Ik ben Anja, getrouwd met Ludwig sinds 13 juli 1996. We kennen elkaar ongeveer 8 jaar. Ik werk fulltime en Ludwig part-time.
Op 2 september 1997 ben ik bevallen van ons lieve dochtertje Celia, na een prima zwangerschap. In juli 1999 ben ik gestopt met de pil en twee maanden later bleek ik zwanger te zijn. Al heel snel voelde ik me heel erg zwanger, heel anders dan de eerste keer. Toen ik de eerste keer bij mijn gynaecologe kwam, was ik dan ook niet echt verbaasd dat er twee kindjes zouden komen. Ze waren alle twee onmiddellijk heel erg welkom. Ook Ludwig was ontzettend blij en trots dat hij vader zou worden van een tweeling. Het is echter allemaal heel anders gelopen en vandaag nog, weten we niet hoe we alles wat er met ons gebeurd is een plaats kunnen geven in ons leven.
Op 16 maart 2000 zijn, totaal onverwacht, onze twee dochtertjes Maira en Raïsa geboren na een zwangerschap van 29 weken. Een echt goede zwangerschap is het vanaf het begin niet geweest. Mijn gynaecologe heb ik vanaf het begin proberen uit te leggen hoe ellendig ik me voelde maar de enige conclusie die zij hieruit trok was dat het om een soort bandenpijn ging en dat ik best zoveel mogelijk rust nam.
Vanaf 10 januari 2000 ben ik dan ook part-time gaan werken en werkelijk meer dan dat kon ik ook niet. Maar plots vanaf 6 maanden ongeveer, voelde ik me veel beter en werd ik een beetje terug mezelf. Tijdens mijn bezoek aan de gynaecologe vrijdags voor 16 maart, kon dan ook 'eindelijk zonder klachten' genoteerd worden, wel werd op dat moment vastgesteld dat ik al 1 cm ontsluiting had, wat op zich niet onrustwekkend was maar samen met de gynaecologe besliste ik toch om geen risico's te nemen en nu full-time thuis te blijven.
In de nacht van woensdag 15 op donderdag 16 maart, werd ik plots rond 3.00 hrs 's nachts wakker en ik vroeg me af waarom. Ik had een onbehaaglijk gevoel maar geen noemenswaardige pijn. Ik besloot om de volgende ochtend voor alle veiligheid de gynaecoloog te bellen maar ze was in de OK ; ik werd verzocht later terug te bellen. Anderhalf uur later terug thuis kwam, belde ik opnieuw naar het ziekenhuis in Duffel ; de gynaecologe was nog steeds aan het opereren maar toen ik de situatie uitlegde aan de dienstdoende vroedvrouw, vroeg ze me even langs te komen om aan de monitor te gaan liggen om te controleren of er sprake was van vroegtijdige contracties. Toen ik aan de monitor lag, werd er vastgesteld dat dat inderdaad het geval was. Ik diende te wachten tot de gynaecologe uit de OK kwam. Dat liet lang op zich wachten, rond 16.00 kwam de assistant-gynaecologe me onderzoeken. Na enige verwarring zei ze dat ik al vijf centimeter ontsluiting had ; het vlies was nog niet gebroken maar de vruchtzak puilde uit zodat ze een voetje kon voelen. Alles werd in gereedheid gebracht om me per ambulance over te brengen naar het academisch ziekenhuis in Wilrijk. Ludwig ging ondertussen Celia naar zijn broer brengen en wat spullen voor me ophalen thuis. Op dat moment realiseerde ik me nog niet waar ik voorstond en kon ik alleen maar denken hoe erg het voor Celia zou zijn om haar mama zo lang te moeten missen ; ik was immers nog maar 29 weken... Ik kreeg inmiddels Prepar per infuus en had cortisone voor longrijping van de kindjes gekregen. Ik begon mij te realiseren dat de kindjes geboren zouden worden en werd verschrikkelijk bang en zenuwachtig.
Aangekomen in het AZ werd ik door de assistent-gynaecologe van wacht getoucheerd en werd 6 cm ontsluiting vastgesteld. Inmiddels had ik ook erge rugpijnen en blijkbaar verdere weeën, die ik eigenlijk niet echt voelde. Even later kwam er iemand met een echografietoestel en werd er een echo gemaakt; het bleek dat alle twee de kindjes in stuit lagen. De assistent-gynaecologe besloot dat het geen zin had om verder te wachten en dat onmiddellijk een keizersnede zou gedaan worden.
De kinderarts kwam langs met het fotoboek om me te laten zien hoe onze kindjes er uit zouden zien en begon eerst te vertellen welke risico' s er allemaal verbonden waren aan vroeggeboorte op deze leeftijd maar voordat hij verder kon aan, kwam de assistent-gynaecologe terug binnen en zei dat er nergens meer tijd voor was omdat ze in de OK allemaal op mij stonden te wachten.
Ik voelde me inmiddels afschuwelijk bang en alleen ; bij het buitenrijden kwam gelukkig Ludwig eraan, ik ben nog nooit zo blij geweest hem te zien tussen al die vreemde gezichten. Ik werd in allerijl naar de OK gebracht ; Ludwig werd intussen in een wachtkamertje geplaatst totdat ik mijn plaatselijke verdoving gekregen had.
Was het allemaal zo dringend, heb ik me al duizendmaal afgevraagd, of wou iedereen graag op tijd thuis zijn. Er werd geprobeerd me plaatselijk te verdoven via een ruggenprik. Ook na een derde prik raakte ik niet verdoofd en ik was inmiddels zo verdwaasd van pijn en angst dat ik blij was dat er een volledige verdoving ging gebeuren. De anesthesist die me de volledige narcose toediende was wel heel lief tegen me, gelukkig. Na een paar tellen was ik weg en toen ik terug bijkwam, wou ik heel even blijven waar ik was maar onmiddellijk herinnerde ik me wat er gebeurd was en ik wou maar één ding weten nl. 'leven mijn kindjes?'
Pas rond 21hrs15 kwam iemand van de materniteit me halen en deelde me mee dat de kindjes leefden maar heel erg klein waren. Hun toestand was voorlopig stabiel.
Ludwig liet me foto's zien van de babietjes maar waarschuwde me dat de foto's een vertekend beeld gaven ; in werkelijkheid waren de kindjes veel kleiner en fragieler. Dat dit niet overdreven was, kon ik zelf om 23hrs 15 (ik heb 3 uur na mij ontwaken moeten wachten vooraleer ik de kindjes kon zien, wat de drie langste uren uit mijn leven geweest zijn) vaststellen. Wat waren ze nog ontzettend klein en fragiel, het enig wat ik kon denken op dat moment was « kindjes toch, jullie horen alleen in mijn buik thuis en nergens anders ». Mijn hart deed pijn toen ik zag dat de kindjes na al die tijd samen in mijn buik niet langs mekaar lagen maar ieder aan een uithoek van de zaal. Onmiddellijk wisten we wie Maira en wie Raïsa zou worden. Maira voor het kleinste meisje, ze woog 900 gram en was 35 cm, Raïsa woog 1.200 gram en was 36 cm.
De dienstdoende kinderarts bracht ons op de hoogte van de grootste risico's : de onrijpheid van de longen gezien de kindjes totaal onvoorbereid geboren werden en de kans op een hersenbloeding. De eerste 48 uren zouden cruciaal zijn maar ook daarna zou het nog weken of maanden kunnen duren vooraleer de overlevingskansen zouden ingeschat kunnen worden. Wat moet je als ouders doen met al deze informatie, je kan alleen maar hopen dat je kindjes het halen en vertrouwen hebben in de artsen en verpleegkundigen van de afdeling neonatologie.
Die nacht hebben we (Ludwig is elke nacht dat ik in het ziekenhuis was bij me op de kamer blijven slapen) redelijk rustig doorgebracht, ik, nog enigszins versuft van de operatie en nog vol hoop en goede moed. Nog enkele telefoontjes gedaan, eindelijk mama kunnen bereiken, die heel erg bang geweest was (ook voor mij), niet weten of je blij moest zijn of niet, een heel tweestrijdig gevoel hadden we.
's Nachts een paar keer wakker geweest en onmiddellijk gebeld om te informeren naar de toestand van Maira en Raïsa, die redelijk stabiel was.
De volgende dag ging het eigenlijk redelijk goed met onze meisjes en onze hoop groeide al was het hoe dan ook een erg verwarrende hoop. Zodra Ludwig wakker was, gingen we met bed en al naar onze kindjes kijken. Wat was het moeilijk dat ze zo ver van mekaar lagen (dit kwam omdat alle overige couveuses op dat moment in gebruik waren en de kindjes eerst stabiel moesten zijn vooraleer ze verplaatst konden worden); waren we bij Raïsa, dan hadden we het gevoel dat we Maira in de steek lieten en andersom.
Hoe klein onze meisjes ook waren, toch reageerden ze op onze stem, gewoon door even met het handje of beentje te bewegen. Dat vond ik ongelooflijk ontroerend.
De verpleegkundigen vertelden ons dat Raïsa een moeilijke start had gekend maar dat ze zich nu leek te stabiliseren. Maira deed het voorlopig prima.
Maar telkens we onze meisjes terug zagen, hadden ze wel een buisje of naaldje bij, terwijl ze de eerste dag enkel beademd werden. In de namiddag zeer emotioneel bezoek van Ludwig's ouders en mijn moeder en zusje. Naarmate de dag verstreek en de meisjes het goed bleven doen, groeide onze hoop dat ze het zouden halen. Ondertussen probeerden we zoveel mogelijk te lezen en informatie in te winnen over de overlevingskansen van premature kindjes. Diezelfde dag kwam ook nog een lieve vriendin van me, die zelf een kindje had dat enkele weken te vroeg geboren was en die dus onze angsten maar al te goed verstond.
Er was ons gezegd dat de eerste 48 uur ontzettende belangrijk waren.
Die nacht belden we om de 2 à 3 uren naar neonatologie en steeds waren de berichten geruststellend. Toen we 's ochtends (zaterdag) hoorden dat onze lieverds het nog steeds prima deden, groeide ons vertrouwen verder. We vroegen mijn schoonouders om ons dochtertje Celia (die toen 2,5 jaar was) mee te brengen om naar haar zusjes te komen kijken. Verder die dag nog bezoek van mijn vader (die tot dan met skiverlof was) en moeder. In de late namiddag kwam nog een goede vriend, die we als peetvader van Maira uitgekozen hadden. We namen hem mee naar neonatologie om onze meisjes te laten zien. Bij Maïra sloeg me echter de schrik om het hart want ik zag meteen dat ze bloedblaasjes op haar mondje had. Ik riep de verpleegkundige, die bevestigde dat het al een uurtje minder goed met Maira ging maar dat het bloed afkomstig was van een gesprongen adertje in haar wang en dat dat vaker voorkomt.
Enigszins gerustgesteld gingen we even later terug naar onze kamer. Een uurtje later ging Ludwig even naar huis om schone kleren te halen en wat te eten. Toen Ludwig weg was en ik alleen achterbleef, was ik van plan om even wat te rusten maar ik belde toch intuïtief nog even naar neonatologie. Ik kan niet beschrijven wat er door me heen ging toen ik een arts aan de lijn kreeg, die me vertelde dat Maira een longbloeding had gehad en dat het erg slecht met haar ging. Ik belde Ludwig maar kon hem pas een uurtje later bereiken. Hij schrok natuurlijk erg en beloofde onmiddellijk terug te komen. Daar zat ik dan alleen en ik kon zelf nog niet het bed uit. Ik belde terug en de verpleegkundige zei dat alles terug onder controle was met Maira en Raïsa leek nog stabiel te zijn en dat ik best even zou rusten. Dat probeerde ik en ik was net aan het indoezelen toen plots Ludwig ongelooflijk hard huilend de kamer kwam binnengestormd. Toen hij terug kon spreken vertelde hij dat hij in de lift de kinderarts was tegengekomen, die hem gezegd had "ga onmiddellijk naar je dochtertje toe voor het te laat is, ze heeft zojuist een zeer ernstige hersenbloeding gehad. Wat de gevolgen van de hersenbloeding waren, kon ons op dat moment nog niet verteld worden. Toen we Maira zagen, lag ze er doodstil bij; ze had een spierverlammend medicijn gekregen omdat iedere beweging haar onnodig zou uitputten!
Die nacht hebben we allebei om een slaappilletje gevraagd; we waren werkelijk aan het einde van onze krachten en hadden een beetje slaap nodig.
Zodra we wakker waren, enkele uren later, begon het piekeren weer. Er werd ons gezegd dat de Maira terug gestabiliseerd was maar dat een hersenscan, die later die dag zou genomen worden, zou uitwijzen hoe groot de schade was van de hersenbloeding. Raïsa bleef voorlopig stabiel maar 'progressie was te verwachten', wat dat betekende zouden we pas later begrijpen.
Ook kregen de meisjes af te rekenen met leverproblemen en moesten ze onder de lamp, wat erg akelig om te zien was.
We hadden echt een afschuwelijke dag, ik bleef maar huilen en huilen en wou liefst zelf dood gaan. Later die avond bleek helaas dat ook Raïsa de vorige dag al een - weliswaar lichte - hersenbloeding had gehad. De grond werd echt helemaal onder onze voeten uitgemaaid, toen ons verteld werd dat de hersenscan had uitgewezen dat Maira een hersenbloeding Graad IV (ergste) had gehad. Als dit bevestigd werd bij de volgende scan, betekende dit dat ons mooie kleine meisje nooit iets zou kunnen; ze zou zowel lichamelijk als geestelijk heel erg gehandicapt zijn. Met dit nieuws moesten we die lange eenzame nacht in. De volgende morgen (maandag) werd het slechte nieuws bevestigd door de arts van neonatologie; ook de tweede hersenscan gaf hetzelfde resultaat. Er was geen enkele hoop meer voor Maira. Later die dag is ons kleine meisje in onze armen gestorven.
We hebben haar toen voor het eerst in onze armen kunnen houden en kunnen knuffelen. Toen ik haar in mijn armen nam, besefte ik nogmaals dat zo'n klein meisje enkel veilig in moeders buik thuishoort en nergens anders. We hebben haar samen een badje gegeven en piepkleine kleedjes aangedaan, die toch nog veel te groot bleken te zijn.
Na het afscheid van Maira; had ik het gevoel dat ik geen moment langer in het ziekenhuis kon blijven, alhoewel Raïsa nog voor haar leven lag te vechten. Ik kreeg toestemming om naar huis te gaan en we gingen nog even bij Raïsa kijken voor we weg gingen; ze deed haar oogjes open en ik zag onmiddellijk dat er iets niet in orde was. Ze leek zo ver weg; haar oogjes stonden zo vreemd maar de verpleegkundige zei me dat voor zover ze wist haar toestand stabiel was.
De rit terug naar huis leek eeuwen te duren maar wat was ik blij dat ik thuis was en dat ik Celia terug bij me kon hebben. Verder was het één en al verdriet en dat werd alleen nog maar erger toen ik 's avonds naar neonatologie belde om te informeren hoe het met Raïsa was. Ik kreeg een arts aan de lijn, die me alleen maar kon vertellen dat de hersenscan had uitgewezen dat Raïsa's lichte hersenbloeding 'progressie' had gemaakt naar graad IV. De volgende dag heeft ook ons tweede meisje de strijd moeten opgeven en is in onze armen ingeslapen, omringd door onze liefde. Ook Raïsa hebben we nog liefdevol een badje gegeven, geknuffeld en aangekleed.
Onze twee meisjes waren terug samen...

Schrijf
je in ons gastenboek? 
Lees
je ons gastenboek?

Terug naar TweelingEngeltjes.