De Locomotief 11-14 van de stoomtramlijn Tiel-Buren-Culemborg

De stoomtramlijn Tiel-Buren-Culemborg werd op 19 november 1906 voor het publiek opengesteld. De eerste dag werden meer dan 180 personen vervoerd. Ook het goederenvervoer was bevredigend. Er werden vooral zendingen van aardappelen, fruit, granen en levend vee verwacht. In de verschillende gemeenten waren agentschappen gevestigd die o.a. tot taak hadden pakjes voor vervoer aan te nemen. Meestal reed er een post-bagagewagen mee waarin naast de post ook de stukgoederen werden vervoerd. De conducteur zorgde voor het laden en lossen. Zaterdags reed er een speciale veetram t.b.v. de veemarkt te Utrecht.Het vervoeren van goederen kostte niet duur. Verzending van goederen tot 1000 kg Fl 0,95 en goederen tot 5000 kg Fl. 0,55.

Over de rit van Tiel naar Culemborg, een afstand van 24 km, deed de tram ongeveer anderhalf uur. Dit was ca. 16 km per uur. De wettelijk toegestane snelheid bedroeg 20 km.per uur. Het materieel van de stoomtramlijn Tiel-Buren-Culemborg was echter geschikt voor veel hogere snelheden. Dezelfde rijtuigen reden bij de RTM wel 50 km per uur.

Al in 1908 bleek dat het trambedrijf het zonder extra financiële steun niet zou kunnen bolwerken. Zelfs in de eerste jaren kwam de opbrengst per kilometer per dag niet boven de drie gulden. Sommige trambedrijven in het land hadden ontvangsten van tien tot vijftien gulden per dag per kilometer.

Er werden dan ook al snel extra subsidieaanvragen aan gemeente- en polderbesturen gericht waaraan in het algemeen wel werd voldaan. Ook werd iedere belanghebbende aangeschreven voor een bijdrage van minimaal 10 gulden.

Ondanks dat verschillende instanties subsidie verleende was de financiële situatie in 1910 verder verslechterd. Zowel het reizigers- als het goederenvervoer bleven ver beneden peil.

Het uitbreken van de eerste wereldoorlog was de genadeslag voor de stoomtram Tiel. Buren. Culemborg. De kosten voor het onderhoud stegen onrustbarend, de steenkoolprijs liep op tot ƒ 600,-- per 10 ton en de ontvangsten zakte. In augustus van het eerste oorlogsjaar vielen de eerste ontslagen en werd het aantal ritten tijdelijk teruggebracht van 6 tot 4 per dag. Dit had ook te maken met het feit dat een deel van het personeel opgeroepen werd voor militaire dienst.

Toen kwam echter de grote tegenslag. De provincie weigerde het verzoek om steun met het argument dat de exploitatie van de lijn in handen moest komen van een kapitaalkrachtiger lichaam dan de bestaande maatschappij. Dit betekende het doodvonnis van de N.V. Stoomtram Tiel-Buren-Culemborg De dagen van de stoomtram tussen Tiel en Culemborg waren geteld. De dienst werd met ingang van 3 maart 1918 gestaakt.


De Havendijk te Culemborg met op de voorgrond de aftakking van de tramlijn naar het veer

De tram op de Markt in Beusichem

De remise van de stoomtram Tiel-Buren-Culemborg te Buren

Personenrijtuig AB 395

Dit rijtuig werd in 1906 gebouwd door Allan in Rotterdam en geleverd aan de Stoomtram Tiel-Buren-Culemborg. Na het faillissement van dit bedrijf in 1918 ging het naar de Rotterdamse Tramweg-Maatschappij (RTM). De RTM exploiteerde vanaf 1898 een uitgebreid net aan tramverbindingen vanuit Rotterdam naar de Zuid-Hollandse en Zeeuwse eilanden.

Het 2e klas interieur van wagon AB 395
De wagon is te bezichtigen bij het Nederlands Stoommachine Museum in Hoorn.
Culemborg, zoals het was
Stoomtram Tiel-Buren-Culemborg
Terug naar thuispagina
Reageer per e-mail

 

Haltes

Conducteur

Tramlied



 

 

 

 

 

 

 

 

   

 

 

 


 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


Geraadpleegde literatuur:
H.A, van Lith, "De geschiedenis van de stoomtram Tiel-Buren-Culemborg", Fa. D. J. Thijsen, Buren.
Culemborgse Courant, 20 november 1964

  Naar boven