home < studentenhoofdpagina
(fragment uit het boek Leren leven en studeren. Info)
Sommige studeerproblemen hebben een psychologische achtergrond. Zij zijn niet uitsluitend het gevolg van een gebrek aan studievaardigheden, maar zij worden vaak in stand gehouden en zijn het gevolg van meer psychologische problematiek. Voorbeelden daarvan zijn concentratiestoornissen, faalangst, studiekeuzeproblemen, uitstelgedrag en het niet kunnen afstuderen. Deze problemen kunnen doorgaans niet worden opgelost met een vaardigheidstraining of een cursus hoe je moet leren studeren (Zie daarvoor blauwe adressen op vorige pagina). Zij worden veroorzaakt door een meer persoonlijke psychologische achtergrond, die ook als zodanig behandeld moet worden. Een hulpverlener behoort deze achtergronden te kennen en er zijn behandelingshypothesen op te baseren. Ze worden in de eerste paragraaf nader toegelicht. Vervolgens laten de volgende paragrafen aan studenten zien hoe studeerproblemen met een psychologische achtergrond tot een oplossing gebracht kunnen worden.
Concentratieproblemen wijzen er doorgaans op dat emotionele conflicten in de geest om een oplossing vragen. Het is als het ware ‘de wijsheid van de geest’, die aandacht vraagt voor de oplossing van problematiek die voorrang heeft. Alle energie gaat daaraan op. Worden de emotionele conflicten opgelost, dan verdwijnen de concentratieproblemen als vanzelf. Natuurlijk kan het aanleren van een betere studeermethode soms de concentratie verbeteren, maar vaak is die methode er al wel. Studenten die zich niet kunnen concentreren beleven zichzelf vaak als ‘lui’ of ‘ongedisciplineerd’. Dit zelfbeeld vormt vaak een schril contrast met wat de hulpverlener kan waarnemen: de cliënt lijdt onder het probleem, wil het graag oplossen. De eerste stap in een behandeling is voor mij dan ook om het probleem te herlabelen en er een andere betekenis aan te verlenen. In het volgende deel III beschrijf ik duidelijk hoe dat gaat.
Keuzeproblemen worden behandeld in hoofdstuk 7.(meer) Beroepskeuzetests kunnen iemand soms informeren en op mogelijkheden wijzen. Maar is het niet verontrustend dat iemand zijn eigen toekomst uit handen geeft aan iemand die deze test interpreteert? In veel gevallen is het moeilijk kunnen besluiten tot een studierichting een verbijzondering van een algemeen probleem van besluiteloosheid op vele levensgebieden. Iemand vertrouwt zijn eigen gedachten, fantasieën of gevoelens niet. Er is hier dan sprake van persoonlijke problemen die als zodanig psychotherapeutisch behandeld moet worden.
Uitstelgedrag neemt soms ernstige en wanhopige vormen aan. In mijn ervaring is het
vaak gebaseerd op een zwaar negatief zelfbeeld. Doordat men al vroeg aan allerlei
verwachtingen heeft moeten voldoen, is er niet alleen een allergie voor ‘moeten’
opgetreden, maar tegelijkertijd een dieper zelfverachting omdat men niet aan de discipline
kan voldoen. Drukkende, wrede, bezorgde en angstige of domme ouderlijke normen zijn
zo diep doorgedrongen in het zelfbeeld, dat dit bijna volledig bepaald wordt door
schuldgevoelens. Om deze laatste gruwelijke en altijd aanwezige schuldgevoelens te
ontlopen, verzeilen studenten nog al eens in een depressie en camoufleren deze soms
met veel drinken en blowen. Hoewel een stickie op zichzelf onschuldig is, raken veel
studenten met uitstelgedrag in een wanhopige scène, een zuigend moeras, dat dag-
In een intake zou goed moeten worden uitgezocht of een student met een studeerprobleem baat heeft bij een meer technische vaardigheidstraining of bij een meer psychotherapeutische behandeling voor onderliggende persoonlijke problemen of bij een combinatie van beiden. In hoofdstuk 14 worden keuzeoverwegingen daartoe gegeven. Een bureau studentenpsychologen zou beide diensten behoren aan te bieden. Training, management en studievaardigheden zijn ìn. Het belang ervan wordt gauw ingezien door bestuurders; het lijkt direct effectief en passend binnen het onderwijs. Congressen over studievaardigheden verheugen zich in een grote belangstelling. Soms worden iemand inderdaad mogelijkheden onthouden wanneer alleen psychotherapie aangeboden zou worden zonder naar feitelijke studeerproblemen te kijken. Maar het omgekeerde kan ook het geval zijn en antitherapeutisch werken. Iemand kan zo bang zijn om in het openbaar een presentatie te houden, dat hij niet gebaat is bij een vaardigheidscursus. En uitstelgedrag moet niet altijd met een cursus worden aangepakt waar met straffe hand discipline wordt aangeleerd. Wellicht werkt dit vaak. Maar soms versterkt die methode alleen maar een neurotisch patroon en is de harde methode de zoveelste straffe maar ineffectieve hand in iemands leven.
Als studeren zelfkwelling wordt
door Laura Chorus
(uit boek Leren leven en studeren. Info
Bijna elke student komt in zijn/haar studietijd momenten tegen dat het niet wil lukken: het studeren gaat niet van harte, enkele onvoldoendes op rij worden geïncasseerd en/of de motivatie voor het studeren op zichzelf of voor de specifieke studiekeuze lijkt geheel te ontbreken. Meestal zijn dit soort inzinkingen van tijdelijke aard en gaan ze vanzelf voorbij. Soms is het nuttig een vaardigheidstraining te volgen, bijvoorbeeld wanneer je merkt dat je niet effectief studeert, slecht kunt plannen of weinig zelfdiscipline hebt.
Maar als je het gevoel hebt dat het niet om een voorbijgaand probleem gaat en een vaardigheidstraining jou geen oplossing biedt dan kan dat te maken hebben met het feit dat het studeren zelf teveel spanning oproept. Deze spanning rondom het studeren kan je op den duur zelfs zodanig in beslag nemen dat je er in gedachten dag en nacht mee bezig bent en andere belangrijke levensdomeinen gaat verwaarlozen. Dan verwordt studeren tot zelfkwelling. Voor jou is deze tekst vooral geschreven, in de hoop dat het lezen ervan je een stukje op weg kan helpen van de zelfkwelling af, misschien wel richting zelfwaardering.
De volgende paragrafen gaan over een specifieke categorie van studeerproblemen, namelijk faalangst en aanverwante studeerproblemen als uitstelgedrag, perfectionisme en obsessief studeren, en sommige vormen van concentratieproblemen.
Het gaat niet over het soort studeer-
In de volgende paragrafen beschrijf ik achtereenvolgens enkele vormen waarin studeerproblemen kunnen voorkomen . Daarna sta ik stil bij de bron, de herkomst van je problemen. Vervolgens beschrijf ik wat je eraan kunt doen ........
(uit Leren leven en studeren. Info.)
Subwebsite louis sommeling.
Artikelen mogen gratis gedownload worden, maar dan wel graag een link naar jouw website als je die hebt naar de mijne:
http://home.tiscali.nl/sommeling