![]() |
| De brief aan Hitler x |
|||
| Het exemplaar van de "Verklaring"dat voor Hitler persoonlijk bestemd
was, ging vergezeld van een brief waarin een korte toelichting van de standpunten van het
Wachttoren Genootschap ten opzichte van Duitsland werd gegeven, en waarin nogmaals
opgeroepen werd tot tolerantie van de activiteiten van Jehovah's Getuigen.
(Transcriptie van de Duitse tekst)
|
|||
De brief benadrukt ten zeerste de Duitsgezinde houding van het Genootschap door de jaren heen, en gaat hierin zelfs zover te verklaren dat de gevangenisstraf van Rutherford en de zijnen in 1918 uitsluitend een gevolg was van de weigering stelling te nemen tegen Duitsland:
Een van de claims van het Wachttoren Genootschap is, dat men in de lectuur reeds sinds 1929 waarschuwde en stelling nam tegen het nationaal-socialisme. In de brief wordt echter verklaard:
Nooit hadden Jehovah's Getuigen zich in hun lectuur tegen Duitsland, en dus haar regering, gekeerd, zo werd gesteld, in tegendeel, het stelde juist Duitslands vijanden aan de kaak. Over de intentie van de "Verklaring" laat ook de brief geen misverstand bestaan. Jehovah's Getuigen zijn Duitsland vriendelijk gezind, en veroordelen met haar haar vijanden, de Volkerenbond, en in het bijzonder Engeland. Banden met Joden worden nogmaals ontkend, en voor de vrijheid van uitoefening van hun geloof wordt een beroep gedaan op door Adolf Hitler zelf ingestelde principes, met de verwijzing dat de door Jehovah's Getuigen aangehangen princpes niet tegen het "zinnelijkheid- en moraliteitsgevoel van het Germaanse ras" in gaan.
|
![]()