Voorheen

de Vereniging Toon Hermans fanclub

 
Aankondiging in blad van de NS

Brabants Dagblad van 11 augustus 2001:

Schilderen gaf Toon Hermans rust

Behalve een begenadigd cabaretier en een verdienstelijk dichter, was Toon Hermans ook iemand die graag schilderde. Het Singer Museum in Laren heeft een overzichtstentoonstelling ingericht.

Sommige mensen stonden vooraan in de rij toen Onze Lieve Heer kunstzinnige talenten uitdeelde. Armando is zo'n man die kan schilderen en schrijven en hij speelt ook nog verdienstelijk viool. Lucebert kon schilderen en dichten en fotograferen. Maar ook de vorig jaar overleden cabaretier Toon Hermans was een driedubbeltalent: een theaterman die naast zijn onvergetelijke liedjes en sketches vele bundels gedichten schreef en ook graag in het atelier van zijn huis verf en penselen pakte. Zeventig schilderijen hangen in het Singer Museum in Laren, het eerste overzicht van de levenskunstenaar Toon Hermans. 'Ik heb een palet met kleur, een pen met woorden, een piano met melodietjes en een theater met grappen. Het grootste deel van mijn leven ben ik een spelend kind. Het palet is mijn kleurkrijtje, de pen mijn griffel, de piano m'n mondorgeltje en het toneel is de speelplaats van de school van mijn leven.' Toon verwoordde zelf hoe weinig interesse hij had in getallen en wetmatigheden. In zijn mulo-tijd was hij liever bezig met versjes maken en tekenen. Emke Raassen, directeur van het Singer Museum: "In zijn geboorteplaats Sittard, waar hij tot 1942 woonde, had hij na de mulo een baantje als etaleur/decorateur. Hij moest daarvoor ook wel eens de kwast hanteren, maar echte schilderlessen, al waren het er dan maar een paar, kreeg hij in Sittard van George Tielens." Toon Hermans deed in 1942 op verzoek van de directeur van Carré auditie in Amsterdam en hij werd geëngageerd voor het cabaret van Carl Tobi. Vlak na de oorlog begon Toon bekendheid te krijgen door zijn optreden in het radioprogramma 'De Bonte Dinsdagavondtrein'. Hij bleef in Amsterdam en trouwde daar met de schoonheidsspecialiste Rietje Weytboer. Toon zou zijn vrouw zijn hele leven op handen dragen.

Liefdesverklaring

In het Singer Museum hangt een ontroerend portret van Rietje in de tuin. Het is een pure liefdesverklaring. In de mooiste kleuren die hij kon mengen, heeft Hermans gras en bloemen, een zomerjurk en een pronte blonde vrouw geschilderd. Heel aandachtig opgebouwd is dit figuurstukje dat als titel draagt 'Voor jou'. Het portret straalt enorme persoonlijke liefde uit. Die ode aan de vrouw, in het bijzonder aan de echtgenote, heeft Hermans gemeen met de schilder Chagall. Toon bewonderde de Russische schilder in hoge mate. Soms is dat te zien aan de thema's die hij aanraakt, een bruidspaar en een kerkje, maar Hermans was niet iemand die een bepaalde stijl aannam om die intensief te volgen. Zijn werk draagt sporen van grote schilders en van grote stromingen maar dat kan van zo veel schilders die een ontwikkeling meemaakten worden gezegd. Clowntje, bruidspaar, strandhuisje, lentetuin, kinderen: de thema's duiden op een onverbeterlijke optimist. Toch zijn er ook schilderijen met zware partijen te vinden, vooral in de dorpsgezichten. Maar je kunt die sombere doeken, ook al omdat Toon zijn werk nauwelijks dateerde, bijna niet relateren aan sombere periodes in zijn leven.

Platteland

De AVRO zond in 1957 de eerste One Man Show live op televisie uit. De komiek was op slag een nationale bekendheid en ontwikkelde zich, op de troon geflankeerd door Kan en Sonneveld, tot de onbetwiste keizer van de kleinkunst. Toon wilde doorstoten, Amerika veroveren. Hij deed succesvolle try outs in Canada maar hij liet het plan varen om op Broadway te gaan staan. Raassen: "Hij was inmiddels in Maastricht gaan wonen en bij zijn terugkeer wilde hij even wat anders en wijdde zich een poos volledig aan het schilderen. Toen ontstonden de portretten van zijn ouders, zijn kinderen en heel veel Limburgse landschappen." Hermans was allerminst een stadsmens. Hij was verknocht aan het platteland, voelde zich één met de natuur en hij wist de glorie van de schepping te benoemen. 'Ik behoor bij de gekken die bomen omhelzen. Ik ga met mijn blote voeten in het gras staan en voel de kracht van de aarde opstijgen uit de grond, door mijn voetzolen heen, dan door mijn hele lijf.' Hermans vatte zijn schilderwerk serieus op. Hij maakte notities in het veld, situatieschetsen, voorzien van talloze opmerkingen: 'tegenlicht' of 'twee rijen populieren, ook tegen de horizon'.
Maar het was geen regel dat hij schetste en eerst studeerde op een doek. Heel vaak begon hij ook spontaan te schilderen. Emke Raassen: "Toen zijn shows steeds meer van hem gingen vergen en hij het almaar drukker kreeg, nam het schilderen een steeds belangrijker plaats in zijn privé-leven: hij kon zich afreageren, dat impulsieve schilderen gaf hem een gevoel van rust en vrijheid." Hermans oeuvre is tamelijk onbekend. Pas in 1995 gaf Toon zich bloot, toen er een door hem zelf samengesteld boek over zijn schilderijen verscheen. Hermans zei bij die gelegenheid: "Ik schilder al een halve eeuw, breng mijn schilderijen niet naar buiten op exposities omdat ik ze eigenlijk voorlopig nog een beetje voor mezelf wil houden, maar ook met palet, penseel en verf heb ik nooit naar technieken gevraagd. In mijn jonge jaren begon ik met schilderen, omdat de kleur me aansprak. Niet eens de fijnere nuances, maar gewoon rood, wit en blauw... Nu na vijftig jaar doe ik het nog net zo." Als multidisciplinair kunstenaar was Toon Hermans autodidact. Componeren, zingen, schrijven en schilderen, hij had het zichzelf in vrijheid aangeleerd. Hij schreef teksten voor gedichten en liedjes, componeerde muziek zonder een noot te kunnen lezen en wist ook op het doek de juiste toon te treffen. 'Mediterranée... zo bloe... zo blauw...' zong de conferencier. En hij sprak: 'De kleuren van een liedje kun je zien en de kleuren van een goed schilderij kun je horen...'

____________________

Toon Hermans laat mijmeringen na in zijn Levensboek, dat vrijdag in zijn geboorteplaats Sittard wordt gepresenteerd. (ANP, 6 sep 2001)

De vorig jaar april gestorven entertainer had duidelijk een rotsvast geloof en zag de dood niet als het einde. "In de loop van mijn leven heb ik veel dierbare mensen verloren. Je mist dan de persoon, de gestalte, het ding, al de natuurlijke dingen die je samen hebt beleefd. Maar niet één van die vele is uitgewist of vervaagd, of helemaal opgehouden te bestaan. Onze zielen ontmoeten elkaar, dag in, dag uit. De verbinding is niet verbroken. Soms voel ik dat de doden meer leven dan de levenden. Er zijn momenten dat ik hun bijstand kan voelen."
Uitgeverij Fontein in Baarn stelde het boek samen uit notities die Hermans aan het eind van zijn leven maakte: flarden uit zijn jeugd, herinneringen aan zijn theaterbestaan, opmerkingen over het leven van alledag en meditaties over de zin van het leven. "Leven en aarde zouden wat mij betreft zonder Hem volslagen zinloos zijn", mijmerde Toon. "In ieder sprietje zie ik het werk van Zijn hand, in zeeën, bergen en dalen. In de fluisteringen van de wind hoor ik Zijn stem, of in het ruisen van de regen."

Amsterdam

Hermans schreef ook over zijn vertrek als jonge man uit Sittard, de stad die de artiest destijds maar een rare snuiter vond: "Mijn moeder, die zelf nooit verder was geweest dan Luik of Aken, vond het nogal gewaagd om in je eentje naar Amsterdam te gaan.
Dat vond ik ook wel. (...) Ik werd een beetje bang, Maar toch had ik ook iets van een vogeltje dat lang in een kooitje gezeten heeft en toen iemand per ongeluk het deurtje open had laten staan, was weggevlogen."

In Amsterdam toog Hermans meteen naar het Leidseplein: lopend, want met de tram was hem te eng. "Tijdens het lopen had ik de meest vreemdsoortige gedachten. Het ene momentdacht ik: was ik maar thuisgebleven. Ik ben veel te klein voor deze grote wereld. En het andere moment dacht ik: hier komt een groot artiest, hij zal jullie wel eens wat laten zien."
In het Singer Museum in Laren is momenteel een tentoonstelling van schilderijen van Toon Hermans te zien. 12.000 Mensen hebben haar sinds de opening op 12 augustus bezocht. De expositie is nog tot 4 november te bezoeken.

____________________

Luisteren naar de schilderijen van Toon

LAREN (ANP) - "Van een goed liedje zie je de kleuren, een mooi schilderij kun je horen", zei Toon Hermans eens. Wie de gestorven entertainer nog eens wil 'horen' kan vanaf zaterdag terecht in het Singer Museum in Laren. Daar is een expositie van Toons schilderijen en tekeningen. Of die ook zou zijn gehouden als de 65 ongecompliceerde, meestal vrolijk gekleurde werken van een ander dan van Toon waren, vindt samenstelster Emke Raassen een vraag die niet aan de orde is. Hermans wordt in Laren getoond als een uiterst creatief mens, die naast theatershows ook nog eens lustig schilderijen voortbracht, dat laatste overigens uitsluitend voor zichzelf. "Als hij zich alleen op het schilderen had toegelegd, wie weet hoe ver hij dan op dát gebied was gekomen", mijmert Raassen, die Hermans als schilder 'verdienstelijk' vindt. "We gaan hem als schilder niet in de kunsthistorie plaatsen", aldus medesamenstelster Katja van Wamel. "Dat zou hij ook niet hebben gewild. Het schilderen was voor en van hém en hij exposeerde vrijwel nooit iets, uitgezonderd een enkele keer voor een goed doel. Hij wilde niet met andere schilders worden vergeleken. Hij had geen pretenties, net als op het podium trouwens. Daar maakte hij van niets iets bijzonders en de schilderijen hier hebben door zijn hand toch ook vaak wel iets heel aparts."

Landschappen

Van Wamel gaat bij een enkel schilderij flink verder dan de kwalificatie 'verdienstelijk'. "Dit kerkje hier heeft met die achtergrond toch wel iets van Chagall. Toon bewonderde hem erg en deed zijn best te weten te komen wat voor man Chagall was. Hij heeft eens een hotel gehuurd naast dat waarvan hij wist dat Chagall er zat. Toen de schilder naar buiten kwam, is hij achter hem aangewandeld om naar hem te kijken. Aanspreken ging hem kennelijk te ver."
Hermans schilderde vooral landschappen met veel aandacht voor bomen, stillevens en verder een enkele keer een portret, zoals van zijn ouders, van zijn jongste zoon Gaby en van zichzelf. Zo is er een zelfportret in potlood en krijt van voor de oorlog, waar een romantisch verhaal omheen hangt. Van Wamel: "Het is uit de tijd dat hij nog in zijn geboorteplaats Sittard woonde. Hij had toen een relatie met Gertie van Houdt, maar haar vader zag Toon, die artiest en voor Sittard behoorlijk excentriek was, niet zitten. Toon is in 1942 naar Amsterdam verhuisd, maar bleef met Gertie corresponderen via een vriendin van haar, zodat haar vader niets merkte. In die periode heeft hij dit portret van hemzelf voor haar gemaakt en naar die vriendin gestuurd. Gertie verstopte het op zolder, waar het in de jaren vijftig werd gevonden door anderen die het huis hadden gekocht. Aan deze familie behoort de tekening nog steeds toe."

Selectie

Praktisch de gehele artistieke nalatenschap, dus ook de beeldende kunst, behoort toe aan de Stichting Toon Hermans. Deze organisatie, waarbij Toons zoons Maurice en Gaby vergaand betrokken zijn, wil de waarde van de artiest Hermans blijven uitdragen. Het idee voor de expositie kwam echter niet van de Stichting, vertelt Raassen: "Ze vroegen of wij de schilderijen in onze depots konden onderbrengen. Daar hebben wij echter helemaal geen plaats voor en ze moeten nu nog steeds een oplossing vinden om ze onder de beste omstandigheden op te bergen. Maar bij ons in het Singer ontstond wel meteen het idee om een tentoonstelling te gaan maken. Die is ook echt ons werk geworden. Wij hebben de selectie gemaakt. We hebben de doeken gekozen die we de beste vonden en waarmee we tegelijk voldoende variatie in de tentoonstelling konden aanbrengen."
Het was moeilijk een bepaalde tijdlijn te volgen, want Toon dateerde vrijwel niets, behalve de portretten van zijn kinderen bijvoorbeeld. "Hij hechtte niet aan feiten, jaartallen en dat soort dingen. Daarover dacht hij niet. Hij werkte ook heel impulsief, ging zomaar aan het werk, zonder vooruit bedacht plan of een eerder gemaakte schets."

Onderweg

"Zijn ideeën deed hij vaak op als hij naar zijn shows reed. Dan zag hij vanuit de auto een mooi landschap en dacht: hé, even onthouden voor een schilderij", vertelt Raassen. Soms kwam Toon thuis na een show en schilderde de hele nacht, dan weer tijden niet. Er valt geen patroon in de frequentie te ontdekken. Hij schilderde wanneer hij er behoefte aan had en die behoefte kon er op alle momenten en onder alle omstandigheden zijn. Wel is duidelijk dat de meeste werken stammen uit de jaren zestig, zeventig en tachtig, de periode ook waarin hij het drukste was met zijn one-man-shows. Ook is het zeker dat hij nooit op locatie schilderde, maar altijd thuis.

De tentoonstelling Toon Hermans, Levenskunstenaar is te zien tot en met 4 november, op alle dagen van de week behalve de maandagen.
____________________