten, die zijn kleed doorscheurt en de helft aan een bedelaar geeft.
In de christelijke prediking is het te veel ´een deugd´, bijna een opgelegde plicht, ipv zoals bij het Boeddhisme, iets wat volgt uit de eigen houding en natuur.
In de christelijke prediking is het onderscheid tussen arm en rijk een feit, en wordt het soms ´medelijden´ als je iets voor een ander doet. Jezus neemt
Daar zelf wel stelling tegen: wie zonder zonde is, werpe de eerste steen,. Hij prijst het liefdevolle gebaar van Magdalena, die als zondares gezien werd door anderen.
Er is een pracht parabel over de verloren zoon, die na jaren en ondeugdzaam leven in een ver land, terugkeert en door de Vader met open armen wordt verwelkomt.
Het lijkt erop dat het verschil tussen Boeddhisme en Christendom een ander perspectief is. Boeddhisme gaat meer uit van de via spiritualiteit gerealiseerde menselijke natuur die van nature goed is.
Het Christendom benadrukte vooral de liefde van de Schepper.
Terug