Henk van Woesik en Frans J.P.M. Kwaad
In een eerdere website (Hoorn en het binnenwater) zijn een aantal waterstaatkundige aspecten van Hoorn en omgeving in de 13e-17e eeuw behandeld, zoals de overgang van de natuurlijke afwatering van het hoogveengebied van West-Friesland naar een kunstmatige polderwaterhuishouding, het ontstaan van de Tocht en de relatie met de Oosterpolder. In de onderhavige website wordt meer in detail ingezoomd op de geschiedenis van de waterhuishouding van Hoorn vanaf ca. 1350. Speciale aandacht krijgt daarbij de polder de Westerkogge. Het grondgebied van Hoorn behoort in waterstaatkundig verband vanaf het ontstaan van de stad grotendeels tot de (latere) Oosterpolder en voor een klein deel tot de (latere) Westerkoggepolder. Om die reden wordt uitvoerig ingegaan op de waterhuishouding van deze twee polders. Hoorn en de Ooster- en Westerkoggepolder loosden hun water op de Zuiderzee. De stijging van het waterpeil van de Zuiderzee vanaf 1350 tot de bouw van de Afsluitdijk in 1930 wordt daarom ook in de beschouwing betrokken.
De tekst is beschikbaar als pdf-document en kan worden opgevraagd door hier te klikken. Hiervoor is het programma Acrobat Reader nodig.
De tekst is nog in bewerking en wordt gepresenteerd onder voorbehoud van wijzigingen. De site staat open voor commentaar van bezoekers. Richt uw op- en aanmerkingen aan E-mail .
Hieronder volgt enige informatie over de bodemgesteldheid van de Polder de Westerkogge en Oosterpolder.
Geologische kaart van Hoorn en omgeving met daarop ingetekend de
Westerkoggepolder en de Oosterpolder (Uit:
Westerhoff, de Mulder en de Gans,1987).
Legenda:
Lichtblauw: Afzettingen van Calais (vroeger genoemd Beemsterafzettingen)
Groen: Afzettingen
van Duinkerke incl. kreekruggen (vroeger genoemd Westfriese Afzettingen)
Bruin:
Veen (Hollandveen)
Het Hollandveen bedekte ooit het hele getoonde gebied (en de rest van West-Nederland en het Zuiderzeegebied). Tijdens de eerste eeuwen van de ontginning, vanaf ca. 1000 AD, is het veen vrijwel volledig uit West-Friesland verdwenen. Hierdoor is het bodemoppervlak (het zgn. maaiveld) sterk gedaald. Rond 1000 AD lag het maaiveld op enkele meters boven zeeniveau. Door het verdwijnen van het veen is het gedaald tot onder NAP. Zo ligt de Westerkoggepolder thans op 2,5 tot 3 m -NAP en de Oosterpolder op 0 tot 1,5 m -NAP. De daling van het maaiveld bracht uiteraard grote problemen op het gebied van de waterhuishouding met zich mee die ons tot op de dag van vandaag bezighouden. Hierover handelt de onderhavige website.
De Afzettingen van Calais die in de Westerkoggepolder aan de oppervlakte liggen, lopen naar het noorden en oosten door onder de Afzettingen van Duinkerke en zijn dus in de Oosterpolder in de ondergrond aanwezig. De volgende geologische doorsnede geeft een beeld van de profielopbouw:
Deel van een noord-zuid verlopende doorsnede door de bodem van Noord-Holland.
Het profiel loopt tot een diepte van 24 m -NAP (Uit: Pons en Wiggers, 1959-1960).
De Westfriese Afzettingen zijn gevormd in twee fasen die door veenlaagjes
(zwart) van elkaar en van de onderliggende Beemsterafzettingen worden gescheiden.
In de Westfriese Afzettingen komen met zand opgevulde getijgeulen voor
die tot diep in de ondergrond zijn ingesneden. Door zgn. differentiële
inklinking van de bodem lopen de geulopvullingen thans als lage ruggen
door het landschap.
Bezoek ook de volgende websites met aanvullende en achtergrondinformatie
over de geschiedenis van Hoorn:
Het
ontstaan van West-Friesland: de geologie en de bewoningsgeschiedenis
De
veenbedekking van West-Friesland
West-Friesland
op oude kaarten
Hoorn
en het binnenwater: de Tocht, de Oosterpolder en zout water in de grachten
De
geschiedenis van de Hoornse riolen volgens P. van Akerlaken
De
kroniek van Hoorn door Velius
Bouwstijlen
en geveltypen van historische woonhuizen in Hoorn uit de periode 1540-1940
De
geschiedenis van het Normaal Amsterdams Peil (NAP) en de stijging van de
zeespiegel
Literatuur
Pons, L.J. en Wiggers, A.J., 1959-1960. De
Holocene wordingsgeschiedenis van Noord-Holland en het Zuiderzeegebied.
Deel I en II. Tijdschrift Koninklijk Nederlands Aardrijkskundig Genootschap,
76 (pp. 104-152), 77 (pp. 3-57).
Westerhoff, W.E., de Mulder, E.F.J. en de Gans,
W. (1987). Toelichting bij de geologische kaart van Nederland 1:50
000. Blad Alkmaar West (19W) en Blad Alkmaar Oost (19O). Rijks Geologische
Dienst, Haarlem, 227 pp.
Hoorn, 2 november 2005