Het is niet
aan mij om hier reclame te maken voor de gemeente of het dorp Mierlo. Daartoe
zijn ze zelf zeer wel in staat. Bovendien kun je op het WWW op diverse plaatsen
naar hartelust genieten van al het schoons dat Mierlo te bieden heeft, zowel het
dorp als de directe omgeving. Een wat ouder
beschrijving brengt ons meer in de sfeer van onze voorouders: Trefwoord: MIERLO Uit: A.J. van der Aa Aardrijkskundig Woordenboek der Nederlanden Deel L-M pag. 955-956 Gorcum 1839
Gem. In de Meijerij van ’s-Hertogenbosch, kw. Peelland, prov. Noord Braband, Derde distr., arr.
Eindhoven, kant. Helmond (7k.d., 29 m. k., 4 s. d.); palende N.W. aan de gem.
Stiphout, N.O. aan Helmond, Oost aan Lierop, Z.W. aan Heeze en Geldrop, W. Aan
Nuenen-Gerwen-en-Nederwetten. Deze gem. bevat de voorm.
afzonderlijke heerl. Mierlo, Broek en Hout. Men telt er 314 huizen, bewoond door
504 huisgez. Uitmakende eene bevolking van 2070 inwoners. De landbouw is het
voornaamste bestaansmiddel der ingezetenen; eigenlijk gezegde fabrijken, behalve
eene katoenbleekerij, een oliemolen, een korenmolen en eene brouwerij, bestaan
hier niet, ofschoon er over de honderd wevers van linnen, katoenen en
wollenstoffen worden gevonden, welke hier voor de fabrikanten van Eindhoven en
elders weven. De grond is er over het
algemeen schraal en zavelig, de weiden geven wel veel gras, doch het is op
sommige plaatsen ongezond voor het vee. Hoezeer de ingezetenen van
deze plaats zich vlijtig toeleggen op het bebouwen van heidegronden, er is
echter nog drie vijfde gedeelte onbebouwde grond voorhanden, om welke ter
bebouwing te brengen, in de eerste plaats mest vereischt wordt, welke wanneer de
rivier de Aa tot Helmond bevaarbaar gemaakt werd, tot op een half uur van deze
plaats kon aangevoerd worden. ----- Mierlo heeft vele schaarbosschen. Als navolgenswaardig dient
hier vermeld te worden, dat men in het jaar 1801 over de bebouwd geworden heide,
een lijnrechte weg naar Helmond heeft aangelegd. De Zuid-Willemsvaart loopt
door het Oostelijke gedeelte dezer gem. De inw. ,welke op 13 na, alle R.K. zijn,
onder welke 1500 Communicanten, maken eene parochie uit, welke tot het apost.
vic. gen. Van ’s-Hertogenbosch,
dek. Van Helmond, behoort. De abdij van Tongerloo liet deze kerk, van welke zij
het begevingsregt had, sedert het jaar1316 tot 1818 door eenen Kannunik
bedienen; thans wordt de dienst door eenen Pastoor en eenen Kapellaan verrigt.
Onder de pastoors, welke hier vroeger gestaan hebben, verdienen melding
Theodurus Verbraken, die er van 1606-1629 in bediening was, als wanneer hij tot
Abt van Tongerloo benoemd werd, en Matthaeus Guillielmi, eigenlijk Matthijs
Willems, die er in 1635 kwam en den 4 Augustus 1656 aldaar overleed, na zich als
Schrijver van eenige werkjes, over kerkelijke geschiedenissen en geestelijke
oefeningen, te hebben bekend gemaakt. De 13 Herv., die hier
wonen, behooren tot de gem. Van Nuenen-Mierlo-Gerwen-en-Wetten. Men heeft in deze gem.
Eene school, welke gemiddeld door 180 leerlingenbezocht wordt. Deze gem. Maakt thans eene
heerl. uit, onder den naam van Mierlo-Hout-en-Bosch. Zie dat art. Hieronder. MIERLO, voorm.
afzonderlijke heerl. In de Meijerij van ’s-Hertogenbosch, kw. Peelland, prov.
Noord-Braband, derde ditr., arr.Eindhoven, kant. Helmond; palende N.O. aan de
voorm. Afzonderlijke heerl. Broek, N. Aan de voorm. Afzonderlijke heerl. Hout,
O. Aan Lierop, Z. Met eene punt aan de vrijheid Someren en de heerl. Streksel,
Z.W. aan de bar. Van Heeze-en-Leende en de heerl. Geldrop. Deze heerl. bevatte het d.
Mierlo. Benevens de geh. Overakker, Doeswijk, Bekelaar, Marktstraat, Goor,
Looswijk, Klein-Vaerle, Berenbroek, Brandevoort en Hezeschoor. Reeds in het jaar 1292
werd deze heerl. afgepaald. In 1312 vindt men, dat Hendrik, Heer van Mierlo,
zijne vrije heerl. aan den Hertog van Braband opgedragen, en van hem weder ter
leen zou ontvangen hebben, hetgeen echter niet van het hoogste geregt te
verstaan is, want eerst in het jaar 1397 werd het hoog geregt van Mierlo, en het
hoog en laag geregt op de geh. Hout en Broek, aan Hendrik Dickbier van Mierlo
verpand, welke verpanding in of omtrent het jaar 1626 weder werd afgelost; dan,
bij verbaal accoord voor den Raad van Braband, in ’s-Gravenhage den 16
December 1706 gesloten, Is het hoog geregt van Mierlo, en het hoog en laag
geregt op het Hout en Broek aan de vrouwe van Mierlo afgestaan, en vervolgens
door de Algemeene Staten erfelijk aan haar opgedragen. De Heer van Mierlo plagt
daar vele geregtigheden uit te oefenen; onder anderen ook het regt van
korweiden, in welks bezit hij, bij vonnis van den Raad van Braband, van 23 Maart
1708, werd gehandhaafd. Het d. Mierlo, voorheen
ook wel eens Mierloe genoemd, en, in eenen oorspronkelijke brief van 1300, Mirlo
geschreven, hoewel waarschijnlijk de eigenlijke naam Mierlo geweest is, ligt 2
uur O. vAn Eindhoven, 1 uur Z.W. van Helmond, bij het beekje de Mierle. Dit dorp is niet fraai,
dewijl de huizen er zeer verspreid liggen. Men heeft er een klein en
onaanzienlijk raadhuis. Vele jaren na de vrede van
Munster kregen de R.K., bij oogluiking, eenige vrijheid, om de godsdienst uit te
oefenen in eene zeer geringe en kleine schuur. In het jaar 1750 werd aan hun de
door de Algemeene staten toegestaan dit kerkhuis te vernieuwen, en den27
december van het volgende jaar kregen zij verlof die schuur te mogen opbouwen
tot de grootte en gedaante der kerkhuizen van Nuenen en Geldrop. De oude
parochiekerk, welke in het jaar 1496 volbouwd is, erkent als Patronesse de H.
Maagd en Martelares Lucia. De R.K. zijn in het bezit en het gebruik daarvan
getreden den 8 September 1818. Deze kerk, welke een fraai en net gebouwen van
eenen schoonen en spitsen toren, doch van geen orgel voorzien is, ligt omtrent ¼ u. Van het dorp afgezonderd. Behalve eene kapel die
eertijds op het gehucht den Hout stond, heeft Mierlo nog een gesticht van
godsdienstige weldadigheid, het apostelhuis genoemd, eertijds met eene kapel en
eenen Ppriester, tot dienst en bijstand van twaalf oude mannen, die daarin
onderhouden worden. Zie voorts het art. Apostelhuis.--- Vroeger had men er ook
een kasteel. Zie Mierlo (Kasteel-van-). Mierlo is de
geboorteplaats van den Kardinaal van Guillielmus van Enckevoirt, geboren in het
jaar 1465 en + te rome 1534 en van Godefriedus van Mierlo die den 11 februarij
1570 tot tweeden Bisschop van Haarlem werd gewijd, en den 18 julij 1587, als
bisschop van Deventer overleed, na ook nog suffraan-bisschop van Munster te zijn
geweest. Er zijn hier twee
jaarmarkten, als: de eerste, den tweeden dingsdag van de vasten, en de tweede,
op dingsdag voor St. Cathrijn op welke laatste de prijs van het spek voor
Peelland bepaald wordt. MIERLO , gehucht in het
Land-van-Ravenstein , prov. Noord-Braband , Eerste dist. , arr. En 5 uur O. Van ’s-Hertogenbosch , kant. En 1 ½ u. O. van Veghel , gem. En 10 min. O. Van
Uden; met 24 huizen en 130 inwoners. Toevalligerwijze kwam ik dit gehucht nog eens tegen in:
Nieuwe beschrijving van het Bisdom van 'sHertogenbosch naar aanleiding van het
Katholiek Meijerijsch Memorieboek van A. van Gils door J.A.Coppens rooms
katholiek priester en rector te Handel, deel 4, 's Hertogenbosch, 1844 pag. 115
Daar stond: "Uden, eene oude heerlijkheid van het huis Valkenburg, welke later
met de heerlijkheid Herpen of Ravenstein werd vereenigd, bevat de gehuchten
Volkel, Bedaf, Betsik, Duifhuis, Eikenheuvel, hoeven, Hoogstraat, Loo, Mierlo,
de Slapert, Stabroek, Weeg en Wilsvoort en een gedeelte van Rad, hetwelk mede
aan Nistelrode onderhoorig is." Volgens de heer Luciën Bressers van "Het Uden-Archief
van Bressers" is hier echter sprake van Meerlo. Er is nog een Meerloseweg en hij
gaf me de volgende verwijzingen:
* “De betekenis en het ontstaan van de Wijk- en straatnamen in de Gemeente Uden” door A.R.W. v.d. Donk, Kruisheer. Uden, 1951:
Meerloseweg: Deze loopt als verlengde van de pastoor Spieringsstraat naar de
Meerweg op Melle. De oude naam van Melle was Meerlo. Deze naam treft men nog
dikwijls aan op oudere kaarten van Brabant. In Sleeswijk’s Atlas van Nederland
staat het gehucht Melle nog steeds aangegeven als Meerlo. Om de herinnering aan
deze naam te bewaren werd hij gekozen voor de weg, die naar die buurtschap
leidt. * “Straatnamenboek Gemeente Uden” door H. v.d.
Elsen e.a. Uden, 1997:
Letterlijk overgenomen uit A.R.W. v.d. Donk.
Het Kasteel van
Mierlo Over het kasteel van Mierlo kunt
u lezen in het werkje van Brock uit ca. 1820. Zie Brock
|